En toen was er het pensioen…

Het was alsof ik met honderd kilometer per uur met ‘heel mijn bestaan’ tegen een rotswand aan botste… Gelukkig had ik mijn riemen om en waren er airbags anders was ik er zelf niet levend vanaf gekomen. Ik was gestopt op een hoogtepunt van mijn carrière. Het moest; het beleid van de school is dat je stopt met je echte pensioen(in mijn geval 66). Ik had een prachtig afscheid met heel veel lieve worden. De schok vertraagde omdat we daarna verhuisden en nog twee jaar bezig waren met de bouw en inrichting van ons nieuwe huis. Maar toen kwam alsnog de echte crash. Ik zat thuis; het teamwork faalde en we woonden in een nieuwe plaats. Wat hiervoor bijzaken waren die ‘tussendoor’ werden gedaan, zoals afwassen, klussen en boodschappen doen, veranderden in ‘core-business’. Natuurlijk werd de shock verergerd doordat er nauwelijks continuïteit bestond tussen mijn oude leven en dit nieuwe bestaan; we waren ook nog eens verhuisd. Alleen een paar vrienden en mijn gezin waren gebleven.

Wat een vreselijke uitvinding is het pensioen… Ik voelde me een boom die rigoureus was omgehakt en lag te snakken naar adem. Mijn vitaliteit had flinke schade opgelopen na een knieoperatie en ik kwam 15 kilo aan ronde verhuizing naar het nieuwe huis.. Mijn Titanic had schipbreuk geleden en een nieuw schip zou ik door mijn leeftijd niet meer kunnen krijgen. En nu 68 jaar met als enige zekerheid de dood… Zolang ik werkte was de dood een mogelijkheid nu een onvermijdelijkheid. Per jaar gingen minsten twee gepensioneerde collega’s dood. Toen ik werkte was dat er maar 1 per 10 jaar?

Hier was ik niet op voorbereid… Ik wist niet dat het gemis van de studenten, de collega’s en de school zo erg zou zijn. Het was alsof ik de geliefde waar ik 30 jaar lief en leed mee gedeeld had mij aan de dijk had gezet. Op een overigens zeer vriendelijke en zelfs dankbare mannier. Het was mooi geweest maar ik was nu toch echt overbodig. Rauw&Rouw.

Bron: https://www.steunbijverlies.nl/index.php/duale-benadering

Ik stapte een wereld binnen die ik niet kende en niet wilde… Ik verzette mij en sprak mijn gemis uit. Dat had ik beter niet kunnen doen… “Dit wist je toch?” Alsof dat een troost zou zijn bij het verlies van een partner… “Je kan toch altijd nog…?” Alsof een nieuwe vriendin alles zou oplossen; als die al te vinden zou zijn. Alsof die zo voor je klaarliggen… Ik merkte ook dat opmerkingen over ‘vrijwilligerswerk’ of ‘de kerk’ e.d. mij in het verkeerde keelgat schoten. Om vervolgens het verwijt te krijgen dat ‘je niet geholpen wilt worden’. Plus de fundamentele vraag of je tot je dood zou willen/moeten doorwerken?

Nee ik was een levensfase binnengegaan waar het oude ik/zelf niet meer werkte en het nieuwe zich nog niet had aan gediend. Als ik had moeten solliciteren voor mijn pensioen was ik niet door de selectie gekomen vanwege gebrek aan de juiste competenties en ambities. Pensioenongeschikt ben ik… Ik vind dit alles prachtig verwoord in een nieuw boek van Frits de Lange: Eindelijk volwassen. Een boek over de ‘tweede levenshelft’. Nee ik kon tot nu toe geen aantrekkelijke en/of wekende perspectieven vinden. Geen van de geboden opties vond ik aantrekkelijk of overtuigend.

Er zijn voor mij in onze cultuur geen aantrekkelijke en/of inspirerende beelden voorhanden(pag. 9). De wandelende, reizende en/of tuinierende bejaarde trekt mij niet. En rust roest toch? De oppasopa is geweldig maar vervuld mijn leven niet. Het ontbreekt mij niet aan hobby’s en vrienden maar zij geven geen echte vervulling aan mijn onbestemde verlangen? Dit wil ik niet maar wat dan wel? De weg terug is er niet. Nee mijn ‘mindset’ die gebouwd was op zinvol werk en een maatschappelijk belangrijke functie (docent/trainer HRM aan het hbo) is voor pensioen volledig onbruikbaar. Ik ben veranderd in een huisman ‘zonder beroep’.

