Geen depressie, geen angststoornis maar hechting was en is mijn probleem?

9781462525546Deze ontdekking had ik natuurlijk veel eerder moeten doen. Dat had me heel veel momenten van diepe ontreddering en verwarring gescheeld; ook voor mijn vrouw.

Wat waren dan de problemen? Ik denk dat ik tot mijn puberteit vrijwel geen positieve herinneringen heb. Rond mijn 15 vond ik vrienden en een ‘ongelukkige verliefdheid’ die veel voor mij betekenden. Voor het eerst van mijn leven haakte ik naar buiten in de verwachting van de grote liefde en vond ik vrienden die mij leuk vonden. Rond mijn 21 vond ik god/jezus maar daarmee begonnen ook de echte problemen. Een vreselijke, voor mij onbegrijpelijke, ingewikkelde innerlijke/emotionele ‘huishouding’ die mij van ’s morgens vroeg tot diep in de nacht in de greep had. Angsten & haatgevoelens & afweer & schuldgevoelens & wanhoop wisselden elkaar af of liepen door elkaar heen. Existentieel en religieus. Toen ik mijn vrouw leerde kennen was er sprake van een vreselijke bindingsangst. Op de een of andere wonderlijke wijze kon ik mijn werk goed doen, werd ik een niet onaardige partner en vader en was ik een best wel leuke vriend(kwam wel in 2000 voor 40% in de WAO terecht). Maar de demonen verdwenen niet. Eerst dacht ik dat het depressies waren maar na een bezoek aan de psychiater hielden we het op een angststoornis. Dit leidde tot een redelijk succesvolle psychotherapeutische behandeling van meer dan 5 jaar.

Wat is dan de nieuwe ontdekking? In 2012 maakte ik het redelijk goed en ik ontwikkelde grootse plannen voor mijn oude dag: ik wilde gaan promoveren op de wanhoop.PROMOTIEONDERZOEK (def) Was het het gebrek aan expliciete steun, was het de denigrerende opmerking van een vriend? Ik weet het niet maar plotseling ging ik vreselijk onderuit. De vreselijke angsten kregen zelfs een compulsieve dimensie en ik verkeerde weer in een diepe wanhoop en er kwam niets meer uit mijn vingers. Ik  verbrak vriendschappen en ging opnieuw intensief in therapie. Bij toeval zag ik de film ‘Tree of Life’ met daarin een scenes van een jochie dat in een destructieve interactie terechtkwam met zijn vader en zijn omgeving. Ik stikte bijna in mijn emoties; dit was ik… Maar nu wilde ik dat kind eindelijk gaan begrijpen en kwam al studerend terecht bij de hechtingstheorieën van Bowlby. Binnen een jaar had ik bijna alles gelezen over (onveilige) hechting, emotieregulatie en mentaliseren. Eindelijk vond ik een ‘theorie’ die al mijn ervaringen vanaf de zwangerschap tot nu toe in een samenhangend en te begrijpen verhaal onderbrachten. Al die diepe existentiële wanhoop vol schuld en doem en de diepe ontredderende mislukte interacties met mijn vrouw kon ik nu ‘plaatsen’. Zelfs de diepe religieuze crises, schuldgevoelens en machteloosheid vonden hun plek hierin. (Zie ook a b c)

Ik heb nu een kapstok voor de emoties waarmee ik opsta. Ik begrijp iets van mijn ontreddering waarin ik terechtkom als er iets ‘misgaat’ tussen mijn vrouw en mij. Of tussen mij en mijn vrienden/familie. Het ongelooflijk diepe verlangen naar die ‘Safe Haven’ en ‘Secure Base’ dat mij dreef. Hoe ik die, als volwassen man, niet buiten mezelf maar in mezelf moet zien te vinden. ‘I guess it’s up to me‘(Bob Dylan) en dat dan op een niet cynische manier. Ik zie/voel iedere keer ‘de vrucht die niet gewenst was’, de baby die niet uit z’n bedje werd gehaald, de peuter die niet getroost werd, het kind dat het maar niet goed kon doen, het jochie dat met zeer grote regelmaat in elkaar geslagen werd, dat het grootste deel van de tijd alleen op zijn kamer doorbracht en gewoon vergeten werd, de puber waarvan mijn vader zei dat hij nog nooit een dag plezier van had gehad… Alsof ik voor zijn plezier geboren zou moeten zijn… Begrijp ik nu meer van Peter, van mijn zussen, van mijn ouderlijk gezin?

Het is eigenlijk schokkend om te ontdekken hoe ik in een vertekende werkelijkheid heb geleefd en nog leef. Mijn heftige ‘needs and vulnarabilities’…; de ‘distorted facts’ over mezelf en de ander. ‘Working models’ noemen ze dat, die heel mijn belevingswerkelijkheid inkleuren en die het gevaar lopen mijn handelen te sturen. Ik denk te ‘weten’ hoe mijn/de wereld in elkaar steekt. Eigenlijk ben ik, als het om relationele en spirituele intimiteit gaat, permanent ‘in de war’. Ik zie, voel en hoor dingen die er niet zijn; spoken en demonen van binnen en van buiten. Daarom is het bijbelverhaal van de ‘man tussen de graven’ en Jezus zo’n metaforisch sleutelverhaal voor mij. Met mij is geen fatsoenlijk gesprek te voeren. Het ‘craving’ naar veilige hechting en de vermijding van elk contact zijn als een permannte wisselstroom aanwezig in mij; ze strijden zelfs om voorrang. Voor hetzelfde geld was ik in een klooster terechtgekomen (ik denk alleen dat ze me er niet zouden hebben toegelaten..).

Maar het is minstens zo schokkend voor de mensen om mij heen; vooral voor mijn vrouw. Als mensen naar ons huwelijk vroegen was dat van mij (zo nu en dan) een hel en voor haar ‘goed…’. Ik zie nu in dat zij geen bron/oorzaak was van mijn ellende maar dat onze ‘disruptive interactions’ voor mij een trigger… Een pijnlijke her-innering van vreselijke tijden.

Een verademing om mezelf weer iets beter te begrijpen…; en (een klein beetje?) ook opgedragen aan mijn vrouw…

Nobody said it was easy (Sheryl Crow)
No one ever said it would be this hard (Coldplay)

In therapie 1

Maart 2013 schreef ik mijn laatste publieke blog over mijn stemming. Ik pakte in diezelfde tijd de draad van mijn therapie met Piet van Roest weer op. Vanaf 1999 was ik lange tijd in therapie geweest voor een ‘gegeneraliseerde angststoornis’. Mijn angsten, die eind 2012 waren teruggekeerd, hadden in de nacht inmiddels het karakter van bijzonder onaangename paniekaanvallen gekregen. Ze gingen op den duur zelfs over in dwang- & waan-gedachten-spiralen. Er waren momenten in die nachten dat ik niet meer wist waar ik het moest zoeken. Ik had Piet weer keihard nodig; al was het alleen al voor mijn zoektocht naar een nieuw medicijn.

In mijn dagelijkse leven wist ik mij redelijk overeind te houden. Alleen raakte ik op den duur al mijn zelfvertrouwen kwijt en trok ik mij steeds meer terug/in mijn schulp. Over een inmiddels al wat langere periode trok ik mij terug uit al mijn vrijwilligerswerk bij retraitecentra en ik brak met een zeer intensieve en goede vriendschap van meer dan 20 jaar. Vaak had ik daar plausibele redenen voor. Het was een proces van ‘ontbinding’ waarvan ik veel later pas doorkreeg wat de echte wortel was: een extreem negatieve zelfbeoordeling welke weer een gevolg was een hechtingsstoornis. Ja; ik was naar mijn eigen gevoel een ‘naar kind’ waarvan mijn vader op mijn 15de zei dat hij ‘nog nooit een dag plezier had gehad’. Denk ik nu te snappen waarom het leven van mijn broer Peter in eenzaamheid eindigde? We waren nogal niet gewild en zeker met teveel; zeker de laatste zes van de tien.

