De Godontmoeting/omvorming in God en de Geestelijke Begeleiding

             ‘Waarlijk de Heer is op deze plaats en ik wist het niet ’. Genesis 28: 16

De belangrijkste Actor in de christelijke spiritualiteit is ten diepste God zelf. Hij is de ‘Bron’, ‘Schepper’ en ‘Verlosser’ van deze wereld. Deze God is bedacht op deze mens. Hij/Zij rust niet totdat Hij/Zij alles is in allen. Het ‘zijn‘ van het ‘zijnde’. Als we dat weten zijn wij thuis. In ons dagelijks leven zijn wij betrokken in dat scheppingsgebeuren; die omvorming in God. Hij is de ‘Grunt’ (= oergrond /oorsprong / bron) in alles, die aan het licht wil en zal komen; de ziel in alles wat gebeurt en die alles voortbrengt (zie McGinn over Eckhart). Daar willen we mensen, in bijvoorbeeld geestelijke begeleiding, een retraite of meditatie, behulpzaam in zijn; dat mensen zich hier van bewust worden en partners daarin worden. Dit is een geheim waar iedereen in betrokken is. Een retraitant bijvoorbeeld, wil zich daarvan bewust worden en aan toevertrouwen. Een weg vinden om daar meer uit/in te leven. Zijn of haar ‘roeping’ ontdekken. Welke concrete vorm en/of kleur dat dan ook mag krijgen (zie bijv. RENOVARE).

(Er natuurlijk van uit gaande dat ‘er’ een God/Goddelijke werkelijkheid is. Dit is een ontologische/metafysische vooronderstelling die echter niet zo verschrikkelijk onwaarschijnlijk is als het soms in onze westerse wereld wel eens lijkt. Al is het alleen al in de (ervarings-)verhalen die daarvan getuige zijn en waarvan al een impact uitgaat.)

Een paar aspecten aan, of mischien beter gezegd, perspectieven op, die goddelijke werkelijkheid wil ik hier benoemen omdat ze mede bepalend zijn voor die Godsontmoeting. Ik wil dat langs drie wegen doen. In de eerste plaats door een paar opmerkingen te plaatsen bij de ‘structuur’ van die Goddelijke werkelijkheid. In de tweede plaats door een paar ‘inhoudelijke’ beelden uit de christelijke traditie te noemen. Tenslotte door iets te zeggen over de dynamiek van die omvorming.

Wat valt er ‘structureel’ op. Vaak wordt er over Gods werkelijkheid gesproken aan de hand van ‘twee woorden’ die schijnbaar tegengesteld zijn. Ik zal er een paar noemen:

    • God is immanent & transcendent tegelijkertijd. Dat maakt dat je van de ene kant over God kunt spreken als ongelooflijk dichtbij en van de andere kant als iemand die alles overstijgt. God wordt daarmee ‘intiemer’ dan ik mijzelf ooit ken (zie het gedicht van Augustinus) maar ook iemand die mij volledig ‘boven de pet gaat’ (zie Job)
    • God is verborgen & gekend. Dat maakt dat hij ‘onzichtbaar’ is voor wie hem wil zien maar ook weer ‘te vinden’ is voor wie hem (niet) zoekt. Voor mij vind ik die dubbelzinnigheid terug in de prachtige tekst van Jakob na zijn droom van de ladder als hij zegt: “Voorwaar; de Heer is aan deze plaats en ik heb het niet geweten”.
    • De polariteit van de Katafatische en Apofatische tradities waarbij de eerste verondersteld dat er iets zinnigs over God te zeggen is terwijl de ander er van uit gaat dat God onze woorden en beeld oneindig te boven gaat en dat aan het eind ons zwijgen past. Als we beiden als aanvulling zien blijft er overeind dat er het ene moment wel iets te zeggen valt maar dat er ook momenten zijn waarop ons zwijgen past.
    • God als aanwezig & afwezig waardoor mensen God in zijn afwezigheid gaan ‘ervaren’. Deze beelden vind ik terug in de mystieke traditie.
    • Het spanningsveld van het nu en het komen van het Koninkrijk van God. We leven, om met Merton te spreken, nu al in het paradijs maar het moment waarop God alles in allen zal zijn moet nog komen.