Totaal onvoorbereid stappen we in de namiddag van het leven. Erger nog, we doen dat vanuit de valse vooronderstelling van de waarheden en idealen die ons tot dusverre van dienst zijn geweest. Maar we komen de namiddag van het leven niet door op grond van het programma van de levensochtend; want wat ’s ochtends geweldig was, stelt ’s avonds weinig voor, en wat ’s ochtends als waarheid gold, blijkt ’s avonds een leugen. (citaat van Jung in Frits de Lange)

Photo by Hoach Le Dinh on Unsplash

Waar ik dus tot nu toe in mijn leven goed mee uit de voeten kon werkt hier niet meer… Op zich heb ik die ervaring wel vaker opgedaan maar nu is dat toch anders. Nu is mijn maatschappelijke rol/identiteit ontwricht geraakt. Eentje die ik vanaf mijn studententijd had op- en uitgebouwd. Docent, trainer, consultant, retraitebegeleider, geestelijk begeleider en (medewerker) in allerlei beleidsmatige projecten. Met vrijwel geen van de daarin ontwikkelde competenties kan ik meer uit de voeten. Mijn hele CV kan in de prullenbak. Deze levensfase vraagt om heel andere competenties. Ik zal ook een geheel andere ‘positie’ moeten innemen t.o.v. de mijn omringende werkelijkheid… Ik bevind mij in liminiaal gebied en ik weet niet wat er op mij toekomt. Wat was is niet meer maar nu; hoe verder? Het oude achter mij latend zal het gaan om een diepe existentiële ‘omvorming….‘. Moet ik voor het eerst van mijn leven het stuur uit handen geven? Of minimaal die illusie loslaten? Het voelt in ieder geval heel ongemakkelijk…

Blijf niet staren op wat vroeger was.
Sta niet stil in het verleden.
Ik, zegt Hij, ga iets nieuws beginnen
het is al begonnen, merk je het niet?

(Wordt vervolgd)

En hier een leuke serie over ouder worden; dit deel sluit hier in ieder geval naadloos op aan.

527x840

In therapie (3) ‘Be-Vindplaats’ van ‘Gd’

“Is there a place we can go?” 

Dia1Nu restte mij de vraag nog: waarheen? Waar moest ik in al die ‘turmoil’ naartoe? Is er een plek, iemand, een ruimte waar ik naar toe kan gaan? Ik had de 5 modi beschreven/getekend als cirkels in de rondte in mijn dagboek. Moest ik mij verdiepen in mindfulness zoals mijn vrouw en mijn therapeut suggereerden? Op de een of andere manier kreeg ik daar geen affiniteit mee. Ik vond het te ‘afstandelijk’, te ‘gedissocieerd'(natuurlijk te kort door de bocht!). 1001004002726626Voor mijn gevoel stond ik er dan teveel naast/tegenover en niet genoeg middenin en te weinig er ‘doorheen‘. Hoe kon ik mij goed verhouden hiermee? Waar ben ik ‘Zelf’ in dit alles? Ik wist dat geen van die 5 stemmingen mijn ware Zelf konden zijn. Daarvoor waren ze of te negatief of te voorbijgaand van aard. Alles gaat voorbij, niets werkt, niets is blijvend. Alles is een voorbijgaande configuratie van situatie, moment, handeling en stemming. Achter alles staat een komma, Maar:

Is there a place we can go,
Is there anybody we can see?                 Bob Dylan

Eind september (28-29?) gebeurde er iets waardoor het weer ging stromen… Op de een of andere manier wist ik dat ik er ‘middenin’ moest zijn. Nu was het niet voor het eerst dat ik die kant op werd gestuurd, maar toch. Het is niet ‘buiten’ of ‘ergens anders’ of ‘niet dit’ of ‘wel dat’ of ‘boven’ of ‘beneden’ of ‘omheen’. Hoe kon ik hier ‘middenin’ zijn zonder ‘erin-op-te-gaan’? Want erin-op-gaan’ was ‘verzuipen’. Of moest ik erin-verzuipen; sterven…? Maar laat ik niet vooruit lopen op de feiten. Ik maakte een tekening met daarin een ‘kern’/’plek’/’ruimte’/’midden’. Het was een spontane ingeving (heeft volgens mij ook te maken met mijn nogal ‘exacte’ inslag; ik wil visualiseren/schematiseren).Dia1 In die middenruimte schreef ik wel meer dan 40 typeringen…Dia1