Ik schreef weinig of geen blogs meer en het plan om te gaan promoveren op “wanhoop” verdween in de ijskast. En ik ben zelfs bang dat het in de prullenbak verdwijnt.

Nee; het is geen leuke tijd geweest de afgelopen twee/drie jaar. In ieder geval aan de ‘binnenkant’. Ik denk dat alleen mijn vrouw hier echt iets van merkte. Aan de ‘buitenkant’ verging het me uitstekend. Want er is een zoon getrouwd, een schoonzoon gepromoveerd en een kleinkind geboren; wat niet niks is!

In het laatste jaar (2015) gebeurden er twee dingen die een wending teweeg brachten.

1. Ik had de film ‘Tree of Life’ gezien waarin en jongetje voorkomt waarin ik mij helemaal herkende! In de vervreemding tussen vader en zoon ontwikkelde het kind zich in een steeds meer ‘negatieve’ richting. Hij werd rebels en kreeg zelfs een ‘naar karakter’. Dit was ik! Ik stikte bijna in mijn emoties bij het zien daarvan. Maar als ik dat kind zou begrijpen zou ik ook meer kunnen begrijpen van mijn eigen ontwikkeling!!!

2. Ik schreef in februari een 4-tal vragen op in mijn dagboek en stelde de beantwoording daarvan tot het doel van mijn therapie:

  • ik wil de dynamiek van mijn innerlijk begrijpen
  • ik wil een plek in mijzelf vinden van waaruit ik niet meer meegesleurd wordt in die innerlijke ‘turmoil’
  • ik wil 1 & 2 in een spiritueel licht gaan zien en daarin een plek vinden van nieuwwording/genesis/godsgeboorte
  • en daarin wegen naar/van verbinding met God, mezelf en mijn wereld

100100400617436941EGo8NUcJLWist ik dat ik het kon gaan doorgronden? Dat ik er aan toe was om het door te krijgen? Ik lees heel veel naast en rond mijn therapie en in die tijd kwam ik via het ‘impliciete zelf’ en de ‘ziel’ van Daniel Hell en via halve en hele opmerkingen van Piet bij het mentaliseren terecht. Ik denk niet dat ik ooit zoveel en zo snel heb gelezen. Via deze twee boeken kwam ik terecht in de wereld van de hechting in de vroegkinderlijke tijd en de gevolgen van verwaarlozing en onveiligheid in de baby- en kindertijd. 511HvMeyh3L._SX332_BO1,204,203,200_9200000016502605Ja; mijn moeder was een depressieve vrouw. Ja; ze wilde/mocht geen kinderen meer en heeft de eerste maanden van mijn zwangerschap gehuild. “Ja, vertelde ze later, op den duur ging ik wel van jullie houden maar trok wel het meest naar de makkelijkste van jullie toe…” En ja; mijn vader wist zich geen raad met mijn heftigheid en en sloeg er flink op los (Een herinnering die een broer mij stuurde… Ik was toen 12). Ik had geen leven… Ik verinnerlijkte zelfs deze reacties om mij heen tot een zelfbeschouwing van pure negativiteit: ik ben slecht & levensgevaarlijk & geen plezier om mee te leven. Zelfs de duivel heeft het beter; die is slecht… 51EF-OvP2SL._SX324_BO1,204,203,200_Ik wilde dat niet zijn… Het heeft geleid tot een existentiële angst voor mezelf en een vreselijk ambivalent/chaotisch bindingsgedrag. Zelfs in de religieuze zin! En een diepe onmacht om me te verhouden tot al die heftige innerlijke fenomenen. Want ze lagen diep verankerd in mijn preverbale geheugen en mijn hersenen. Je zou kunnen stellen dat ik er vormen van hersenbeschadiging aan heb overgehouden.

(Mijn ouders verwijt ik niets meer; ook zij waren slachtoffer van…)

9200000005399520

Nu ik dit opschrijf merk ik hoe dankbaar ik ben dat ik eindelijk iets van mezelf ben gaan begrijpen! Mijn vrouw en ik kwamen zelfs terug bij een eerder gelezen boek over hechtingsgedrag in relaties van Sue Johnson. Het maakte veel ‘onmacht’ en ongewilde verwijderingen duidelijk. Nee ik ben niet zo makkelijk/helder in de omgang… De signalen die ik uitzend zijn niet allemaal even makkelijk te begrijpen. Nog steeds niet.

(wordt vervolgd…)

Erfenis…; Je moet een gegeven paard…

Ik had mijn zoon aan de telefoon: “Eigenlijk had je mij een heel andere wereld beloofd…!!!”. Ik was verbijsterd… Ik schrok…. Hij heeft gelijk…!!!!???? Heb ik, toen ik hem opvoedde, zijn toekomst volledig verkeerd ingeschat? Wat heb ik hem en mijn dochter meegegeven? Voor welke wereld/werkelijkheid heb ik hem opgevoed? Welk beeld van het volwassen leven hebben wij (non-)verbaal geschetst? Waarop heb ik hen voorbereid? Met welke verwachtingen/illusies stapten zij hun ‘grote mensen’ leven in?
Een gewetensonderzoek. Wat heb ik hem, zonder hem dat expliciet te zeggen, beloofd hoe de wereld er voor hem zou zijn? Ik moet onmiddellijk aan een paar dingen denken:

Wereldburger…

Was het 1 april 1993? De start van de Europese gemeenschap. Mijn zoon van 11 kijkt naar Jeugdjournaal en er is een item over deze start: alle lagere scholen gaan werken volgens het ‘Engelse model’: uniformen en Engels. Mijn zoon springt op van woede. Ik ga geen uniform dragen!!! Ik zat er bij en vroeg: ‘En het Engels spreken dan?’. Nee dat vond hij normaal. In de toekomst zouden we allemaal Engels spreken in Europa… Ik denk dat wij onze kinderen hebben opgevoed tot wereldburger. Onze dochter heeft dan ook als 15 jarige een jaar in Ecuador gezeten… Ze is nu getrouwd met een Deen. Toen zag ik dat als een mooie toekomst. Nu denk ik dat dat niet zonder slag of stoot zal gaan: Fort Europa.

Koop een huis en je wordt rijk…

Het is verbijsterend om te zien hoe velen van mijn leeftijdsgenoten schatrijk zijn geworden van de koop en verkoop van hun huizen. Wij kochten een Premie-A rijtjeswoning in 1982 in Noordwijk voor 110.000 gulden. Acht jaar later verkochten we dat voor 175.000 gulden en dat was dan een afgesproken prijs op basis een taxatie van de gemeente. We hadden 40.000 meer kunnen vangen… We kochten een nieuw huis, twee onder 1 kapper, in Dronten voor 180.000 gulden. Tien jaar later bouwden we een vrijstaande woning voor 350.000 gulden; ongeveer het geld waar we het vorige voor verkochten. Vier jaar later verkochten we dat weer voor 390.000 Euro! En geen van de stappen maakten we omwille van geld; integendeel.. We konden door de laatste twee ‘kwantum sprongen’ wat geld opzij leggen voor ons vroeg-pensioen en om het pensioengat van mijn vrouw te dichten.. En ik kon een prachtige studie gaan doen. Onze laatste stap was de koop van een huis van 500.000 euro in het centrum van een stad aan de IJssel. Ons verlies drie jaar later als gevolg van de crisis is ongeveer de waarde van ons opzij gelegd geld… Dit was het beeld waar onze kinderen mee opgegroeid zijn: koop een huis; daar wordt je rijk van. Nu kunnen ze voor geen meter een huis kopen terwijl zij aan de rijke kant van Nederland staan!

De ‘juiste’ partner..

