Thomas Merton; uit zijn dagboeken 3 Over ons zelf

Een van de meest bekende teksten van Thomas Merton is zijn ‘Louisville‘ ervaring.  Maar lezend in zijn dagboek kwam ik nog een paar teksten van hem tegen, uit dezelfde tijd (1958), die ook iets weergeven van de fundamentele doorbraak naar heel nieuwe perspectieven in zijn theologie. Deze teksten geven blijk van een, voor mij, heel ‘andere’ kijk op God, onszelf en de wereld om ons heen. Voor mij werkt deze wijze van theologiseren genadevol verbindend en dynamiserend. Ik heb ze vertaald. Vertalen is overigens een prachtige vorm van geestelijke lezing.

Hier de opening met een prachtige natuurbeschrijving en vervolgens een verhelderende overdenking over ons zelf.

2 Oktober 1958 Feest van de Beschermengelen

Schitterende en verrukkelijke dag, heldere zon, licht briesje die alle blaadjes en het hoge bruine gras doen glanzen. Het zingen van de wind in de cederbomen. Uitbundige dag waarin zelfs een modderpoel in de zwijnenstal blinkt als kostbaar zilver.

foto Thomas Merton

Ik kom uiteindelijk tot de conclusie dat mijn hoogste ambitie is te zijn wat ik allang ben. Dat ik nooit mijn plicht zal vervullen om mijzelf te overstijgen als ik niet eerst mijzelf accepteer. En dat ik zelfs dan, als ik mijzelf volledig op de juiste wijze accepteer, mijzelf al overstegen heb. Want het is mijn niet geaccepteerde zelf wat in de weg staat en zal blijven staan zolang het niet geaccepteerd is. Als het geaccepteerd is – is het mijn opstapje naar wat wat boven mij is. Omdat dit de manier is waarop de mens door God geschapen is. De Oerzonde was de poging zichzelf te overstijgen door “als God”- en dus ongelijk onszelf, te zijn. Maar ons gelijke op God begint thuis. We moeten eerst als onszelf worden en en stoppen met het leven “buiten onszelf”.

11 april 1964

Ik denk dat het nu toch het moment is om terug te komen op alles wat ik heb gezegd over je “echte zelf”, enz., enz.. En dat ik moet zeggen dat er uiteindelijk geen verborgen mysterieus “echt zelf” is, iets anders dan of “verborgen achter” het zelf dat je bent. Het “echte zelf” is geen ding/object. Ik heb dat volledig verkeerd voorgesteld door de schijn van een belofte dat het, op de een of ander wijze, te kennen zou zijn. Soms als beloning voor diepzinnig inzicht en/of oprechte toewijding. In ieder geval als een geestelijk spitsvondige lenigheid om de realiteit een stap voor te blijven. Het empirische zelf moet echter ook niet als volledig “echt” worden gezien. Dit is het punt waarop illusies beginnen.

Mei 1965 (Day of a Stranger)

In een tijd waarin er veel gepraat wordt over het “jezelf zijn”, behoud ik voor mijzelf het recht om mezelf te vergeten, aangezien er maar een hele kleine kans is dat ik iemand anders ben. Ik heb veel meer de indruk dat men, wanneer men zo gefocust is op het “zichzelf zijn”, het risico loopt een schaduw te imiteren.

zie ook deel 1 / deel 2

Frits de Lange; een (zich) ‘bekerende’ gereformeerde mysticus

Wat een prachtig interview met hem bij Het Vermoeden. Een man gedoopt in de teksten van Dietrich Bonhoeffer en Simone Weil. De boeken die hij hierover geschreven heeft staan integraal op zijn website! Zijn artikelen over de ‘ouder wordende mens‘ in Trouw, een paar jaar geleden, hadden mij al heel erg aangesproken.

Ik heb vreselijk de neiging te reageren maar ik vind dat je de uitzending gewoon moet zien. Het ‘Godsbeeld‘ maar ook het ‘mensbeeld’ (zijn kijk op het ‘ik’) en wat ‘bekering is’, wat uit dit interview naar voren komt is …. Nee, ik doe het niet; gewoon kijken. Een man die is blijven leren en steeds minder ego heeft gekregen? Dat kom je niet veel tegen. Ja alleen bij mystici… De Heilige Tekst uit dit interview geef ik hier, als smaakmaker, weer.

De oneindigheid van tijd en ruimte scheiden ons van God. Wij kunnen geen stap in de richting van de hemel doen. God komt door de kosmos heen tot ons. Over de eindeloze tijd en ruimte komt Gods nog oneindig eindelozer liefde, om ons aan te raken.
Wij hebben de macht hem toe te laten of de toegang te weigeren. Als wij doof blijven voor zijn komst, dan komt hij, net als een bedelaar, keer op keer terug, maar op een dag komt hij niet meer. God legt een heel klein zaadje in ons en gaat dan heen.
Vanaf dat tijdstip hebben wij noch God, iets anders te doen dan te wachten. Wij moeten alleen maar onze toestemming, ons jawoord, blijven beamen. Dat is moeilijker dan het lijkt, want het groeien van het zaad in ons doet pijn.
Uiteindelijk groeit het zaad uit eigen kracht. Eens komt het ogenblik, dat de ziel God toebehoort, waarop zij niet alleen maar met de liefde instemt, doch werkelijk zelf liefheeft. Het is Gods liefde voor zichzelf, die door de ziel heengaat. Alleen God is in staat God lief te hebben.

Simone Weil – uit: Wachten op God

En aan het eind deelt hij een tekst van Meester Eckhart;

Geef acht op jezelf
en daar waar jij jezelf aantreft
laat jezelf daar los

Zijn nieuwste boek heb ik aan mijn vrouw, die stafmedekster Kwaliteitszorg in een grote zorginstelling  is, cadeau gedaan.

En dit, over een ‘persoonlijk God’, moet je ook lezen. En natuurlijk zijn artikel in Trouw over ‘Compassie‘.

Inmiddels staat de tekst van het interview ook op zijn website.

Thomas Merton; uit zijn dagboeken 2 God en Mens

Een van de meest bekende teksten van Thomas Merton is zijn ‘Louisville‘ ervaring.  Maar lezend in zijn dagboek kwam ik nog een paar teksten van hem tegen, uit dezelfde tijd (1958), die ook iets weergeven van de fundamentele doorbraak naar heel nieuwe perspectieven in zijn theologie. Deze teksten geven blijk van een, voor mij, heel ‘andere’ kijk op God, onszelf en de wereld om ons heen. Voor mij werkt deze wijze van theologiseren genadevol verbindend en dynamiserend. Ik heb ze vertaald. Vertalen is overigens een prachtige vorm van geestelijke lezing.

Wat mij hier aanspreekt is de creatieve samenwerking tussen God en ons.

3 Augustus 1958

Altijd hele mooie inzichten te vinden bij Romano Guardini over Voorzienigheid.
Bijvoorbeeld, dat de de wil van God niet een ‘lot’ is waaraan we ons onderwerpen, maar een creatieve handeling, in ons leven; wat iets totaal nieuws realiseert (of daarin faalt). Iets wat tot dan toe totaal niet te voorzien was volgens de gangbare wetmatigheden en schijnbare patronen. Onze samenwerking (het eerst zoeken van het Koninkrijk van God) bestaat niet in het eenvoudigweg gehoorzamen aan wetmatigheden maar bestaat in het openstellen van onze wil voor deze creatieve daad, welke wij moeten zien te hervinden in en door onszelf, van de wil van God.
Dit is mijn ultieme doel – alles opzij zetten. Ik wil niet alleen maar voor en door mijzelf een nieuw leven en een nieuwe wereld creëren, maar ik wil dat God hen in en door mij schept. Dit is cruciaal en fundamenteel – hiermee kun je dus nooit alleen maar simpelweg een Marxistisch communist zijn.
Ik moet een nieuw leven leiden en er moet een nieuwe wereld tot aanzijn worden geroepen. Maar niet door mijn plannen en door mijn rusteloze activiteit.