51T59TmD0FL._SX331_BO1,204,203,200_60Natuurlijk is die lijst van typeringen van de kern heel persoonlijk. En ‘natuurlijk’ is die lijst christelijk ingekleurd. Maar waarom wil ik mijn therapie voorzien van zo’n mystiek/spiritueel perspectief? Ik geloof dat dat niet anders kan & mag. Het gaat niet zonder. Hier is in de V.S. veel over geschreven en de KSGV in Nederland/Belgie houdt zich daar zeer nadrukkelijk mee bezig. Waarbij ik er van uit ga dat er ook een atheïstisch spiritueel perspectief is. Op basis van mijn levens-/leerweg kan ik het ‘karakter van mijn plek’ aan de hand van een paar beelden typeren. Beelden die voorlopig een ‘eenzaam’ kenmerk hebben. Op de rol van ‘een ander‘ kom ik nog terug. In dit blog heeft dat ‘midden’ een sterk individueel karakter. maar ik wil die plek wel in een bepaald licht & perspectieven zien…

Prefrontale cortex

Ik moet natuurlijk heel nuchter beginnen. In de allereerste plaats is dit ‘midden’ het domein van de prefrontale cortex. Dat is het deel van onze hersenen welke een cruciale rol speelt in onze emotionele huishouding en zelf-bewustzijn. natuurlijk moet ik hierbij ook de rechterhersenhelft als ‘woonplaats’ van het impliciete zelf. Zij maakt vooral gebruik van ‘beelden’ en niet van ‘taal’. Je zou het de cockpit kunnen noemen van waaruit wij mentaliseren en onze emoties reguleren. De eerste drie jaar van onze ontwikkeling en later in de puberteit krijgt dit deel zijn grootte, vorm en functie. 41Q6-WBFjML._SX331_BO1,204,203,200_Stress en hechtingsproblemen hebben in die periodes (inclusief de zwangerschap) een desastreuze invloed op de ontwikkeling daarvan. Hier hebben we het ook over het ‘onbewuste impliciete zelf’ welke huist in de rechterhersenhelft. Er is op dit moment een zeer belangrijke stroming  die de psychotherapie een sleutelrol toebedeeld in het herstel van die innerlijke huishouding/zelfregulering. In een heel groot deel van de psychopathologische aandoening speelt dit deel (rechterhersenhelft en de prefrontale cortex) van de hersenen namelijk een sleutelrol in het ontstaan en herstel daarvan. Als ik dus in dit blog allerlei religieuze metaforen een rol laat spelen moeten zij 9200000005537338essentieel zijn of in ieder geval een substantieel bijdrage leveren aan het herstel van dit fenomeen. Ja, ik geloof dat religie, als het goed is, een positieve bijdrage levert aan heelwording van de mens maar dat is verre van vanzelfsprekend. Overigens bevind zich hier de essentiële bijdrage van mindfulness / awareness aan de heelwording van de mens. Die acht ik inmiddels meer dan voldoende bewezen. Dat betekent dat alle onderstaande bijdragen ook een beetje mindful zullen moeten zijn.

(Tevens is dit het domein van het (ware) Zelf; de hof van de ‘wording’ van onze ‘identiteit’. Maar dat vraagt een geheel eigen blog)