Dat maakt het spreken over God altijd ‘dubbelzinnig’; ja en nee / enerzijds <> anderzijds, enz. Wel zo boeiend en je bent niet gauw uitgepraat, gelezen en gedacht..

Als we vervolgens ons ‘inhoudelijk’ over God willen uitlaten in de christelijke traditie rollen de beelden over elkaar heen: “Ik ben”/ Ik ben uw Bevrijder / Wijsheid / Liefde / Vader / Moeder / Geest / Jezus / de Gekruisigde /  de Opgestane….. / Vriend enz. Het gaat hier niet meer en niet minder dan om de ‘GodsNaam’. Dit zijn allemaal beelden die hun eigen dynamiek geven aan de godmenselijke omvorming. En dan heb ik het nog niet eens aan de inkleuring van deze beelden door religieuze tradities en culturele contexten. Natuurlijk is het niet zo dat er sprake is van een andere God bij de mystieken, protestanten en pinkstermensen maar ze ‘praten’ er wel anders over. Ook door de bijbelse geschriften heen zie je een ‘ontwikkeling’ in beelden. Woorden en beelden scheppen ruimtes maar perken die ook in. Daarom hebben vele vormen van godsdienstkritiek door profeten en bijvoorbeeld vrouwen en onderdrukten veel afgoderij in de godsdienst aan het licht gebracht. Dit maakt de onderscheiding tussen ‘wat uit God’ is en wat ‘uit ego’s’ zo belangrijk. Hoewel wat ‘niets’ is ook niets zal worden.

Een derde ‘dynamische‘ perspectief wat ik hier wil noemen is dat er ook vanuit verschillende invalshoeken over de godmenselijke omvorming kan worden gesproken. Hier hebben we het over wat er ‘gebeurt’. Ook hier weer een extreem polaire dynamiek tussen God als vader/moeder/minnaar/vriendin aan de ene kant en aan de andere kant de tegenstrever en ontregelaar met wie we zullen sterven…. Deze manier van kijken naar dit gebeuren heb ik ontleend aan Waaijman. Ik wil voor het gemak hier maar een paar van die invalshoeken noemen(3):

–       vanuit de schepping: ‘worden wie je bent’; zoals God je gewild heeft

–       vanuit de staat van misvorming: bekering / metanoia

–       vanuit de herschepping: de nieuwe mens

–       vanuit Christus: gelijkvormigheid aan Christus

–       de gerechtvaardigde zondaar & de heiliging

–       de mystieke omvorming in God waarin het individu ‘lijkt’ te verdwijnen

Zoals ik al eerder zei heeft de contemplatieve weg volgens Merton het karakter van het paasmysterie. Die weg loopt van kruis naar opstanding. De stilte confronteert ons met onze menselijk conditie van radikale kwetsbaarheid. Machteloosheid, schuld, lijden en verwondingen (Laird). Die verhalen zijn ten diepste wel en ook weer geen sprookjes. Geen sprookje omdat ze wars zijn van romantiek en opsmuk. Wel sprookje in de zin van werkelijke levenswegen die door het dal, de duisternis, confrontaties en dood heengaan. Ze voeren door de doop van Jezus. Ze ‘dalen neder ter helle’. Ze voeren op een goed of kwaad moment door de desolation heen. Daar is niks ‘leuks’ of gezelligs aan. Het gaat hier om het verschil tussen illusie en schone schijn en de werkelijkheid. Dit evangelie voor gemankeerden, zieken, blinden en schuldenaars laat hen het Koninkrijk binnengaan. Vanuit dit perspectief wordt een retraite een diepe confrontatie met die werkelijkheid; van binnen en van buiten. Het is een ingaan op dat wat is. Het voert ons naar onze wonden (de biografie van O’Laughlin laat dat zien aan de hand van de levensweg van Nouwen). En vervolgens gaan ontdekken dat God de diepste bron in die werkelijkheid is. Een Aanwezige in al die schijnbare afwezigheid (Job). Hier zou ik ook de stadia van de mystieke weg ter spraken kunnen brengen.