Wat hebben we ze voorgeleefd als het gaat om relatievorming? Aan tafel waren we altijd de lieve ouders en kameraadschappelijke partners. Wat ze niet zagen waren de moeizame dagen, weken en soms maanden in de relatie. De loopgraaf gevechten achter de schermen. De ‘tekorten’ die we voor elkaar waren. Volgens mij maakte ik er wel grappen over maar de echte pijn..? ‘The nights without sleep‘ dat was allemaal niet te zien. Ze zouden dus kunnen denken dat een relatie redelijk makkelijk gaat. Dat geluk aan de oppervlakte en binnen handbereik ligt. Hoe verbind je je eigenlijk aan elkaar? ijstijd_aan_het_wadEn hoe houd je het vol? En dan heb ik het hier nog niet eens over het domein en doolhof van het seksuele verlangen als de dagen van verliefdheid over zijn gegaan en/of als er kinderen komen. Welke romantische illusies heb ik aan hen doorgegeven?

Het maakt niet uit wat je studeert…

Ja; ze moesten vooral dat gaan studeren wat ze leuk en zinvol vonden… Je zou toch wel aan het werk komen. Er kwamen geweldige tekorten aan op de arbeidsmarkt. Ze zouden met open armen ontvangen worden. Ja de cijfers waren er en daar had ik toevallig wel vertrouwen in. Heb ik dan ooit gedacht dat het wel eens minder zou worden? Ik had in mijn levensloop een paar stevige dips meegemaakt maar die waren ook al snel weer over. In 1982 werden de hypotheekrentes schrikbarend hoog; ik heb nog 12% rente op mijn hypotheek betaald. Maar dat ging over en het werd alleen maar beter. In  2001 hadden we de internetzeepbel maar daar had ik geen medelijden mee; eigenschuld dikke bult… En het werd steeds maar beter. Crises werden voor mij buien die voorbij gaan en waarna het toch weer beter gaat.. En dat straalde ik ook wel uit denk ik.. En nu is er sprake van de driedubbele dip… big-school-0906_1Natuurlijk het gaat ze voorlopig nog beter of net zo goed als het ons toen is gegaan… Maar hoe zal dit verder gaan? 90% van de eerste banen zijn en blijven voorlopig flexibele contracten.. Daar kun je geen hypotheek mee krijgen; als je al een huis kunt betalen.. En dan heb ik het nog niet eens over de jeugdwerkeloosheid.

Het komt goed…

PFQUiY4397O3WqI8JXNfQw==Volgens mij hebt ik ondanks mijn donkere kant altijd een optimisme uitgestraald. We zijn nog nooit zo rijk, gezond en gelukkig geweest. Ik ervaar mijn bestaan als een gaan door een super gouden eeuw. Ik heb nog nooit een oorlog meegemaakt; o ja mijn oudste broer natuurlijk wel: Nederlands-Nieuw-Guinea… 1960. Toen wij een bijbelvertelling van Karel Eykman over de ‘stinkend’ rijke man aan tafel hadden voorgelezen voor mijn dochter wat ‘stinkend rijk’ was? Ik vertelde dat je dan zoveel geld had dat je alles kon kopen wat je wilde: huizen, auto’s en vakanties. Spontaan riep ze uit: “dan zijn wij dus stinkend rijk?”. “Ja”, zei ik,”Je hebt dat heel goed gezien; houden zo”. De enige verstoring van deze droom was onze zoon van toen tien “Pap wat moet je doen als je angst hebt?”. Bidden..; wilde ik zeggen, maar ik wist inmiddels dat dat niet echt werkte op lange termijn.. Ik ben het antwoord nog steeds schuldig; wie weet is dit wel de drijfveer van mijn promotieonderzoek.. all_shall_be_well_largeOndanks deze ‘crack‘ geloofde ik dat onze kinderen ook een gouden zo niet diamanten toekomst tegemoet zouden gaan… Toen ze inmiddels groot waren maakte mijn dochter mij attent op het thema van ‘All shall be well’ in het boek  EilandgastenEn ik dacht dat mijn opvoeding gelukt was….

Ik heb hem gevraagd hetzelfde te doen als ik hier gedaan heb… Hardop tekeer gaan.. Ik ben heel benieuwd. En dat was ik vergeten… Als er straks al een een erfenis is moeten ze die ook nog eens met z’n vieren delen…

‘Het komt niet goed’ Christa Anbeek en A.F.Th. van der Heijden 2

Het tweede recente document over de dood en zijn verwoesting is het boek: ‘De berg van de ziel’

De_Berg_Van_De_Ziel.9789025902834Ik weet niet precies waarom ik bijna alle boeken van Christa Anbeek in mijn bezit heb. Wat mij het meest aan haar boeit is de tomeloze oprechtheid. Zij laat je regelrecht meekijken in haar ervaringen met existentiële thema’s die haar eigen zijn. Dat kan gaan over haar ontmoetingen met Zen, haar liefde voor Mimi tot haar laatste twee boeken waarin zij de rechtstreekse confrontatie aangaat met de dood. Daarnaast spreekt mij haar belezenheid aan.

Dit boek heeft ze samen geschreven met Ada de Jong. Ik heb het in een adem uitgelezen. Ik ga het boek niet uitleggen en bespreken dat wordt elders vele malen beter gedaan. Helaas kan ik hier ook niet meer het prachtige artikel uit Trouw als bijlage toevoegen. Ik heb op mijn kop gekregen van ‘copie politie’. Maar waarom spreekt mij ook dit ‘document’ weer veel meer aan dan de meeste preken die ik de laatste jaren over me heen heb gekregen? Een paar citaten:

‘Als je je kinderen verliest, komt dat nooit meer goed. Daar kan geen zinvol leven tegenop.’ (Trouw 29 mei 2013)

‘En toch heb ik het gevoel dat het niet goed gaat komen met mij. — Mijn echte leven is voorbij’ (232; de laatste regels…)

‘Er zijn krassen op mijn ziel die niet meer genezen’ (Trouw 29 mei 2013)

‘We verdringen dood, eindigheid en kwetsbaarheid in onze maatschappij. Verberg dat zeer dan geloof dat we ons leven verzaken. Het begint met je eigen pijn onder ogen durven zien’ (Trouw 29 mei 2013)

Volgens mij is het ‘de keuze’ om lijden volledig serieus te nemen die mij hierin aanspreekt. Het onoplosbare, het onherroepelijk, het onomkeerbare, het volledig verlorene in de ogen zien. holy-innocents-02Je niet laten troosten; geen illusies. Niets ontkennen of verdoezelen. We hebben het dan niet alleen over kwetsbaar leven maar ook over gewond, onherstelbaar beschadigd en zelfs dodelijk leven. Het is tegengif tegen het idee ‘dat je van leed beter wordt'(Trouw). Waar komt toch die illusie vandaan van onkwetsbaar leven; van het geluk dat aan onze kant zou moeten staan. Geluk is geen vanzelfsprekendheid of recht.

Christa gaat aan de hand van hun beider ervaringen in het boek in gesprek met de hoofdthema’s van de theologie zoals God, Christus, Geest, mens en wereld. Daar was ik bij de eerste lezing nog niet zo van onder de indruk maar wie weet vraagt dat een tweede lezing en meer eigen reflectie en dialoog denk ik? Ik geloof zelf dat deze wijze van confrontatie met het lijden van het leven leidt tot een heel andere wijze van spreken over de ‘God die deel uitmaakt van leven en lijden’. Het zal dan over actuele en authentieke levende/lijdende incarnatie en immanentie gaan…

Judith-Viorst-Noodzakelijk-verlies-27524705Misschien zou er een speciale scholing moeten zijn in verlies. Ik denk nu weer aan het prachtige boek van Judith Viorst: ‘Het Noodzakelijke verlies’. ‘Er is lijden’ zegt Boeddha m.i. zeer terecht en praat dan vervolgens toch weer over een ‘uitweg’? Volgens mij is er geen weg uit het lijden; alleen in…

Ik ga dan nu ook geen uitvluchten benoemen. Het komt niet goed…. En toch doorgaan; gaan waar geen weg is…

Lezend, reflecterend, in gesprek, in stilte, biddend, zingend, mediterend, in handelen, in dromen, in muziek, in beelden en schrijvend. Schrijven zoals Christa Anbeek en van der Heijden dat doen.