De cel

NNVG8726In de eerste plaats heeft mijn ‘midden’ binnen spiritualiteit het karakter van ‘de cel‘. De plek waar je (ver)blijft. Je loopt niet weg; er is toch geen ontkomen aan. ‘Dat wat is’. Hier-en-nu. Ik was deze metafoor al tegengekomen bij de woestijnmonniken en later, in een andere vorm, in Zen. Je neemt geen wijk van jezelf en je omstandigheden. Je vlucht niet. Voor mij het meest scherp verwoord in relatie tot de wanhoop door Ton Lathouwers. Dus geen verzet meer tegen mijn stemmingen maar er middenin gaan zitten. ‘Houdt uw hart in de hel‘. Mijn stemmingen zijn heel reëel: ze hebben een fysiologie en bijbehorende verhalen. Ze hebben een grond/oorsprong.  Weglopen heeft geen zin. Ik kan ze alleen in de/onder ogen zien. Het heeft het karakter van een vurige oven die jou alleen niet verbrandt. 41K4qxzIdbL._SX324_BO1,204,203,200_Zitten/Zazen en rustig ademhalen. In de fysiologische zin gebeurd er dan echt wel wat met je! Het gaat voorbij; de bui trekt over. Ik kwam deze aanpak ook tegen bij Centering Prayer. In deze grondhouding verwelkom en omarm je alles wat van binnen uit in je opkomt. Je gaat de ‘confrontatie’ niet uit de weg maar verwelkomt hem/haar binnen in je cel. Je bent een lieve moeder/therapeut voor jezelf. De Trooster. Het is ook de plek van loslaten en overgave.

Omvorming / Schepping

Je kan deze chaos in jezelf laten zijn/gebeuren omdat je weet dat dit de weg/plek is van de omvorming. Langs deze weg word je gemaakt. God is aan deze plaats; zij is heilige grond! Kees Waaiman geeft aan dit moment vele woorden maar voor mij is dit maar een ding: wording/genesis/schepping. Dat kost tijd maar eindigt in ‘het is goed; zeer goed’. All shall be well. Dit geeft aan die plek het karakter van geduld. Het uithouden. Gelovig zonder te weten waar het op uitdraait of dat het in jouw ogen goedkomt. Maar je vertrouwd wel op een Geheim dat werkt. Het komt namelijk heel vaak niet goed. Een regenboog temidden van het kwaad. Het lied van de Schepping is geen verhaal over hoe het ging maar is iets waar wij midden in staan. De zesde dag gebeurt nu aan mij.

Godsgeboorte

51JcyEb+TqL._SX324_BO1,204,203,200_Deze invalshoek heb ik van Meister Eckhart geleerd. Natuurlijk kan ik dit niet in 1 alinea weergeven. Ik heb ooit onder leiding van Welmoed Vlieger de vier Godsgeboortepreken gelezen. Kern hierin is de realisering van de godsgeboorte in ons. Die er overigens allang is… Eckhart gaat daar heel ver in. Langs de weg van de ‘Gelassenheit‘, de ‘Abgeschiedenheit‘, het niets weten, niets kunnen, niets hoeven, niets doen vindt die godsgeboorte in ons plaats. In zijn beelden gesproken is het ‘midden’ dan de stal van Bethlehem, Golgotha en het open graf. Alles is opgenomen in die beweging! In zijn taal wordt dit midden ‘Seelengrunt’. Daarmee krijgt deze plek een hoogte, diepe, breedte en dynamiek die de kern is van alle mystiek. Deze plek, dit midden krijgt dat een heel andere glans en perspectief waarmee/-door alles gekleurd gaat worden. Gerelativeerd; in relatie (=religie) gebracht. Een prachtig ‘mensbeeld‘. “He not busy being born is busy being dying”

Sophia

41PCtpbtMHL._SX332_BO1,204,203,200_Voor mij heeft deze invalshoek alles met ons godsbeeld te maken. Ik geloof dat in die kern onze godsbeelden ook zwaar moeten worden bijgesteld. En daarmee ons zelf- en wereldbeeld. Vanuit het perspectief van Vrouwe Wijsheid/Sophia worden in ieder geval twee aspecten bijgesteld. Of zelfs getransformeerd. In de eerste plaats het dominante ‘transcendente’ godsbeeld. Een god boven en buiten alles. Er is een lange en rijke traditie die dat beeld aanvult en er een zeer immanent en intiem perspectief aan toevoegt (Augustinus: interior intimo meo superior summo meo). Een tweede correctie die hier wordt aangebracht is de aanvulling van het matriarchale beeld op het eenzijdig patriarchale beeld van god. 9200000043199594Hier komt een teder, inclusief, allesomvattend en ontfermend godsbeeld naar voren. Vooral het laatste boek van Ton Lathouwers is daar een prachtig voorbeeld van (een prachtig interview met hem: Je kunt er niet uitvallen).

hagiasophia-a2“Ontelbaar zijn de levende wezens, ik beloof ze allen te redden” de gelofte van de Boddhisattva

Ook over Ton Lathouwers heb ik al veel geschreven.