En als ik dan tenslotte toch nog iets ‘positiefs’ over God zou moeten zeggen dan zou ik dat de Eeuwige, geprezen zij zijn Naam, de (her)scheppende Presentie die ons en deze wereld met een ‘onvoorstelbare’ onvoorwaardelijke en mateloze[1] liefde[2] liefheeft en zich voor ons ontledigt en ons omvormt in zijn Geest tot gelijkvormigheid aan Hem; dit is de zichzelf offerende liefde, Christus. Woorden en beelden tekort. Dit is een werkelijkheid die reeds is en nog volkomen moet worden. God alles in allen. God als meest werkelijke werkelijkheid (Barry 7 e.v.).

Al deze zaken maken het spreken over ons ‘vinden’ en ervaren van God in onze werkelijkheid en levensweg uiterst divers. En dan heb ik hier nog niet eens zaken als levensfase, omstandigheden en persoonlijkheid in betrokken. Dit maakt het spreken met iemand over God uiterst verassend. Voor de een wordt God voor een tijd een ‘tegenover’ en voor de ander een innerlijke tederheid. Voor de een is God een thuiskomen en voor de ander een uittocht. Voor de een een moederlijke omarming en voor de ander een vaderlijke vermaning. Voor de jongvolwassen heeft God soms het karakter van de overtuiging ‘doen’ en in de midlife soms de verzoening met het ontbrekende. Voor de lijdende de zich verborgen houdende tegenstander maar ook de (mede)lijdende Jezus. Voor de een de wanhoop aan het kruis als de herkenning en voor de ander de Overwinnaar. Al deze perpsepctieven maken dat we als begeleider in een retraite uiterst voorzichtig moeten zijn in ons spreken over God. Wij moeten bijna alles kunnen voorstellen. Bij Merton zie je soms bijna alles Epifanie, Godsverschijning worden. Alles als brandende braambos, heilige grond.

Echter niet alles is God wat er blinkt zoals ik al eerder zei. Integendeel, er wordt veel lucht verkocht. Ook in spiritualiteit. Maar hoe kunnen we nu onderscheiden tussen wat God is en wat niet. Aan de vruchten; vrede, blijdschap, nederigheid, dienstknecht gestalte kent men de boom. Maar ook dat vraagt weer de nodige voorzichtigheid want ook in de wanhoop wordt God gevonden. Zelfs in de plaatsen van schijnbare afwezigheid(ps 139). Ik denk dat God in mij God in de ander herkent; en omgekeerd.

Ik weet niet of het de lezer is opgevallen; hoewel God de kern en het wezen is van de begeleiding dat ik daar maar moeizaam over spreek. Dat klopt ook want ik heb hier ook niets over te zeggen. In ieder geval niet veel. Ik heb daar  geen ‘zeggenschap’ over. We hebben het hier over het meest wezenlijke maar ook het meest ‘ongrijpbare’ geheim van ons leven. Mijn huiver is dat ik met mijn verhalen de ander voor de voeten zal lopen. Woorden en beelden blijven ‘vingers die wijzen naar de maan’. Dit vraagt een grote mate van distantie. Een ‘Beginners’ en Don’t know’ mind. Altijd open voor verrassing.

 


[1] van Bernardus van Clairveaux

[2] Met dank aan de colleges van Hein Blommestijn

3 Met dank aan Kees Waaijman

8 gedachten over “De Godontmoeting/omvorming in God en de Geestelijke Begeleiding

  1. Pingback: Humanisten en Spiritualiteit | Rinie Altena

  2. Wie ik hier mis is prof.dr. Kees Waaijman, In zijn boek ‘Vormen, Grondslagen en Methoden’ van de spiritualiteit heeft hij uitgebreid de verschillende lagen van omvorming beschreven .

    • Beste Maria,

      Ik vind het leuk dat je reageert! Ik heb 3 jaar lang les van hem gehad en je vind flinke stukken van hem in dit blog. Ik ben bang dat het te lang is. Het derde perspectief(7-de alinea) van de omvorming in God is ontleend aan Kees Waaijman. Ik noem hem daar ook nadrukkelijk. Ik heb ongelooflijk veel aan hem te danken!

  3. Pingback: In therapie | Rinie Altena

  4. Pingback: In therapie (3) ‘Be-Vindplaats’ van ‘Gd’ | Rinie Altena

  5. Pingback: In therapie (3) ‘Be-Vindplaats’ van ