Thomas Merton over Stilte

Wie weet ga ik dat wel doen… Een aparte website: ‘Thomas Merton over….’ Al lezend en studerend kom ik zoveel mooie dingen van hem (of over hem) tegen dat ik steeds vaker aan het vertalen sla. Zo ben ik nu in ‘The Springs of Contemplation” begonnen. Een verzameling conferenties uit 1967 en 1968 gehouden voor een kleine verzameling abdissen van contemplatieve vrouwenkloosters. Om samen met hen zich te bezinnen op de toekomst van hun ordes.

De eerste conferentie is al gelijk raak. Hier stelt hij de vraag naar de bedoeling van het zwijgen / de stilte van en klooster. Het raakt onmiddellijk aan mijn blogs over de stilte en meditatie. Stilte is populair. Maar Merton maakt mij attent op de essentie hiervan. Althans hij geeft er een inhoud aan waarvan ik zeg ‘ja dit herken ik’. Ik weet nog dat ik een stilte weekend volgde en me er hardop over verwonderde dat mijn groepsgenoten als gevolg daarvan het niet nodig vonden een vorm van groet te betrachten op het moment van zien van elkaar. Ik merkte dat ik mij daar zeer aan stoorde. In plaats van een oefening in ‘verstilling’ werd het een oefening in autisme…

Hij spreekt hier tot mensen die zich bezinnen op de toekomst van het contemplatieve kloosterleven. Voor Merton is dat geen ‘uitzonderlijk’ leven maar leven in zijn diepste en meest essentiële vorm. Ons leven is dus niet iets anders! Iedere plek en elk leven is ten diepste contemplatief leven in gemeenschap.

Ik vertaal integraal het eerste deel van zijn conferentie: “Presence, Silence, Communication”

“In het contemplatieve leven staan we allemaal voor de vraag “Wat moeten we doen?”. Een van de dingen die we kunnen doen is bij elkaar komen zoals we dat nu doen; als zusters en broeders in Christus en laten gebeuren wat nooit eerder gebeurt is, deze vorm vorm van zoekende retraite.
    Natuurlijk is wat we nu doen, dat wat we verondersteld worden te doen: samen komen op een rustige plek, waar we kunnen praten nadenken en bidden. Een belangrijk sleutel woord is presence (Rinie: ik zal dat meestal onvertaald laten maar vormt wel een kern de latere spiritualiteit van Thomas Merton).  We willen gewoon aanwezig bij elkaar zijn en ons toevertrouwen aan dat wat gebeurt. Als je mijn boeken gelezen hebt ken je mij niet echt. Kijk maar eens goed wat en wie ik echt ben. Prensence daar gaat het echt om. Het is belangrijk je te realiseren dat de Kerk zelf presence (= bewust geworden aanwezigheid?) is en dat geld ook voor het contemplatieve leven. Samen leven (in het klooster) is presentie; niet een instituut. We hebben er op vertrouwd dat een instituut een vervanging kon zijn voor de realiteit van de presentie; en zo werkt het dus gewoon niet!
    Er is sprake van een Pinksteren in het klein daar waar Kerk is (Rinie: hij bedoeld hier de groep die hier bij elkaar is). Pinksteren betekent nieuw leven, en dat betekent veranderingen in ons leven. Maar veranderingen zijn niet gemakkelijk; nieuw leven is verontrustend en verwarrend. De basis ervaring van religieuzen in deze tijd is de strijd, in hun hart weten zij dat er iets van hen gevraagd wordt door God, en dat ze op de een of andere wijze verhinderd worden dat te doen. Het is waar dat veel jonge mensen die het religieuze leven kwamen opzoeken het gevoel hebben dat het zelfs moeten verlaten om God te vinden. Voor sommigen van hen is dat misschien waar; voor anderen zou dat wel eens een illusie kunnen zijn. Wij zijn allemaal bezig voor ons zelf die zaken op een rijtje te zetten. En dat gaat lang duren; de antwoorden liggen niet zomaar voorhanden.
Laten we in dat verband de stilte , onze specialiteit hier in dit Trappistenklooster,  als voorbeeld nemen. Stilte kan een groot probleem of een diepe genade zijn. Als het te geformaliseerd wordt houdt het op een bron te zijn van genade en wordt het een probleem omdat het niet meer een dienende presentie is. Gedurende veel te lange tijd is stilte een vorm van afwezig zijn aan elkaar geweest. Daarmee wordt het een contradictie, en gaan mensen aan haar lijden. Een gemeenschap kan niet op deze basis bestaan. Contradictie is een deel van het leven maar als een systematische bron van frustratie van basale culturele waarden dan wordt het iets anders. Een mens moet in staat zijn om om zich te verhouden tot heel veel verwarrende zaken in de cultuur, dat is vanzelfsprekend, maar dat betekent nog niet dat we nooit muziek mogen horen. Wij trappisten hebben een heel slechte reputatie op dat gebied. Onze stilte heeft de neiging dat mechanische effect te hebben. Zo was het schijnbaar de bedoeling dat stilte betekende dat je moest doen alsof er niemand in je buurt was. Je was stil omdat je de ander min of meer wilde buitensluiten.
Als mensen bij elkaar komen is er altijd een vorm van aanwezig zijn bij elkaar, zelfs als je dat een maagzweer bezorgt (Rinie: daar had Merton nogal eens last van..) We zullen die zaken zo moeten arrangeren dat de aanwezigheid een positieve en niet een negatieve ervaring is. Hetgeen betekent dat we misschien wel meer moeten praten om te leren hoe we in stilte op een positieve wijze present aan elkaar kunnen zijn. Er moet genoeg communicatie zijn zodat stilte een zegen wordt. Die stilte vergt een diepere liefde en pas tot die liefde voldoende gegroeid is, heeft het geen enkele zin te doen net alsof die er wel is. Stilte in ons leven is pas gerechtvaardigd als we elkaar voldoende liefhebben om ook in stilte bij elkaar te zijn. Pas als we die diepte van het gemeenschappelijk leven bereikt hebben zullen we pas de bijzondere roeping en zegen van het samen stil zijn gaan ontdekken. Maar we zullen dat nooit bereiken door elkaar buiten te sluiten en elkaar als object te behandelen. Dit zullen we geleidelijk aan vinden als we elkaar leren lief te hebben.” pag.3-5

Rinie:
Hier krijgt de stilte (als geestelijke oefening) dus een plaats in het samen zijn. Zonder verbinding en ontmoeting dus geen stilte!! De stilte is geen doel in zich maar wordt geboren in en uit de dialoog. De Lectio Divina eindigt in de stilte. Ze begint er dus niet mee! Daarmee wordt de contemplatie en de stilte een overvloedige leegt en een oorverdovende stilte! Deze stilte is dus een heel diepe verbinding! Met alles en iedereen!

Lex Boot over christelijke meditatie

Hij was al eerder betrokken bij het Handboek over meditatie. Nu heeft hij een ‘kleine gids‘ geschreven over meditatie. Uiteraard gelijk aangeschaft. Ik vind het fantastisch dat zaken als Lectio Divina, loopmeditatie, centering prayer en mantrameditatie tot de vanzelfsprekendheden van de kerk gaan behoren. Erg leuk! Alleen al vanwege zijn handzaamheid een aanrader!. Er worden zelfs mediabestanden mee geleverd! Achter hem staat de beweging van Vacare; een intiatief van de PKN.

In zijn inleiding verteld hij wat het hart is van christelijke meditatieve weg:

de verstilde omgang met God en …het spirituele proces van omvorming in liefde.

Vervolgens zegt hij:

Daarover hebben we geen beschikking, en een geestelijk proces kunnen wij niet oproepen. Meditatiemethoden leren je echter wel je open te stellen voor wat je mag ontvangen.

Al de daarop volgende manieren van mediteren in het boekje helpen je om deze grondhouding van ontvankelijkheid te voeden. In het zitten, lopen, stilte, zingen; vormen die de eeuwen van spirituele vorming hebben doorstaan. Juweeltjes dus. Maar net als bij het Handboek ga ik weer een klein beetje op een andere positie staan? Ik aarzel daarbij. Ik voel nu al de hete adem van mijn vrouw in mijn nek…”waarom moet jij het weer beter weten”… En daar heeft ze helemaal gelijk aan, maar ik hoop dat ik het belang van de ‘subtiele nuance’ kan aantonen….

Ik wil dat doen a.d.h.v. een paar citaten van Thomas Merton als hij het heeft over meditatie en gebed. De eerste drie komen uit een conferentie met de Zusters van Loretto(15 mei 1963) en het andere is een Thomas Merton antwoord op de steeds weerkerende vraag van zijn vriend Abdul Aziz naar zijn methode van bidden.

“Als je bid/mediteert meet dat dan niet af aan je eigen verwachtingen als je er mee begint… Je moet heel realistisch zijn in het spirituele leven – over alles – maar vooral als gaat om gebed.
Laat je gebed geen gevecht tegen de werkelijkheid. En de eerste werkelijkheid die er is ben jijzelf, en dat is de plaats waar gebed begint. Het begint met jou, en je hoeft niet van jezelf naar God te gaan, want God is in je. Alles wat je hoeft te doen is blijven waar je bent. Je hoeft dit ‘ basaal aards zijnde’ welke je bent, niet te ontvluchten en de ladder van Jacob op te klimmen helemaal naar de hemel waar God is. Want als je dat doet, zul je nooit bidden. Je zou niet kunnen bidden daar.
Je moet beginnen waar je bent en daar trouw aan zijn. Want God is in je zoals je bent, en verwacht niet van dat je iemand anders bent dan dat je bent. Aanvaard dat God een omvorming zal scheppen in je leven. Maar jij moet leren gewoon zo samen met God te zijn in je eigen leven zoals het is zodat Hij deze omvorming kan geven.” (54)

“Als we oplettend zijn voor dat wat is zijn we oplettend voor God en God raakt ons aan in dat wat is (werkelijkheid). Als met God bent zie je God in alles en iedereen …. Heel de schepping is de plaats waar God liefde zich manifesteert…”(56)

“God is in ons diepste innerlijk (true) zelf wat blijft zelfs als alles van ons is afgenomen. Alles kan verdwenen zijn maar God is in ons innerlijke midden en dat blijft als wij sterven. Echte vrijheid is in staat zijn om naar dat midden te kunnen gaan en daar te blijven.”(57)

“… Je vraagt me naar mijn manier van mediteren. Strikt genomen is mijn gebed heel eenvoudig. Het concentreert zich helemaal op de aandacht voor de aanwezigheid van God en op Zijn wil en Zijn liefde. Het is dus geconcentreerd op geloof, want dat is het enige waardoor wij Gods aanwezigheid kunnen kennen. Je zou kunnen zeggen dat dit aan meditate het karakter geeft dat door de profeten wordt omschreven als ‘voor God staan alsof je Hem zag’. Toch betekent het niet dat ik mij dingen verbeeld of me een bepaalde voorstelling van God maak, want dit zou volgens mij een soort afgoderij zijn. Integendeel, ik aanbid Hem als de Onzichtbare, die ons begrip oneindig te boven gaat. Ik word mij van Hem bewust als degene die alles is. Mijn gebed neigt heel sterk naar wat jullie fana noemen. In mijn hart is die grote dorst de nietigheid te erkennen van alles wat niet God is. Mijn gebed is dan een soort lofprijzing die oprijst uit die kern van Niets en Stilte. Het feit dat ik nog ‘zelf’ aanwezig ben, erken ik als een obstakel, waartegen ik niets kan doen tenzij Hijzelf het obstakel wil  wegnemen. Als Hij het wil, kan Hij dan het Niets herscheppen in totale klaarheid. Als Hij dat niet wil, lijkt het Niets voor zichzelf een object te zijn en blijft het een obstakel. Dat is mijn gewone manier van bidden of mediteren. Het is niet ‘over iets nadenken’, maar een zoeken, zonder omwegen, naar het gelaat van de Onzichtbare, dat je niet kunt ontdekken, tenzij je jezelf verliest in Hem die onzichtbaar is. Ik schrijf normaal gesproken niet over deze dingen en ik vraag je daarom hier discreet mee om te gaan. Maar ik schrijf dit als een bewijs van mijn vertrouwen in je en van onze vriendschap. …. “(349, 2 januari 1966)

Tot zover Thomas Merton. (vertalingen van mij en Dirk Doms)

Christelijke meditatie (en wie weet wel alle meditatie), of je nu ademt, loopt, zit, staat, ligt en/of stil bent, wil in verbinding brengen met deze werkelijkheid die is. Alle oefeningen willen een hulpmiddel zijn om ons te bevrijden uit de afleiding en verstrooiing en ons terugbrengen naar dat wat er allang is; God!!

De tweede geciteerde opmerking uit het boekje geeft mij de zorg dat mensen iets gaan zoeken en gaan zitten wachten op een ontmoeting/ervaring terwijl die er allang is! Nee en dat is geen spectaculaire ervaring. Oefenen in meditatie wil ons juist bevrijden uit de illusie dat het ergens anders is! Als je zit, ademt, loopt, kijkt, luistert, werkt, speelt is het er. Het was er zelfs allang.. Merk je het niet?

Maar misschien zeur ik wel vreselijk…

Getijdenboek of Psalmen brevier? ….. ePsalter

Wat is dit leuk..! Naast het vertalen van teksten van Thomas Merton heb ik nog een hobby gevonden. Het maken van een digitaal psalmen & gebeden boek. Ik ben halverwege maar weet nog niet hoe ik het moet noemen.

Getijdengebed? / Brevier? / Vieringen voor thuis / ePsalmvieringen / PsalmenApp Ik denk nu: Psalterium in e. Maar het wordt: ePsalter.

Laat ik bij het begin beginnen. Medewerkers van de Spil kwamen n.a.v. bezoekers aan het retraitecentrum op het idee om een eenvoudige viering voor thuisgebruik te ontwerpen aan de hand van de 150 psalmen. Een prachtig monnikenwerk. Alle betrokkenen hadden ervaringen hiermee als liturg in de kapel. Begin 2007 zijn we daarmee begonnen en we waren augustus 2011 klaar. Zelf liep ik al veel langer met het idee om er een eBook van te maken maar ja hoe doe je dat? En toen was er de iBooks app plus de Author versie… En nu ben ik klaar!!! Mijn bedoeling is om het gratis te verspreiden. Dat betekent dat mensen het volledige werk op hun iPhone, iPod en/of iPad kunnen zetten. Uiteraard moeten ze dan wel de iBooks 2 app hebben. Ik ga er van uit dat je hem ook op je computer kunt zetten.  In mijn fantasie is hij in ‘no time’ verspreid en gaan mensen er hun eigen psalm en gebeden boek van maken.

Ben inmiddels op onderzoek gegaan in welke digitale vorm ik het moet gieten: ePub /Kindle /iBooks of…? Ik heb nu twee versies: ePub(=iBooks) en Pdf. De verspreiding via Dropbox geeft nog een probleem. En een eigen website: ePsalter.com

Stilte. Jan Oegema en Sara Maitland

Een prachtig artikel van Jan Oegema (Hoe anders is mijn stilte) in Trouw(toch wel echt ‘mijn’ krant) over stilte. Uitermate boeiend in zijn stellingname. Een innerlijk gesprek over zijn ervaringen met stilte, de trends in Nederland en zijn conclusies. Binnenkort komt een boek van hem hierover uit. Een voor mij provocerende stellingname was de conclusie dat stilte geen middel is maar doel. Hij ontleende dat aan het meer dan prachtige boek van Sara Maitland ‘Stilte als antwoord’ (Hoeveel stilte kun je aan). Als hij zelfs haar ‘God is stilte’ in de mond legt haak ik af. Ik kan die stelling in haar laatste hoofdstukken niet vinden. Haar benadering is veel fijnzinniger; stilte is middel en doel. En ze is in haar onderzoek naar stilte nog nooit ‘een stille hemel'(306) tegengekomen. Maar zij komt wel tot boeiende conclusies.

Zij ontdekt een stilte die je ‘ik afbreekt’; kenosis(206 e.v.,271), maar ook een stilte die je helpt ‘je eigen verhaal te vinden’ (260,271,279). Loslaten en vinden dus. Beiden hebben bij haar bestaansrecht. Zoals muziek niet kan bestaan zonder stilte maar omgekeerd is ook waar. Vanaf pag. 298 geeft ze een sublieme opsomming van wat ze gevonden heeft. En een soort conclusie?

Soms denk ik dat de stilte is als een Zwart Gat:.. Alles wat binnen dat bereik komt …. welk object dan ook-zelfs het menselijk ego- uitrekken,verwringen,verdraaien en samentrekken terwijl het naar het centrum wordt getrokken,… en … misschien overgaan… in God’ (Sara Maitland; 309)

(maar of ze daarmee zegt dat God stilte is…?)

Natuurlijk ga ik zijn boek kopen.. Ik wil in gesprek blijven over en met de stilte en me steeds weer laten verrassen. Want ik denk dat juist in dat heen en weer tussen onweten en het woorden vinden ik mij in het Godsgebeuren bevind. Ook in de verwoording van Jan vind ik mijn ‘richting’.

Een mooi voorbeeld van het vinden van je levensverhaal in de stilte is het boekje van  Bieke Vandekerkhove ‘De smaak van stilte’. Een existentieel verhaal van afbraak(ernstige handicap) en vinding van haar ‘zelf’ langs de weg van de confrontatie met haar gebroken levensverhaal in de stilte..

Tenslotte, in dit verband, een nieuw boek wat ik nog niet gelezen heb. Maar waar de schrijvers in verzet komen tegen het beeld van de zwijgende God. Ben ook daar weer zeer benieuwd naar!

“Stilte in de weg naar de ziel en de ziel is de weg naar God” (uit The Big Silence)