We vinden hier een ‘beeld’ van God waarin Hij/Zij maar op een ding bedacht is en dat is onze redding; iedereen en allesomvattend. En dat Hem/Haar dat nog lukt ook. Er is geen ontkomen aan.  Over Sophia bij Thomas Merton heb ik al eerder geschreven.

 

Over een geheel ander perspectief op deze kern en hoe ons hiermee te verhouden gaat mijn laatste blog in deze serie: In therapie (4) Is there anybody we can see?

In therapie 2; emotionele cartografie

Zoals ik al eerder zei wilde ik mezelf nu eens echt gaan begrijpen. Wat is de oorzaak van mijn stemmingsstoornis? Wat was de oorsprong van mijn ‘bijzondere’ gedrag in mijn kindertijd en jeugd. Ik wilde inzicht krijgen in de diffuse negatieve onderstroom van m’n leven. De naargeestigheid van de verhalen in mijn hoofd/hart/(onder-)buik. Inzicht in mijn wanhoop.

Langzaam groeide er, aan de hand van de therapie en mijn niet te stuiten leeshonger, een paar inzichten waardoor ik nu kan  zeggen dat ik iets van de archeologie; structuur en dynamiek van mijn innerlijk leven ben gaan begrijpen.

Waarom ben ik niet die ‘vrolijke Frans’ geworden die ik misschien had kunnen zijn? Via literatuur over trauma kwam ik bij John Bowlby en zijn hechtingstheorie en hechtingsstijlen terecht. Ik doorzag eindelijk iets van het ‘afwerende’ gedrag van mij als kind en de ongelooflijke bindingsangst van mij als volwassene. Het was alsof de mist wegtrok en allerlei defensieve overlevingsstructuren en patronen aan het licht kwamen.

Via mijn werk kende ik al het stressreactiemodel van Fight & Flight & Freeze. In de literatuur over die hechting kwam ik voortdurend de ‘onveilige’ modus tegen. Goed gehechte kinderen kennen een Safe Haven en Secure Base. Als die vluchthaven en uitvalsbasis er niet is ontstaat er paniek/stress. Schokkend is dat om te zien in de opname van het experiment ‘Still Face’. Heb ik als baby vaak en langdurig verkeert in zo’n staat staat van pre-verbale radeloosheid?

Mijn vader was altijd aan het w(k)erk. Mijn moeder had 4 schoolgaande kinderen waarvan 1 ernstig ziek en drie kinderen in de luiers. Daar kwam nog eens de toen vigerende ‘theorie’ bij dat het goed voor hun longen was als je kinderen liet huilen… De buren vroegen zich af waar dat bonkend geluid ’s nachts vandaan kwam. Ik herinner mezelf heen en weer wiegend in de keuken neuriënd van ‘wat moet ik nou doe-oen’. Ik moet zo’n 3-4 zijn geweest? Een soort permanente staat van wanhoop?; Freeze?

Wat de laatste 15 jaar ook duidelijk is geworden aan de hand van het zich revolutionair snel ontwikkelende hersenonderzoek dat dit soort stemmingen van invloed blijken te zijn op de ontwikkeling van de hersenstructuur van de emotieregulering. De amygdala, de hippocampus, de prefrontale cortex, cortisol, het immuunsysteem, de hormonen (zoals serotonine en dopamine) enz. spelen een uniek en subtiel samenspel in het verloop en de regulering van de emoties. 51EF-OvP2SL._SX324_BO1,204,203,200_Bij geboorte is dit systeem nog niet uit-ontwikkeld en heeft het die veilige hechting nodig om dat systeem te optimaliseren. Later verbind zich dat aan taal en verhalen en ontstaat er een samenspel tussen de linker- en rechterhersenhelft. Stoornissen in de ontwikkeling van deze onderdelen (teveel of te weinig/te groot of te klein) en hun onderlinge dynamiek blijken betrokken te zijn bij allerlei emotionele stoornissen zoals depressie en angstoornissen(zie Sue Gerhardt).

Als gevolg van het lezen hierover kon ik steeds meer structuur gaan zien in mijn emoties. Er blijken allerlei ‘modi’ van emoties te bestaan. Ik sprak al over de stressreacties van Vechten, Vluchten en Verlamming. Ik kwam de modellen van Paul Gilbert, en Stephen Porges tegen. Ik zag bij Gilbert een onderscheid tussen drie modi/systemen: Drive, Soothing en Threat. Bij Porges een net weer even andere verdeling tussen de ‘toestanden’ van veiligheid, gevaar en levensbedreiging. Allebei hebben ze een dimensie van optimaal functioneren en polen van gevaar en verlamming. Alle dimensies hebben hun eigen configuraties in het autonome zenuwstelsel en niveau’s van  hormonen en neurotransmitters die de affecten reguleren(Window of affect Tolerance).

Aan de hand hiervan maakte ik mijn eigen 5 (is er een 6de play/spel modus?)modi model(5 Modi). Vijf fysiologische toestanden waarin ik zou kunnen verkeren. 666863788Vijf emotionele configuraties die in een samenspel tussen situatie, innerlijk verhaal en het emotionele brein mijn bestaan van dat moment kleuren. Ja; ik ben voor een heel groot deel mijn gevoel (Damasio). Ik kon nu vanuit een bepaalde positie (kom ik uitgebreid op terug in deel 3) in mezelf gaan bezien in welke emotionele staat ik verkeerde. Seeking(Secure Base), Soothing(Safe Haven), Fight, Flight of Freeze. Deze zijn natuurlijk niet absoluut van elkaar te scheiden en ze kennen allerlei overgangsgebieden en mengvormen maar ze zijn wel te onderscheiden.

Dia1

  • Soothing / Rust / Safe Haven / Geborgenheid / Relaxed / + / zelf
  • Seeking / Drive / Flow / actief / Secure Base / Exploratief/ + / zelf
  • Fight / vechten / aanval / woede / Hyperarousal / – / gekwetst zelf
  • Flight / vlucht / Hyperarousal / – / gewond zelf / angst
  • Freeze / verlamming / paniek / Hypoarousal / depressief / – / ‘dood’ zelf / Submit

Iedere emotionele configuratie heeft zijn eigen situaties/triggers, zijn eigen innerlijke verhalen over mezelf, god en wereld(+over vroeger en nu) en zijn eigen geactualiseerde ‘fysiologie’. Elke modus heeft zijn eigen defensiemechanismen en overlevingsstrategieën. Elke modus heeft ook z’n eigen emotie-woorden, respectievelijk: voel me uitgedaagd / ben dankbaar / boos/ verdrietig / wanhopig. En een mens oscilleert ‘doorheen’ al die modi; verticaal en horizontaal. In principe grotendeels in positieve gezonde dimensies en in een bepaalde mate vrij. Maar er zijn ziekmakende ‘posities’ waarin mensen in hun functioneren te sterk gedomineerd worden door de vecht-, vlucht- en/of verlammingsverhalen en hun bijbehorende fysiologie. Meestal hebben ze het karakter van ‘vastlopers’ en rigiditeit. Mensen zijn hierbij vastgelopen in een bepaalde modus. Hun schild is hun huis. Maar het zijn tevens karrensporen waar een zuigende werking van uit gaat.

Nog iets ingewikkelder wordt dit ‘model’ als we, aan de hand van de nieuwste hersen-biologische en -psychologische inzichten, dat  het ‘onderste’ gebied (van Fight&Flight&Freeze) het gebied is van het ‘impliciete zelf‘ van de rechterhersenhelft. We bevinden ons hierbij niet in het gebied van de cognitie, het talige en bewustzijn maar van het pre- / non-verbale en voor- / on-bewuste gebied wat zich-zelf in beelden en intuïtie beleeft. ‘Voor we het weten’ schieten we in een van die drie modi. 9789025427603-240x300Er is dus niet eerst het denken en dan het gevoel maar omgekeerd: het verhaal is secundair aan het gevoel. Wij ‘maken’ een verhaal bij ons voelen. Hierin spelen zelfs impliciete pre-/non-verbale herinneringen een cruciale rol! Heeft de cognitieve psychologie (i.h.b. RET) zich dus vergist? Ik denk een beetje van wel. Hier bevinden we ons ook op gebeid van de emotionele gijzeling van Daniel Goleman(flooding). Je bevind je dus al in die modus voordat je het doorhebt.

Ik kreeg met deze inzichten een emotionele cartografie in handen waarmee ik mezelf in kaart kon brengen en waarmee ik helderheid kreeg. Er ontstond in mijzelf een plek, een kleine oase van vrijheid. Ik kon een heel klein beetje uit mijn toestanden stappen. Alleen blijft nu nog de vraag hoe ik dat doe en kan ik hier dan nog iets spiritueels van maken? Speelt God nog een rol? Was deze oase misschien mijn cel?

Deel 3

“Jij; in therapie?” (1b)

“Maar hoe zit dat dan Rinie…, jij in therapie?… Ik geloof je niet”

10350329_889426947743766_3432802069517461784_nIk denk dat weinig mensen mij herkennen uit mijn vorige blog. Ik geef les, studeer, trek mijn mond open in gezelschap, maak grappen, bemoei mij met allerlei ingewikkelde zaken rondom school, geloof en politiek. Sta regelmatig en schijnbaar graag, in het centrum van de belangstelling. Ik heb mij twee keer ingezet voor de totstandkoming van een retraitecentrum. Manifesteer mij driftig op Facebook. Zelfs als ik naar mijn jeugd kijk zie ik een jongen die optrad met zijn gitaar voor 200 mensen tegelijk of sprak bij de opening van een kerk.

Maar wat mensen niet zagen was de paniek die bij mij uitbrak na 1 week verkering. Grootse scènes heb ik meegemaakt; niemand die er ook maar iets van begreep. IMG_GerdaDe vrouw waar ik nu al jarenlang mee getrouwd ben bleef gewoon bij mij na de derde keer dat ik het uitmaakte… Het waren dee steeds terugkerende angst- en wanhoop-gevoelens; bindingsangst. En dan de spanning waarmee ik voor de klas sta. Soms rook iemand die binnenkwam mijn angstzweet. Twee keer maakte ik iemand duidelijk dat ik wel bevriend wilde worden maar dat ik heel bang was… Ik voel mij zeer vaak ‘uit het veld geslagen’ als iemand maar een klein beetje tegengas geeft.  Sommige mensen om mij heen en in de klas boezem(d)en mij diepe angst in. Ik was/ben heel kwetsbaar. Ik houd me steeds vaker gedeisd in gezelschap. En wat anderen al helemaal niet zagen/zien is in welke bodemloze put ik verzink als ik thuis kom.

Het is volgens mij niet eerlijk te zeggen dat ik die ‘buiten’/manifeste kant niet ben. Ik vind mijn werk en mijn hobby’s leuk. Volgens de feedback ben ik een niet onaardige docent en trainer. Ik geniet van leuke en boeiende gesprekken. Mijn moppen hebben een score van 1 op 2. Maar de clown in mij heeft een destructief karakter. Hij is camouflage. En zodra ik op mijzelf ben word ik door die verstoorde/gestoorde binnenkant weer volledig in beslag genomen. Mijn stemmingen zijn als een boktor die de innerlijk constructie van binnen uit uitholt.

Nog een keer…

Hoe beschrijf ik goed hetgeen ik hier bedoel? Is het een lege plek? Een gapend gat? Nee  want daarvoor is er veel te veel ruis/tumult om-, in en door alles heen. Het is een ongelooflijk kluwen van lijfelijke pijnen/spanningen in borst en buik. Een zware steen op mijn borst. Met allerlei pijnlijke en nare verhalen daar om-, door- en overheen. Negatieve verhalen over mezelf, de anderen en god. ‘Shattered assumptions’. Geen enkele welwillendheid en hoop voor mijzelf. En als dan naar concrete aanleidingen zoek dan vind ik er geen. In ieder geval niet iets wat in verhouding staat tot hetgeen ik voel. Als giftige moerasdampen uit een ver verleden, kokendhete lava ‘van diep uit’ onder de grond. Vanuit het voor- on-bewuste. Van ‘voor de taal’. Spoken/demonen…

En ja; als ik lekker bezig ben vergeet ik veel. Werk is een heel prettige afleiding. En verhalen van anderen zijn er nooit teveel. Ik kan goed luisteren(wat ik nog steeds betwijfel); ze zijn ook weer een welkome afleiding… En ‘gezelligheid’ doet ook veel. Drink ik veel? Ik denk het niet maar wel heel graag. Maar toch; dat goede deel deed ik graag en doe niet eens zo gek. O ja; lezen doe ik heel veel. Boeken die me inzicht geven of konden geven in hetgeen er bij mij speelde. Waar komt die steeds weerkerende ‘wanhoop’ toch vandaan en wat moet ik er mee? Welke rol speelt god/God hierin? Ik probeerde later dat deel zelfs een beetje tot mijn specialisme/kwaliteit te maken. Geestelijk begeleider, geschoold in de wanhoop. Ik heb inmiddels een kapitaal aan boeken die bij mijn dood geen enkele waarde meer zullen hebben omdat ze alleen voor mij van levensbelang waren. Ik werk, ben vader, partner, vriend, gitarist, studiebol maar sleep in dat alles een gewonde/gestoorde met me mee. Van dat laatste maak ik overigens geen geheim. Maar ik val anderen daar ook niet al te zeer lastig mee? Nee, het is geen geheim maar ook zeker niet algemeen bekend.

Nog een keer in een beeld. Van boven gezien ben ik een berg die helder boven de wolken uitsteekt. Maar aan de voet, onder de wolken aan het oog onttrokken is het een grote chaos. Met aan de ene kant, in de duisternis, een grote bevroren gletsjer waar geen leven mogelijk is. En aan de andere kant een alles vernietigende oorlog met grote stromen vluchtende mensen. Een onleefbare pre-historische wereld. Een chaos van voor de schepping. Het domein van de beroering.

Deze twee gezichten heeft mijn leven dus al heel lang. Ik het begin gooide ik het op zondigheid, later depressie en rond mijn 50ste gaven we de ‘moods’ het etiket angststoornis. Alleen de wanhoop bleef. En de kwetsbaarheid. Man…, een klein incident kan mij dagenlang van slag doen zijn.

“Sometimes silence can be like thunder”

Tussen mij en die zich roerende aarde bevind zich een wolkendek welk elk zicht op wat er gebeurd aan mijn directe waarneming onttrekt en zelfs vertekend. Ik bevind mij zelfs in die wolk. Licht, bewegingen en geluid krijgen zelf een onheilspellend en naargeestig karakter.

Wij zijn verhalen; we kunnen niet anders. We doen niet anders dan betekenissen  verlenen aan en verhalen vertellen over  hetgeen zich aan ons voordoet. Over god/God, onszelf en de wereld. Over verleden heden en toekomst. Vol van welwillendheid of naargeestigheid. Vooral god en mijn ‘zelf’ hebben daarbij in mijn jeugd een zeer naargeestig/angstaanjagend karakter gekregen. Voor mij is die wolk een verhalenbundel van wurgende betekenisverleningen; het zijn zelfvertellingen, die steeds weer nieuw leven worden ingeblazen door niet al te indrukwekkende ervaringen. Een mislukte poging tot contact / een beetje weerstand / een kritiekpuntje / een grote mond in mijn omgeving is genoeg. Een vraag van iemand ‘om mij even te spreken’ zaait al paniek. Ik ging/ga elke situatie gewapend/gemaskerd in. Een dichte mist die alles aan mijn zicht onttrekt en waarin zich allerlei spoken manifesteren. Meestal met het karakter van: ik had hier niet moeten zijn / ik ben schuldig /ik ben een satan en verdoem dus mijzelf. Geen redden aan. Naargeestige verhalen van mijzelf over mijzelf. De laatste tijd ben ik zelfs steeds meer gehoor gaan geven aan deze geluiden. Ik moet hier niet zijn. Ik heb geen positieve inbreng. Ik vertrek dus; ik trek mij terug. Mijn pensionering doet daar driftig aan mee.

Het probleem? De afstemming (attunement) in mezelf en met mijn omgeving; de emotionele (zelf-) regulering is heel snel verstoord. Vanaf het begin ben ik ‘de weg kwijt’ naar mezelf en naar de ander waardoor veel van mijn gedrag het karakter van FFF krijgt. Disorganized attachment? Veel van mijn ontmoetingen krijgen daardoor het karakter van ‘geen contact’. De clown en de vlucht zijn daarbij mijn meest gebruikte overlevingsstrategieën.

In therapie 2