Iemand heeft ooit gezegd dat waar wij een punt zetten we moeten leren een komma te plaatsen… Het verhaal gaande houden dus…

(Blog over A.F.Th. van der Heijden is onderweg)

Depressie 4

And if my thought-dreams could be seen
They’d probably put my head in a guillotine
But it’s alright, Ma, it’s life, and life only    Bob Dylan

Laat ik beginnen met te zeggen dat ik dit ‘proces’ met tegenzin afmaak. Maar ik wil een ‘eerlijke pentekening’ van mijn bestaan op deze website… Zo nu en dan kom ik hier, op deze plek van wanhoop, blijkbaar terug.

Het nieuwe medicijn werkte dus niet bij mij. Ik ben weer terug in het oerwoud waar ik, jarenlang heb ingezeten en waar, naar ik hoorde van mijn jongere broer en ook wel wist, mijn moeder veel aan leed…? Ze slikte een groot deel van haar leven rustgevende middelen. Nu ik er zelf weer in zit wil de ‘kleuren’/ingrediënten van deze werkelijkheid schetsen.

film-quasimodo12Quasimodo

Q. is voor mij het beeld van de gevoelige (muzikale) mens die zich heeft teruggetrokken omdat hij/zij denkt dat hij ‘lelijk’ is… Ik was diep onder de indruk van die film in mijn jeugd. Op de een of andere wijze eindigen veel van mijn interacties met mijn omgeving, dezer dagen, in een ‘gekwetste nederlaag’. Noem het ‘slachtoffer’, noem het ‘(aan)klager’; anyway je eindigt bloedend, verwond en met een gevoel van ‘er is iets mis met mij’ / ik ben niet geliefd… Natuurlijk weet ik dat dit niet zo is maar mijn optreden is vaak ook ‘net mis…’; soms ronduit ongelukkig. De vraag is zelfs in welke categorie dit blog valt… Dat heeft ook met een tweede punt te maken.

Deze tweede dimensie in mijn optreden heeft met een kenmerk van mijn persoonlijkheidsstructuur te maken: ik ben een ‘ambivert‘. Ik ben voor een flink deel extravert maar voor een even groot deel introvert. De depressieve ‘ontwikkelingen’ hebben daardoor van de ene kant het effect dat ik de neiging heb mijn lijden uit te venten en/of naar buitengerichte afleiding te zoeken maar er is evenzeer een behoefte om mij terug te trekken. Mijn broer trok zich helemaal terug op/in zichzelf en vereenzaamde. Gelukkig treed ik, hoe ingewikkeld ook, naar buiten. En dan bedoel ik niet eens zozeer dit/deze webblog. Het maakt dat ik onder de mensen blijf en redelijk tot normaal functioneer, in de maatschappelijk zin. Mijn werk is in deze zelfs een gezonde afleiding.

Het derde ingrediënt is de gegeneraliseerde angststoornis; de permanent aanwezige ‘paniek’. Hyperalert; maar dodelijk vermoeiend. Voortdurend een steen die op je borst drukt. Je lichaam en geest afwisselend in de Flight-Fight-Submit-Freeze modus. Zelfs mijn fysieke gang krijgt in deze tijd iets gebogens en kreupel… (zie: Q)

Deze ingrediënten vermalen zich in mijn hoofd tot een heen en weer golvend gepieker waarbij het grootste deel van de gedachten gaan over een vooronderstelde religieuze verlorenheid. Ik ben fundamenteel en totaal ‘niet OK‘. Uiteraard heeft mijn jeugdige kerkelijke achtergrond flink bijgedragen aan deze ‘vorm’ van innerlijke monoloog. Zo werkt het in ieder geval bij mij. Het lastige met dit soort ‘stoornissen’ is dat iedereen heeft te dealen met zijn of haar eigen ‘blend’. Waardoor het bij iemand anders net weer effen anders is… Geen lichaam en/of levensverhaal is hetzelfde…

(Ik weet niet eens meer of ik in mijn blogs wel een keer over mijn opvoeding heb gesproken. Ik had, vanwege de gezondheid van mijn moeder, niet geboren moeten/mogen worden (ze heeft drie maanden gehuild toen ze zwanger was van mij) en mijn vader zei rond mijn zeventiende dat hij nooit een dag plezier van mij had gehad. Ik was een levendig en temperamentvol kind die soms meerde keren per dag een pak slaag kreeg van zijn driftige vader. De boodschap aan mij was in ieder geval dat ik in en in slecht was en dat het nooit goed met mij zou komen.)

Het dagelijkse eindresultaat van dit proces is een gespannen en versomberd mens. Een stressmodus die maar niet op ‘uit’ wil gaan. En wat doe je ‘als niks werkt’? Troostend is het dat ik dit soort stemmingen en verwarringen lees van mensen als Guardini en Henri Nouwen. Ton Lathouwers en zijn Zen. Zij zijn mijn ‘bakens’ in de nacht… Zij brengen mij nergens; zij helpen mij daar te zijn waar ik nu ben.

En natuurlijk ben ik bezig om een nieuw medicijn uit te proberen. Maar voor dat je weet of dat wel of niet werkt ben je weer twee maanden verder…

Na een ontmoeting met een vriendin van ons kwam er nog een lastig aspect van dit soort stemmingen naar voren. Het meest gevaarlijke moment is dat je in je wanen gaat geloven.  Of in de zin van dat iedereen je in de steek laat en dat je het dus wel heel slecht heb getroffen met je omgeving of het moment waarop je in je ‘zelf-evaluaties’ gaat geloven… Of het moment waarop je jezelf met je ‘gedachten en gevoelens gaat identificeren; ‘Ik’ ben die gedachte/dat gevoel…

Now, little boy lost, he takes himself so seriously
He brags of his misery, he likes to live dangerously      Bob Dylan

O ja en muziek. Met een vette glimlach van zelfspot: ‘Nobody knows you when you’re down and out

Lost; verdwaald (2)

I’m lost; naar mijn mening zong ik dat in een prachtige ‘blues’. Het was het einde van een zeer heftige droom waarin ik volledig verdwaald was geraakt temidden van carnaval vierende mensen. Toen ik tenslotte weer verenigd was met mijn ‘Bijvrouwen’ familie(ik was daar met hen op vakantie), inclusief de neven en nichten en hun partners, werd ik, terwijl ik dit ‘I’m Lost’ uit volle borst zong, ontmaskerd door een nieuwe aangespoelde neef. Hij keek mij doordringend aan en begon te vertellen over allerlei zeer gevaarlijke en ernstig gestoorde mannen; de associaties waren niet zozeer trefzeker maar wel zeer duidelijk met een bedoeling iets over mij te zeggen. Ik werd wakker gemaakt door mijn vrouw.

Ik ben een week geleden, na een bezoek aan mijn psychiater, overgestapt op een ander medicijn (Cymbalta -> Lyrica). Er waren allerlei aanwijzingen, de laatste tijd, dat mijn gebruikelijke angsten/stemmingen blijvend de kop op staken. Mijn vrouw ziet dat heel scherp en zegt dan na verloop van tijd: “zijn de medicijnen niet uitgewerkt?”. Natuurlijk vind ik dat een laffe reactie en een vorm van ‘niet nabij willen/kunnen zijn’ aan/in mijn angsten en depressies. Zij noemt zo’n tijd ‘op eieren lopen’. Ik ben dan zeer kwetsbaar en niet makkelijk benaderbaar en zij vind het bedreigend en geeft het na 1 vraag al op. Zij: ‘zoek het dan ook maar lekker zelf uit met je zure gedrag’. Ik: ‘lekker makkelijk; na 1 poging al opgeven..; ben ik niet meer waard?’. Passief/aggressief zou je mijn gedrag kunnen noemen: vol verwijt… Nee, we gedragen ons zeer fatsoenlijk naar elkaar maar het is wel een ijstijd. En dat niet voor het eerst