Deel 1 Inclusieve Christus Deel 3 Over ons zelf

Erik Borgman; een relevante en inspirerend theoloog!

Ik noem J.J. Suurmond steeds als een, voor mij, inspirerende theoloog maar dan moet ik Erik Borgman ook noemen. Hij is een ‘leerling‘ van Edward Schillebeeckxs. Wat Jean Jacques is op het gebied van spiritualiteit is Erik Borgman voor mij op het gebeid van maatschappelijk relevante spiritualiteit. Vandaag ook weer in Trouw (Het kwaad). Een prachtig interview door Wilfred van der Poll (doet leuke dingen!) Een mooi citaat:
“Maar als ik in die verontwaardiging (over seksueel misbruik in de kerk) blijf hangen, kan dat ook een manier zijn om mijzelf buiten schot te houden. Want ik die verontwaardigd ben, ik hoor natuurlijk aan de goede kant. Ik splits de mensen op in kwaden en in goeden, en houd het probleem van me af. Het kwaad is elders en goddank niet in mij. Daarmee zou ik, paradoxaal genoeg, een patroon voortzetten dat nu juist zo problematisch is gebleken.”

Het kwaad moet niet alleen aan de ander worden toegeschreven maar slaat ook altijd op mijzelf terug. Moet mij aan het denken zetten over (bijvoorbeeld) datgene waar ik deel aan hen en/of wat ik verborgen houd en niet aan het licht breng bij mezelf.

Ik heb twee boeken van hem die ik nog steeds moet lezen. Een prachtig en inspirerend ‘voorgerecht’ van zijn wijze van inspireren vond ik in deze toespraak voor het Christelijke Sociaal Congres van 2010. (Boekbespreking Metamorfosen) Hier een prachtig interview met hem in ‘Het Vermoeden‘. ‘Wij hoeven niet sterk te zijn..’

Twee citaten uit een andere bespreking in Trouw:

“In het publieke debat vragen sommigen of je religie niet zou moeten afschaffen. Maar dat is de vraag niet. Je kunt religie niet afschaffen. Religie is ook niet een probleem. Het verschaft hartstocht om ons in te zetten voor het goede leven…… Het christendom leert ons de wereld te zien als een gave. Het kan ons zo helpen, een stuk minder bang te zijn. Dan komt er ruimte voor het ontvangen van mogelijkheden die toekomst schenken.”

En drie citaten uit een gesprek met hem in Beweging 1 uit 2005. Ik schreef ze toen al op!

“Augustinus zei het al: ik zoek God en in dat zoeken is God al aanwezig. En Paulus zegt hetzelfde: God werkt het willen en werken. God is de dragende grond van ons bestaan. Ook in de totstandkoming is religie niet van zichzelf”

“De echte vraag is: hoe bljven we antwoorden op Gods presentie? Niet wat is het antwoord? Religie is omgang; omgang met het heilige,omgang met God-de-gevende, de genadige God. Religie is een toegang tot de ontologie.”

“Genade is de ultieme omgeving van het menselijke bestaan. Alles is in Christus geschapen. De schepping is genade.”

Als ik dit soort dingen lees kan ik weer ademhalen en geïnspireerd de klas ingaan. Het heeft allemaal echt zin!!! Ik ben gered / We zijn gered. Ik heb er weer zin in…

Gerben Heitink; Golfslag van de tijd

Gelezen. Dit stond er in een persbericht over dit boek:

Golfslag van de tijd is een boek over de religieuze wortels van onze (post)moderne samenleving. Mensen zijn op zoek naar hun wortels en vragen zich af: Hoe komt het dat wij denken zoals wij denken, leven zoals wij leven en geloven zoals wij (al dan niet) geloven? Kan dat nog wel, gelovig zijn in een postmoderne cultuur? Wat hebben gelovigen en niet (meer) gelovigen elkaar te zeggen? Dit boek kiest voor een historische interpretatie, die past bij geestesweten-schappen als de theologie en de filosofie. Wat het laatste betreft oriënteert de schrijver zich op het werk van de filosoof Charles Taylor. Wie wij mensen zijn, met onze West-Europese identiteit en hoe wij zo geworden zijn, hangt samen met de cultuur waarin we geworteld zijn. De bronnen zijn te vinden in de klassieke oudheid, het christendom en het humanisme.

Het boek wil een bijdrage leveren aan het levensbeschouwelijk gesprek tussen christenen en andersdenkenden, tussen gelovigen en niet (meer) gelovigen binnen de huidige (post)moderne samenleving.”

Boeiend om te lezen; hoewel ik ook paragrafen oversloeg omdat die al te bekend waren. Er zaten in ieder geval een paar paragrafen bij die ik gemarkeerd heb. Het zette me ook vaak aan het denken over hoe ik dat dan zelf zag. Ja het raakte me omdat het over dat gaat waar ik mij ook bezig hou: leven in God in deze wereld. Zeker een leuk boek om samen te lezen. Maar net als zijn vorige boek inspireerde het mij niet. Het bleef te veel hangen op het niveau van de beschrijving en de analyse. Het is een boeiende beschrijving van de veranderde werkelijkheid van onszelf, God en de wereld op Europees niveau. Maar warm werd ik er niet van. Ik moest denken aan het boekje van Feitse Boerwinkel en later de boekjes van Bernard Rootmensen. Ze verhelderen maar ‘beklijven’ niet? Ze verbinden niet met het hart van de spiritualiteit? De geleefde spiritualiteit en God? Het bied geen nieuw/oud perspectief op de ‘werkelijkheid’ van God, ons zelf en de wereld.

Ik kan dat illusteren aan een belangrijk begrip wat hij gebruik ‘verlangen naar God’ en de metafoor van Psalm 1 in zijn ‘Balans’.

Het begrip ‘verlangen’ is voor mij teveel een woord wat van mij ‘uitgaat’ naar (‘Verlangen voedt zichzelf met zijn eigen honger’, schrijft Emmanuel Levinas (1906-1995) in Ethics and Infinity). Met deze ‘antropologie’ blijven we wat mij betreft gevangen in ons zelf. Zelfs mijn ‘verlangen naar God’ loopt het gevaar daarmee in zichzelf gevangen te blijven; immanent. Voor mij is de visie op wie ‘ik ben’ in de gedachten van Meester Eckhart en het denken van Thomas Merton veel meer immanent en transcendent. Mijn zijn is in God en naar God toe en daarin in en naar deze wereld gericht. In deze kijk op mezelf en de wereld ben ik met al mijn vezels betrokken in de beweging van God (zie ook Ingnace Verhack).

Een tweede moment waarop hij zijn eigen ideeën expliciet inbrengt is het gebruik van het beeld van Psalm 1 waarin hij de boom laat wortelen in de grond. Ook die boom blijft, in mijn beleving, in zichzelf gevangen. En dat terwijl de Psalm de metafoor van ‘stromend water’ inbrengt. Een veel gebruikt woord voor de levengevende werkelijkheid van de Geest-Ziel. Een gemiste kans om ook weer om zijn boom in een veel grotere, dragende, stromende en voedende werkelijkheid te bedden. (ook deze wijze van kijken ontleen ik aan Ignace Verhack)

Die andere wijze van kijken geeft mij de beleving van de verliefde geraaktheid waarmee ik in deze wereld mag leven. Haalt mij uit mijn isolement. Een beeld/werkelijkheid waarin ik me en-theousiast mee mag laten nemen in deze wereld en door mag geven wie en wat ‘ik ben’.

Deze wijze van theologiseren zie ik op dit moment in Nederland eigenlijk alleen bij J.J. Suurmond?

Gelukkig de mens
die niet meegaat met wie kwaad doen,
die de weg van zondaars niet betreedt,
bij spotters niet aan tafel zit,
maar vreugde vindt in de wet van de HEER
en zich verdiept in zijn wet, dag en nacht.

Hij zal zijn als een boom,
geplant aan stromend water.
Op tijd draagt hij vrucht,
zijn bladeren verdorren niet.
Alles wat hij doet komt tot bloei.

4 x kerk van de Toekomst; Joep de Hart

Mijn eerste ervaring was van een paar maand geleden. We hadden een gemeentevergadering over de toekomst van onze gemeente (Gereformeerd/PKN). Ik denk dat er toch wel een 200 gemeenteleden aanwezig waren en de boodschap was dat we binnen tien jaar 2o% minder inkomsten zouden hebben. Toen ik om mij heen keek dacht ik… Whoow… dat zal precies andersom zijn: we hebben dan nog 20% van deze mensen over en de rest zal uitgestorven zijn. Ik denk dat de gemiddelde leeftijd van de aanwezigen boven de 70 lag?

Lijkt er op

De tweede ervaring was een Vrije Evangeliegemeente waar in een sporthal wel 1500 jongeren en ouderen aanwezig waren. Een preek van een zekere ‘Achter de Molen’ waar ik als vrij zinnige gelovige me erg in kon vonden. Ik vond het zowaar leuk. Een stevige band en makkelijke meezingers waarin ‘God op de troon’ werd gezet. En we moesten zo zingen dat God zich welkom voelde… Het was rond Sinterklaas dus je kan mijn associatie raden…

De derde ervaring was een bezoek aan een predikant van volgens mij  ‘confessioneel/evangelisch’ signatuur. Zij ‘actuele’ toepassing van de uitleg van het begin van het Johannes evangelie was een opwekking van een paar honderd jaar geleden. Niets over het rapport over het seksuele misbruik in de Katholieke kerk of de storm in de Pilipijnen. Verder een taalgebruik van 45 jaar terug. Zelfs de bijbellezing was uit de NBG vertaling (wat klonk dat ineens als de Statenvertaling). Een appel om bekering zonder dat er iemand reageerde… Alsof het om een hypothetische vraag ging.

1. een uitstervende kerk?

2. ‘booming business’

3. een enclave van rust (nee het was geen Urk!)

En dan de inaugurele rede (Maak het nieuw) van Joep de Hart van het SCP: Kerken moeten, zegt hij, durven experimenteren met nieuwe vormen, bijvoorbeeld op internet of bijeenkomsten met kunst, sketches, muziek en debat. “De wereld van moderne Nederlanders is zoveel groter en rijker geschakeerd dan het kerkplein of de activiteitenkalender van de buurtvereniging. Het is een dynamische wereld, waar dingen voortdurend in beweging zijn.” De voorbeelden die hij geeft spreken mij aan maar zullen in weinig van de gemeentes worden toegepast. O ja wel in de evangelische kerken; daar zie je veel theater en ook veel internet. Maar kunst en debat zie je daar dan weer niet. Veel van de (oude) vormen hebben soms zelfs een ‘heilig’ karakter zoals bij de Bonders en de ‘Hoog-Liturgen’. Een heel sympathieke rede en al eerder een goed boek. Het boekje ‘Maak het nieuw’ is een prachtig godsdienstsociologisch essay wat zeer prettig leest en wat je een briljant overzicht geeft van de ‘stand van zaken’. Zoals ik het begrijp (en zelf ervaar) moeten we de toekomst van de kerkvorming zoeken in losse netwerken van geïnspireerden die een tijdje samen optrekken: en ‘nomadische spiritualiteit’.

Zelf voel ik nog het meest voor een pluriform aanbod van traditioneel, evangelisch, liturgisch en de basisgemeente in elke plaats. De PKN structuur leent zich m.i. daarvoor. (Niet zoeken naar de ‘gemene deler mix’ maar een aanbod in de volle breedte, met ruimte voor creativiteit. Die gemeene deler dienst ‘voor iedereen’ herinner ik mij uit een Samen Op Weg gemeente: ‘de gemeenschap van grijze muizen’.) En dan twee keer per jaar een gemeenschappelijk ‘festival’. Zelf zal dan denk ik kiezen voor de basisgemeente variant.

Humanisten en Spiritualiteit

‘Daar hebben humanisten het niet zo over’

Eindelijk heb ik het boek van Suzette van IJssel te pakken. Een proefschrift waar lovend over geschreven werd in 2007 maar wat ik toch te duur vond. Regelmatig ‘Boekwinkeltjes’  bezoeken en ja hoor ik kwam het tegen. Ik was heel benieuwd hoe zij als humanist dit ‘verschijnsel’ zou bespreken. Een paar van haar uitspraken en haar omschrijving van het fenomeen wil ik proberen zo letterlijk mogelijk weer te geven.

> Spiritualiteit heeft betrekking op een dieptedimensie in het menselijke bestaan die enerzijds spontaan kan worden ervaren en anderzijds bewust kan worden opgezocht (75)

> het is de geleefde existentiele, fundamentele en centrale of basale  dimensie in alle werkelijkheid die alle andere (somatisch / psychisch / sociaal / moreel) in zich meedraagt (22)

Spiritualiteit als geleefde werkelijkheid wordt getekend a.d.h.v. een aantal kenmerken (hoofdstuk 3)

> Het is een bijzondere werkelijkheidservaring van
– verbondenheid en eenheid
– relativering van het ‘ik’
– gratuït / niet organiseerbaar
– van transcendentie / openbrekend
– transformatief
– zin en geluk
– overstijgen van tijd en ruimte

> Spiritualiteit is een dynamisch omvorminsproces

> Spiritualiteit staat open voor nieuwe interpretaties van de werkelijkheid (zelf / wereld / leven / lijden / dood)

> Het is een levenshouding met een aantal kenmerken
– onvoorwaardelijke openheid
– levensbeamend
– onthecht / gedecentreerd
– aandachtig en open voor transcendentie

> een verzameling van praktijken; praxis die bovenstaande werkelijkheidservaring dichterbij brengt
– rituelen
– symbooltaal
– oefeningen (mantra / gebed / meditatie / dans); focus op:
> lichaam > gevoel > denken

Wat mij nu zo veraste was de overeenkomst met mijn eigen invulling. Zij ziet het dan ook als een universeel fenomeen waar de humistische begeleider om mee te dealen heeft bij de mensen die hij ontmoet. Zij defineert spiritualiteit daarbij als een fenomeen wat midden in het leven/lijden staat waarbij de raadsvrouw die de ander helpt hun gebrokenheid zozeer te beleven dat zich daardoorheen een andere – hele of geheelde – werkelijkheids- en zelfbeleving aan kan dienen. (24) Wie mij een beetje kent weet dat dit op mijn lijf geschreven is!

Daarnaast is het eerste deel gewoon een heel mooie overzichtsstudie van spiritualiteit. Dat er nooit een handelsuitgave is verschenen?

Spiritualiteit en onderwijs; Lia van Aalsum

Wat is voor haar spiritualiteit?

Het eerste kenmerk wat zij noemt is eerbied(awareness?). Ik kan me daar wel een beetje in vinden. Het is de grondhouding van een luisterende en respectvolle open houding voor de ontmoeting met het geheim, wat in alles aanwezig is en alles overstijgt. Voor mij prachtig verwoord/verbeeld in het verhaal van de brandende braambos. In die ontmoeting ontdekken wij het geheim van het leven wat ons draagt.

Een tweede kenmerk wat zij benoemd is dat dat geheim zich voor ons persoonlijk ontvouwt door ons levensverhaal heen(= werk/relaties enz..). Onze levensweg is een zich ontwikkelend verhaal waarin wijzelf en dat geheim in alle facetten van ons leven als een kunstwerk wordt geschapen. Een schering en inslag van schuld en trouw; van afbraak en opbouw.

Het derde kenmerk in dat gebeuren is de richting die in dat alles gevonden wordt. Blijkbaar gaat er van die ontmoeting en die levenservaring een appel uit ; wordt er een koers gevonden. Het is niet om het even welke keuzes wij op die levensweg maken. Het doet er werkelijk toe. Dag Hammerskjold

Vervolgens trekt zij de conclusie dat spiritualiteit om toeleg vraagt maar vooral, en daar gaat het haar en mij om, dat onderwijs om spirituele ‘vorming’ vraagt. Het is voor mij buiten kijf dat spiritualiteit aanwezig is in de student. Ook zij zijn bezig hun levensweg te vinden in antwoord op het leven zoals het zich aan hen voordoet. De vraag blijft dan of wij in het onderwijs aan dat gebeuren ruimte en vorm moeten en kunnen geven. En hoe wij dat moeten doen. Zij ziet het als een verantwoordelijkheid van het (ook hoger) onderwijs om de wording van betekenissen en van het levensgeheim een onderdeel te laten zijn van het vormingsproces. En zij is niet de enige…

Ik was in eerste instantie ietwat teleurgesteld over het boek van Lia. Maar het blijkt dat ik veel heb aangestreept en er veel heb bijgeschreven. Ik denk dat ze mij te weinig instrumenten heeft aangereikt en dat dat mij dat frustreerde. Ze geeft me echter zeker een basis om mee verder te gaan. Dus inspirerend; dat wel. Ruimte voor de ziel in ons HBO onderwijs…

De glans van het gewone / Frans Maas

Net dit prachtige boekje van Frans Maas gelezen. Prof.dr. F.A. Maas was de opvolger van Kees Waaijman maar is nog veel meer bekend als de Eckhart kenner en vertaler. In het boekje is Meester Eckhart degene waar hij het meest naar verwijst. Het duurde even voordat hij mij raakte. Hij is nu docent aan het Titus Brandsma Instituut.

>

Het boekje is een uitgaven van het KSVG een studievereniging die zich op het grensvlak van religie en geestelijke gezondheid beweegt. Ik ken het uit mijn studietijd van de prachtige uitgaven van Han Fortmann (‘Opdat zij gezond zijn in het geloof’) en prof.dr.F.J.J. Buytendijk. Als streng protestant waren deze uitgaven een ‘zalving voor mijn geprangde ziel’. Ik smulde.

Ik lees ze nog steeds met veel belangstelling. De meesten lees ik van a tot z. Hun studiedagen zijn zeer de moeite waard en het alles heeft een hoog niveau. De studiedag over mindfulness was voor mij gedenkwaardig o.a. door de toespraak van Hein Blommenstijn: ‘if you meet jesus; kill him’. Veel uitgaven zijn nog te bestellen. (zie ook Speling)

>

Bij Frans en Hein staat de werkelijkheid centraal. Hein: “een vrije verhouding met de feitelijkheid zoals die is” 98. En bij Frans: “In God zijn alle dingen gelijk en ze zijn God zelf. (Eckhart) …. religieuze diepte heeft de werkelijkheid al op zichzelf. het is alleen zaak dat zijn te zien…” 150

Jopie Huisman

Over God iets zinnigs zeggen..; Ignace Verhack

Kan dat nog? In ieder geval vond ik dit een zeer boeiend boek. Ik kende hem niet..Laat ik beginnen met een veelzeggend citaat:

Voor de kerken is het van essentieel belang hun eigen spreken over God aansluiting te doen vinden bij de manier waarop mensen van vandaag in zichzelf de toegang tot het spirituele kunnen vinden. Men zal de zin van de godsvraag opnieuw moeten verankeren in denkwijzen waarin de hedendaags mens zich intellectueel kan herkennen. 53 e.v.

Is dit nieuw(s); nee.. Maar het zal wel steeds weer opnieuw moeten gebeuren. Wat betekent dat het spreken over God, mens en wereld steeds weer opnieuw ‘bij de tijd/intimiteit’ moeten worden gebracht. Zo rekent hij in dit boek in het eerste deel (bij deel 1grondig af met het theïstisch godsbeeld(god boven/buiten ons). Hij wil de moderne mens in zijn verlangen en zoektocht naar authentieke spiritualiteit werkelijk serieus nemen. Al deze woorden als God, mens, wereld, verlossing en openbaring moeten weer levende woorden worden; in taal en beelden die inspireren. Veel van wat we doen in christelijke spiritualiteit is zo verschrikkelijk wereldvreemd… Zo ook deze site ben ik bang… Het boek doet in ieder geval een heel serieuze poging vanuit ‘filosofisch’ perspectief… Het doordenkt het verleden en doet een poging voor de toekomst.Maar blijft daarbij heel dicht bij onszelf. Bij mij raakte hij voortdurend snaren!

Deel II (bij deel 2) in het boek is een diep filosofische /fenomenologische verhandeling over de structuur en dynamiek van de immanente transcendentie van ons ‘zijn<>zijnde’ a.d.h.v. o.a. het denken van Heidegger en Derrida. Ik worstel mij er doorheen omdat het mij boeit; maar of ik het begrijp? Omdat ik de Godsgeboorte preken van Eckhart tegelijkertijd lees lijkt het alsof ze beiden dezelfde lucht hebben ingeademd; het gevoel is heel wijds, ruim en vervuld van een dynamische volheid: zijn.

In deel III (bij deel 3) ontwikkelt hij, als ik hem goed begrijp, op basis van het ‘ontologische/filosofische’ deel II een nieuwe ervaarbare en , in mijn ogen en oren, geloofwaardige theo-logie. Niet een God die van ‘boven’ naar ‘beneden’  beweegt of van ‘buiten’  naar ‘binnen’ maar veeleer een God die in de verbinding van de intieme dialoog gevonden wordt als beweging naar het ‘volle leven’ en een toekomst. Uit, in en …., toen kwam voor mij de echte verassing, niet tot Hem…. Maar uit en in die overvloedige geschonken volheid van ons/mijn er mogen zijn een uitnodiging om er ook weer te zijn voor de ander en de toekomst. Een gegeven en mogen zijn wordt zo tot een een barend en schenkend ‘er ook weer voluit moge zijn’ van de ander. God is dus niet de vervulling van mijn zijn maar de overvloedig bron van en tot zijn… Dat is eeuwig leven. Het is tijden geleden dat ik zoveel gestreept en aangekruist heb, waarbij ik maar zeer weinig van wat hij schrijft begrijp. Voor mij brak hij vooral iets open naar de toekomst! Niet de blik naar boven maar naar deze wereld waarin wij voluit mogen zijn; voor en met de ander. Dat is eeuwig zijn / overvloedig zijn / geven. Eeuwige Godsgeboorte.

Zijn ‘fílosofische’ resultaat van ‘God’ heeft veel weg van ‘een wind in de zeilen’, een royale bevesting om rechtop en voluit te gaan en mee te werken aan de realisering van een gegarandeerde toekomst!

Na contact met de schrijver heeft hij mij de drie toelichtingen bij deel I/II/III doen toekomen.

En wat is dan het verschil is met het vorige boek? Het is er maar hoe en wat? Het volgende boek licht al klaar:

9789043519625.260.380.fit

Inmiddels(2020) heeft Ignace Verhack er al weer twee boeken aan toegevoegd: Een weg naar God voor deze tijd (2016) en Gegevenheid (2019)

imageimage