Bob-Dylan-The-Times-They-Ar-579933It’s a restless hungry feeling
That don’t mean no one no good
When ev’rything I’m a-sayin’
You can say it just as good.
You’re right from your side
I’m right from mine
We’re both just one too many mornings
An’ a thousand miles behind                    

One too many mornings; Bob Dylan

Een systeem van ‘wanen’ noemt mijn psychiater het; mijn angsten en gedachten van verdoeming. Een monoliet van piekergedachten die niet uit te zetten zijn en een volledig eigen leven zijn gaan leiden. Stemmingstoornis (GAS) noemt hij dat. Maar er is, in zo’n tijd waarin die stemming weer gaan domineren zoals nu, voor mij geen duidelijke grensovergang meer tussen mijn ‘waanideeën’ en de werkelijkheid. Voor mij zijn het werkelijke zelfevaluaties die zelfs bepalend (zouden kunnen zijn) voor mijn handelingen. Ik heb het van nabij meegemaakt, wel 8 keer denk ik, in de vorm van bipolariteit. In zijn innerlijke en uiterlijke ‘werkelijkheid’ kreeg hij eindelijk de kans om zijn droom(kasteel) te realiseren. Voor zijn nabije omgeving was het enthousiasme. Volgens mij was hij gek… Volgens hem was ik jaloers.. Het gaat mij hier niet om hem maar om die waanzinnig moeilijk te bepalen grens tussen ‘waan’ en werkelijkheid… Als ik mijzelf evalueer in zo’n stemming blijft er niets van mijzelf over; ben ik alles kwijt.. En geloof me, dat kan voor je-zelf heel overtuigend zijn!de-ziekte-tot-de-dood-s-kierkegaard-9789085066101-voorkant

(Intussen heb ik wel het initiatief genomen om te gaan promoveren… Of zou dat ook een de waan ingegeven handeling zijn. Het onderwerp is: ‘Wanhoop en Spiritualiteit‘.)

Nu gebruik ik dat nieuwe medicijn. Fascinerend! Binnen een halve dag waren die ‘gedachten’ verdwenen. De stemming gehalveerd… En vooral mijn gedrag veranderd. Er komt energie los. Er gaat weer iets stromen. In eerste instantie Boosheid en Expliciet verwijt? en zoek ik de confrontatie die ik maandenlang heb vermeden. Het passieve ben ik kwijt; ruimte voor agressief verwijt… Er gaat weer iets stromen… Volgens mij zijn er geen medicijnen die moord of zelfmoord als bijwerking hebben maar er komen er wel erg veel soorten emoties los in die omslagtijd. Neigingen tot doortastend, ‘te’ rigoureus en desastreus optreden. Ik had bijna heel mijn blog verwijderd en vernietigd. Volgens mij speelt dit vooral als ze werken! Psychiaters en doktoren moeten daar op bedacht zijn.

Terug naar ons nachtelijk ‘Auping overleg’; “Je bent je liefde voor mij wel helemaal kwijtgeraakt de afgelopen tijd..”, constateerde en vroeg ik. Het bleef pijnlijk stil. Eigenlijk wist ik het antwoord wel. Ik zou haar niet gelooft hebben als het antwoord anders zou zijn. Na enige tijd herhaalde ik de vraag. Ik wist het wel maar wilde het uit haar mond weten. Na een herhaalde aarzeling zei ze: “Het is goed dat ik je al zolang ken…”. IMG_Gerda

Wat ben ik trots op haar en op ons. Wat hebben we allemaal wel niet bereikt. Geduld… Wat ben ik haar dankbaar dat zij het met mij uithoud…

(Een eerder blog gaf, achteraf gezien, al aanwijzingen in deze richting…)

lg80130En om nog even in de ‘Blues’ te blijven: ‘Nobody loves you when you’re down and out‘ (en Janis Joplin en deze en deze versie). Maar snappen kan ik dat ook weer wel. We zijn geen aantrekkelijke mensen; de sacherijnige zeurkousen. Die Founding Fathers of the Grumpy old men society.

Writer’s block blog (1)

Het ontbrekende kan niet geteld worden

Het is nu al bijna twee maanden stil geweest op deze plek. Hoe maak je op je website zichtbaar hoe je leven, op de achtergrond van je blogs, zich bij tijden voortsleept zonder dat er een appel van uit gaat om zielig gevonden te worden?

Het gezin waar ik deel van uit mag maken is geen uitzonderlijk fenomeen. Twee volwassen kinderen die na hun studie hun weg zijn gegaan en hebben gevonden. Weinig vasts en vaak onder de zwarte vlag van bezuinigingen; maar ze doen het fantastisch. Twee van een geheel ander kleur nog bij ons thuis die hun stinkende best aan het doen zijn om een goede basis te leggen voor die onzekere toekomst. Daaromheen hebben inmiddels drie fantastische ‘schoon’-kinderen aan/ingehaakt. Een fantastische ‘bunch’ die ook nog eens heel goed bij elkaar passen. De spanning zit hem in de onzekerheden om hen heen. Bezuinigingen, reorganisaties en onzekerheden rondom ‘verblijf’ e.d. zitten hen op de huid. Wij (en zij) houden ons hart vast bij deze verhalen. Maar dit is geen nieuws; dit is er altijd geweest en zal altijd zo blijven. (Alleen is deze crisis wel erg hardnekkig…)

9056701789Maar dat zit me allemaal niet dwars. Kost wel veel energie, maar toch. Is het dat ik 60 ben geworden en twee mensen van heel dichtbij zijn overleden? Mijn schoonzus en mijn laatste en liefste oom? Is het de zo nu en dan weerkerende depressie die opspeelt? Afscheid van vrienden? Dat soort ervaringen waren echter vaak ook weer inspiratie tot schrijven…

>>>>>

Overigens een prachtig interview in Trouw van 26 januari met psychiater Wibo Algra die betrokken is geweest bij de ontwikkeling van de DSM V. Zeer herkenbaar die contaminatie van gevoelens en gedragingen…

Citaat: “We denken dat er bij ziekten als schizofrenie of depressie allerlei symptomen zijn die weer andere symptomen oproepen. Als je somber bent, ga je vanzelf denken dat mensen negatief over je denken. Die gedachten kunnen stemmen worden die je dat vertellen. Dan ga je je misschien wel terugtrekken, je komt niet meer de deur uit en gaat jezelf verwaarlozen. Anderen worden er misschien wel heel angstig van, gaan mensen in paniek bellen of veel drinken. Die oorzakelijke ketens hebben we wellicht gemist. We gingen er te veel vanuit dat symptomen braaf allemaal tegelijk ontstaan door een genetisch probleem. Alsof het levensverhaal van patiënten er helemaal niet toe doet.”

>>>

Nee, er is denk ik sprake van een diepe breuk in mijn leven; het is mijn werk denk ik. De laatste jaren raakte ik betrokken bij het werken aan een inspirerende toekomstvisie voor de school waarop ik werk en een toekomstvisie voor het werkveld van de studenten. Dat gaf mij een boost. Met een paar mensen zouden we nieuwe inspirerende concepten en netwerken bij elkaar gaan brengen of zelf bedenken. Een betekenisvolle bedrijfsvoering voor de agribusiness. En ik zou me vooral richten op ‘de ziel‘ van ondernemen.

In de twee jaar tijd is er geen enkel product uit onze vingers gekomen. Alleen een paar blogjes van mijn hand en een meter boeken in mijn kast. Teveel ego’s om synergie mee te creëren? Heb ik mijn eigen bijdrage/deskundigheid overschat? Ik ben eruit gestapt.. ‘Een heel goed idee’; zei een van de andere ego’s. Pijnlijk dus.. En nu is ook nog eens onze directeur opgestapt die mischien wel de kartrekker was van al deze dingen. Hiermee verliet de ziel de school? Ik wilde nog 6 jaar meewerken aan die toekomst… Voor het eerst denk ik echt aan mijn pensioen…

Bevind ik mij in overgangen die mij in mijn fundamenten raken? Ik ben 60 en definitief een bepaald soort lichaam met bepaald soort mogelijkheden kwijt. Ik heb echt heel erg fantastische en lieve kinderen. Maar voor mijn kinderen thuis ben ik vader en vraag ik van hen geen steun. Maar voor wie de deur uit zijn? Ik merk dat ik op de een of andere wijze zoek naar een nieuw cont(r)act.. In mijn hoofd heb ik vaak het beeld van een meertrapsraket. Wij hebben ze gelanceerd en ik land vervolgens in zee en zij..? Maar nu doe ik aan wat we nu hebben geen recht. Toch is er op een of andere wijze een distantie/afstand? Ik zoek naar beelden en verbindingen ‘over’ die seperatie heen..

Op mijn werk doe ik vaak alleen nog datgene wat ik al jarenlang deed. Nee; ik ben geen ‘Grumpy Old Man’ ook al speel ik daar wel vaak mee. Ik ben nog steeds gedreven; maar mijn werk heeft geen duidelijke bedding en/of helder perspectief meer terwijl mijn lichaam en geest misschien nog wel 25 jaar voor zich heeft (D.V. /Insha’Allah). Ik wil heel graag echte uitdagingen en verbindingen over mijn ‘pensionering’ heen. (Ouder worden en werk) Of is dit mijn ontkenning van de dood? Natuurlijk is opa zijn een mooi iets maar dat is geen ‘werk’? Ik moet heel hard aan de slag om opnieuw geboren te worden… En ik heb wel een idee, maar dat wordt een volgend blog..

Nee ik wil hier geen chachrijn communiceren maar wel leven in zijn weerbarstigheid..

Bob Dylan – “11 Outlined Epitaphs” (1963)

Al’s wife claimed I can’t be happy
as the New Jersey night ran backwards
an’ vanished behind our rollin’ ear
“I dig the colors outside, an’ I’m happy”
“but you sing such depressin’ songs”
“but you say so on your terms”
“but my terms aren’t so unreal”
“yes but they’re still your terms”
“but what about others that think
in those terms”
“Lenny Bruce says there’re no dirty
words . . . just dirty minds an’ I say there’re
no depressed words just depressed minds”
“but how’re you happy an’ when ‘re you happy”
“I’m happy enough now”
“why?”
“cause I’m calmly lookin’ outside an’ watchin’
the night unwind”
“what’d yuh mean unwind?”
“I mean somethin’ like there’s no end t’ it
an’ it’s so big
that every time I see it it’s like seein’
for the first time”
“so what?”
“so anything that ain’t got no end’s
just gotta be poetry in one
way or another”
“yeah, but . . . “
“an’ poetry makes me feel good”
“but . . .”
“an’ poetry makes me feel happy”
“ok but . . . “
“for the lack of a better word”
“but what about the songs you sing on stage?”
“they’re nothin’ but the unwindin’ of
my happiness”

Eenzaamheid, wanhoop en Identiteit; Paul Verhaeghe

Dit boek, Identiteit, kwam ik tegen; de achterflap en de inhoud waaraan ik even gesnuffeld heb intrigeerde mijn. Ik kwam beschrijvingen tegen die ik zo bij Thomas Merton zou kunnen lezen over de vervreemding: onze marktconforme lege identiteit. Bij nader inzien bleek ik zijn vorige boek ook al te hebben. Paul Verhaeghe is een Belg en een analytisch geschoolde psychiater, die een sterk pleidooi houdt voor een heel andere benadering van veel psychisch leed. Het interview met hem over zijn nieuwste boek door Wim Brands vond ik een verademing (Paul Verhaeghe; 15 min doorspelen  / en hier + Recensie Identiteit). Een paar van zijn inzichten zet ik hier op een rij. Het is natuurlijk onmogelijk om twee boeken in een blog samen te vatten (Interview / Het Einde van de Psychotherapie). Ze lezen als spannende detectives waarbij de ontknoping niet te filmen voor de hand ligt. Maar die eenvoud is absoluut niet ‘simpel’. Ze zijn de essenties van het leven. Ik zie ook wel verbanden met mijn andere blog over het Zelf.

Zijn missie

In de eerste plaats verzet hij zich tegen de mainstream psychotherapeuten die oorzaak van veel van ons moderne lijden, zoals depressies, ADHD e.d., eetstoornissen, fobieën en die in het autistische spectrum, bij het individu en dan nog het meest in de hersenen zoeken. De DSM en de symptoom bestrijding met medicijnen zijn leidend in de ‘korte termijn psychotherapie’. Zijn profetie is dat zij op den duur niets anders bestrijden/onderdrukken dan de uiterlijke conversie verschijnselen. Op basis van zijn jarenlange ervaring, zijn psychoanalytisch perspectief en reflectie, zoekt hij de diagnose en daarmee ook de therapie in een heel andere richting.

Zijn visie

Dat heeft alles te maken met zijn ‘antropologie’. In zijn visie vormt onze ‘identiteit’, ons-zelf-zijn, zich in een dynamische wisselwerking tussen ons lichamelijk-zijn, met zijn driften en affecten, en de directe omgeving/Ander. Dat zijn de opvoeders, de maatschappij en de verdere ‘materiele’ omgeving. Door de tijd heen schrijven wij het verhaal van wie en hoe wij willen en kunnen zijn. En dat wordt een al of niet leefbaar kunstwerkje; de identiteit. In dat kunstwerk zit een zeer kwetsbare dualiteit/polariteit verweven. Een zeer dynamisch en complex heen en weer tussen verbondenheid / identificatie/ solidariteit met de Ander en die van het Zelf/ autonomie/ individualisering / separatie / vrijheid en op jezelf zijn. Nog een keer; deze ‘identiteit’ heeft alles met mijn eigen lichamelijkheid en contextualiteit te maken. Inclusief de daarin centrale ‘driftregulering‘. Dit voortgaande verhaal kan ‘goed genoeg’ lukken of ernstig vastlopen/mislukken zoals ik al zei.

Zijn diagnose

Zijn stelling is nu dat in onze tijd dat evenwicht verloren is gegaan als gevolg een ontwrichtende maatschappelijke / collectieve ontwikkeling waarin de verbinding/solidariteit geen bedding meer vind en waarin de autonomie is verdampt/gecorrumpeerd/ingepikt door collectivisering in mode en trends. De ‘ultieme vervreemding’ zou Thomas Merton dit noemen. De symptomen van deze ‘verloren identiteit’ zijn een diepe wanhoop, eenzaamheid en angst. We weten niet wie we zijn en waartoe wij dienen. Een diep existentiële crisis. Hij noemt het de ‘actuaalneurose’. We zijn de dialoog tussen innerlijk (ons lichaam) en uiterlijk (de omgeving) kwijtgeraakt; of nog erger wij zijn nooit echt aan dat ‘gesprek’/ die verwoording en verbeelding begonnen. Al die moderne psychische ziekten zijn een symptoom van de diepe existentiële wanhoop, angst en eenzaamheid.

De therapie

Zoals ik het zie en lees wordt de therapie hiermee niet een corrigerende emotionele setting die zich focust op trauma’s zoals vroeger, maar een liefdevolle en gezagvolle ‘spiegelende’ relatie waarin de mensvorming vanuit de eigen diepte misschien wel voor het eerst kan gaan plaatsvinden. Authentieke identiteitsvorming. Wie ben ik, wie mag ik zijn en wie wil ik worden. Hij ziet hierin nieuwe eisen aan de politiek, samenleving, opvoeding, onderwijs en management.

Is dit nieuw? Nee ik herken hier Terruwe, Hermans, mindfulness en de narratieve psychologie in. Een boek waar ik lezend, vaak aan moest denken, was dat van Mark Epstein, Gedachten zonder denker, wat ook ‘het afwezige zelf’ in de moderne westerse mens als kernprobleem definieerde. Dus niet een teveel aan zelfliefde maar een diep ‘tekort’; een diepe onmacht om zich tot zichzelf en de wereld te verhouden. Een identiteitsvorming die al zeer snel de weg is kwijtgeraakt. Een boek dat ik wel drie keer gelezen heb. Ook omdat hij hierin een relatie legt met Zen. En ook over de illusies over wie wij zelf zijn. Blijkbaar blijft de vraag naar wie wij zelf zijn, mogen zijn, moeten zijn de/een kern. Maar die kern ontdekken wij alleen in een voortgaande dialoog/gesprek met ons Zelf en de Ander die een ‘spiegel’ voor ons wil zijn. Liefdevol maar wel met gezag (Brinkgreven en Dwang). Goede geestelijke begeleiding kan en moet dit zijn. De bron hervinden van wie je mag zijn…

Daarmee bezig zijn is dan dus iets meer dan een hobby. Deze website is misschien wel een lange poging om mijn eigen innerlijke en maatschappelijke weg te vinden in deze soms schijnbaar waanzinnige werkelijkheid. Mijn spirituele en existentiële topografie / biografie / identiteit. Mijn ‘Talking/Writing cure’. En als dit blog niet uitnodigt de interviews te bekijken, de recensies te lezen en/of een van de boeken te gaan lezen heb ik mijn werk niet goed gedaan.

Thomas Merton over ons Zelf: illusie en ons ware Zelf

Iemand vroeg aan Thomas Merton hoe wij er uit zullen zien in de hemel. Zijn antwoord was kenmerkend en verassend: “there won’t be left much of you there…” (bron James Finley)

Hier staat de vraag naar ons zelf centraal (zie deel 1). In spiritualiteit wordt er vaak een onderscheid gemaakt tussen ons echte en illusoire zelf. Thomas Merton heeft daar veel over gezegd en er is veel over geschreven door anderen. In New Seeds of Contemplation (NSC) komen we veel uitspraken daarover tegen. Een paar citaten in een bepaalde ordening.

Over het onechte zelf

Het ‘leven in duisternis’ begint met de veronderstelling dat mijn onechte zelf, het zelf dat alleen maar bestaat in mijn egocentrische verlangen, de meest fundamentele werkelijkheid in mijn leven is, waaromheen al het andere is geordend. Dus verkwansel ik mijn leven aan mijn verlangens naar plezier en mijn honger naar ervaringen, naar macht, eer, kennis en liefde. Ik tuig dit onechte zelf op en maak zijn totale leegheid tot iets wat ogenschijnlijk echt lijkt. Ik omgeef mijzelf met allerlei afleiding en bedekt mijn zelf onder allerlei pleziertjes…. als omhulsels waarmee ik mijzelf aantrekkelijk maak voor mijzelf en de wereld. Alsof er een onzichtbaar lichaam zou zijn dat zichtbaar zou kunnen worden als je het oppervlak met zichbare dingen bedekt.… Ik ben leeg en het pleisterwerk van plezier en ambities heeft geen enkele ondergrond. Ik wordt wie ik ben in dat uiterlijk. Maar al dat uiterlijk is ten dode opgeschreven door haar toevalligheid. En als ze weg zijn zal er niets van mij over zijn dan mijn eigen naaktheid en leegte; het is een luchtbel. En zij vertellen mij dat ik mijn eigen vergissing ben… (NSC, 27-28)

Deze mensen hebben zichzelf gereducereed tot een leven binnen de begrenzingen van hun vijf zintuigen … maar dat is niet de schuld van hun lichaam. Het is hun eigen schuld omdat ze ingestemd hebben met de illusie die zijn veiligheid heeft gezocht in zelfbedrog en die geen oor heeft voor voor de stille stem van God die hen uitnodigt om op avontuur te gaan en risico’s te nemen door onderweg te gaan in vertrouwen en over de veilige en beschermende begrenzingen van de vijf zintuigen te trekken.  (NSC, 34-35).

Ieder van ons wordt overschaduwd door een illusoir ik; en onecht zelf… Wij zijn geen ster in het herkennen van illusies en al helemaal niet diegene die we over ons zelf koesteren. (34)

We moeten kiezen tussen twee identiteiten: het uiterlijke masker wat ons erg echt lijkt en welk leeft vanuit een schimmige autonomie gedurende de korte tijd van het aardse bestaan en de verborgen innerlijke persoon die in onze ogen niets lijkt te zijn maar die zichzelf voor eeuwig aan de waarheid kan toevertrouwen van waaruit zij bestaat. Het is dit innerlijke zelf dat is opgenomen in het geheim van Christus; door Zijn liefde, door de Heilige Geest. In geheim leven we dus ten diepste in Christus (295)”

Rinie: Een aantal kenmerken en eigenschappen lees ik hier over dat ‘illusoire zelf’ van mezelf. Zij denk dat ze iets ‘op-zich-zelf’ is en dat zichzelf moet maken en redden. En dat is hard werken en een hoop gedoe. Ze heeft geen fundament en is gebouwd van stro. In dat licht is het ‘verloochenen’ van jezelf of de dood van jezelf niet meer dan het loslaten / achter je laten van een illusie! Van een schijnzekerheid van geld, huis, partner en pensioen. Eigenlijk het opgeven van iets wat helemaal niets is; lucht en leegte.. Het is een schijnwerkelijkheid van angst, kramp en jezelf met kunst en vliegwerk overeind houden! Een kasteel van zand gebouwd op zand… Waarom zijn wij daar zo aan gehecht?

Over ons ware zelf

Contemplatie staat op geen enkele wijze in relate met dit uiterlijke zelf. Er is een onoverbrugbare tegenstelling tussen het diepe transcendente zelf dat alleen in contemplatie ontwaakt en het oppervlakkige uiterlijke zelf dat we vaak aanduiden met de eerste persoon enkelvoud. (NSC, 7)

Het geheim van mijn ware identiteit ligt verborgen in God. Hij alleen kan van mij degene maken die ik werkelijk ben, of liever: degene die ik zal zijn wanneer ik eindelijk ten volle begin te zijn. Maar dit werk zal nooit voltooid zijn als ik die ware identiteit niet verlang, als ik me niet inspan om haar te ontdekken met God en in God…
De zaden die door Gods wil ieder ogenbllk in mijn vrijheid worden geplant, zijn de zaden van mijn identiteit, van mijn eigen realiteit, van mijn eigen geluk, van mijn eigen heiligheid. Die zaden weigeren is alles weigeren, het is de weigering van mijn eigen bestaan en zijn, van mijn identiteit en mijn ware zelf. (NSC, 33)

In de diepste kern van ons wezen is er een punt van niets-zijn, waar zonde en illusie niet zijn doorgedrongen, een kern van loutere waarheid, een vonk die geheel God toebehoort, die nooit tot onze beschikking is, van waaruit God over onze levens beschikt, en die niet toegankelijk is voor de spelingen van onze geest of de brutaliteit van onze wil. Die kleine kern van niets-zijn en volstrekte armoede is de zuiverste glorie van God in ons. Het is, om zo te zeggen, Zijn Naam die in ons is geschreven, als onze armoede, onze behoeftigheid, onze afhankelijkheid, ons kindschap. Het is als een pure diamant die schittert met het onzichtbare licht uit de hemel. Het is in iedereen aanwezig en als wij het konden zien, dan zouden wij de ontelbare lichtpunten zien die samenkomen in de uitstraling en de schittering van een zon, die al de duisternis en de wreedheid van het leven volkomen zal doen verdwijnen… Ik kan daar geen programma voor opstellen. Het is een gave. Maar deze poort van de hemel is overal. (Louisville)

Onze werkelijkheid, ons ware zelf, is verborgen in wat schijnbaar onze leegte is. NSC, 281)

To say that I am made in the image of God is to say that Love is the reason for my existence, for God is love. Love is my true identity. Selflessness is my true self. Love is my true character. Love is my name. Seeds of Contemplation (1949)

Van ik naar Zelf

Voor mij betekent heilig worden mezelf zijn. Daarom is de vraag van heilig wording en redding in feite de uitdaging om uit te vinden wie ik ben, en het ontdekken van mijn Ware Zelf…. God laat ons vrij dat te worden wat wij zelf willen. Wij kunnen al of niet ons zelf zijn; wat we maar willen. Wij hebben de vrijheid om echt of onecht te zijn. We kunnen eerlijk of bedrog zijn. De keus is aan ons. We kunnen de ene keer het ene masker en de andere keer een ander masker dragen, en, als we dat willen, er nooit aan toe komen om met ons ware gezicht naar buiten te treden. Maar die keuzes zijn niet zonder gevolgen. (NSC, 31-32)

Daarvoor moet ik mijzelf leren kennen, beide kanten, het kwaad en het goede wat in mij huist. Het zal niet genoeg zijn om alleen de ene kant te kennen en niet de andere; alleen het goede of alleen het kwade. Ik moet dus in staat zijn het leven lief te hebben wat God mij gegeven heeft; voluit en vruchtbaar. En zelfs goed gebruik maken van het kwaad wat daarin aanwezig is. (Guilty Bystander, 95)

Het is overduidelijk dat er geen speciale methode/techniek is, en ook niet kan zijn, om dat innerlijke zelf te kunnen ontdekken en tot leven te wekken. Omdat het innerlijke zelf pure spontaniteit is die zonder vrijheid niets is…. Zo’n idee zou een volledig misverstaan zijn van de existentiële werkelijkheid waar we het hier over hebben. Het innerlijke zelf is geen deel van ons zijn, zoals een motor is een auto. Het is heel onze substantiële realiteit in zijn ultieme, meest persoonlijke en meest existentiële zin. Het is als leven en het is leven: het is ons spirituele leven op zijn best. Het is het leven waardoor alles in ons leeft en beweegt. Het is in alles en door heel ons leven en overstijgt alles wat wij zijn. … Het is een nieuwe en ondefinieerbare kwaliteit van ons zijn. (The Inner Experience, 6)

Het enige wat we kunnen doen, met behulp van welke geestelijke oefening dan ook, is in onszelf iets van de stilte, de nederigheid/aardsheid, het loslaten, de zuiverheid van het hart realiseren en de fundamentele openheid die nodig is voor het innerlijke zelf om haar verlegen, onvoorspelbare manifestatie van haar aanwezigheid mogelijk te maken. (The Inner Experience, 7)

Op een bepaalde manier kunnen we zeggen dat ons zijn direct communiceert met het Zijn van God. Als wij bij ons zelf binnengaan, ons ware zelf vinden, en door het innerlijke “Ik” verder trekken, worden we naar binnen meebewogen in de immense duisternis waar we “Ik Ben” van de Eeuwige ontmoeten. (IE, 11)

In onze (Christelijke/Joodse/Islamitische) traditie is er een oneindige metafysische kloof tussen het zijn van God en het zijn van de ziel, tussen het “Ik” van de Eeuwige en ons eigen innerlijke “ik”. En toch, paradoxaal, bestaat ons meest intieme “ik” in God en woont God in haar. (IE, 12)

Finally I am coming to the conclusion that my highest ambition is to be what I already am (2 october 1958)

Rinie: Het verschil tussen ons illusoire en ons echte zelf in God is heel groot maar het ontvankelijk worden voor die aanwezigheid in ons vraagt om een heel subtiel onderscheid. Wij vinden die plaats nooit als wij gebruik blijven maken van de werkwijzen van het illusoire zelf. We moeten ons laten verleiden, in een open ontvankelijkheid zonder eigenmachtigheid, door die werkelijkheid. Dan krijgt onze ‘identiteit’ een diepe grond en een werkelijk en houdbaar perspectief.

Ja het is een drieluik geworden; deze serie over mystieke antropologie. Over de Bron (+), ons zelf (+) en de wereld(+).

Thomas Merton over Contemplatie

Ik lees op dit moment het boekje van Thomas Merton met zijn toespraken voor abdissen van contemplatieve kloosters. Toespraken uit 1967 en ’68. Ik zal hieruit meer teksten vertalen. Er wordt hem een vraag gesteld:

“De mensen komen naar ons toe en vragen ons hen onderricht te geven over contemplatief gebed. En dat terwijl het al moeilijk is er iets over te zeggen. Wat zijn jouw ideeën hierover wat we hen zouden kunnen meegeven?

Dat zou helemaal een Zen-achtige aanpak moeten zijn! Als jij aan een Zen meester vraagt, “Wat is de essentie van Zen?”, kun je een klap voor je kop krijgen, of zoiets. En hij zou je daarna aan je lot overlaten om daar een tijdje over na te denken. Onder geen enkele voorwaarde zal hij je een uiteenzetting geven over Zen. Over iets anders misschien, maar niet over Zen.
Die Sufi vriend, waarover ik je vertelde, was hier op bezoek en we hadden een paar bijeenkomsten met hem. Hij is een echte mysticus en heel erg met beide benen op de grond. Een van onze meest serieuze monniken stelde hem de vraag, “Hoe bereik jij de eenheid met God?”. Wat zijn de hulpmiddelen, hoe doe je dat, wat is het systeem? De Sufi lachte alleen maar en zei, “Wij geven geen antwoord op dit soort vragen.” Hij serveerde het af; wilde er niets mee te maken hebben. Je geeft geen antwoord op zulke vragen omdat er maar een antwoord is. En dat is de dynamische eenheid met God.

Zen mensen leggen grote nadruk op het feit dat jij, als je niet zo’n ongelooflijke domoor zou zijn, zou weten dat je verenigd bent met God; dat God allang zo dichtbij is. Oké; iemand komt bij je en vraagt je naar contemplatief gebed. Wat je dan op de een of andere manier moet doen is hem in een positie brengen waarin hij in staat zal kunnen zijn zich bewust te worden hoe dichtbij God is. Daarbij rekening houdend met zijn persoon en zijn achtergrond. Boeddhistisch onderricht zegt dat de enige blokkade hiertoe onwetendheid is. Maar die onwetendheid zit echter wel verweven in alles.
De oorzaak van deze onwetendheid is dat je jezelf te serieus neemt als individu. Je bent te veel bezig met overleven; leven en dood zij zo verschrikkelijk verschillend. Of je levend of dood bent is verschrikkelijk belangrijk omdat je als je als individu sterft alles afgelopen is. Er zijn geen individuen na de dood. Er zijn personen ja maar geen individuen. Ik denk dat dit een heel belangrijk punt is omdat wij wij Christenen niet geloven in een leven na de dood van het individu. We geloven in een leven na dit leven van de persoon, die vrij is, die allang in God is, die een is met God vanaf het begin. De persoon keert terug naar God en vindt zijn zelf in God op een veel dieper niveau dan een individu ooit zou kunnen. Omdat het individu zichzelf ziet als een kleine geïsoleerde entiteit waarvoor al het andere afgesloten is. Zolang wij individuen zijn kunnen wij nooit een zijn met elkaar. Natuurlijk moeten wij als individuen deze zaak uitwerken. Dus kunnen we indirect wel over de vereniging met God spreken maar er is geen antwoord op de vraag.

Probeer je dan een persoon meer bewust te maken?

The only known photograph of God; Thomas Merton

Bewust van iets wat er al die tijd al is. Natuurlijk, het is er en het is er niet. Het is zeer helder; als je je van “zijn” en “ik ben” gewaar bent en bewust wordt, ben je een ander mens; dat is een revolutie. En ja, dat is heel tegenstrijdig; je moet het op de een of andere wijze omschrijven. Maar als een persoon zich ervan bewust wordt dat God zo intiem is, zo dichtbij dat er geen tussenruimte is, maakt dat een essentieel verschil. Dat is ook zo als je je realiseert dat deze presentie niet afhangt van of je onberispelijk bent of iets wat daar op lijkt. Als het daar vanaf zou hangen zouden we allemaal lang moeten wachten op die eenheid met God.” (114-116)

Ja het is een drieluik geworden; deze serie over mystieke antropologie. Over de Bron (+), ons zelf (+) en de wereld(+).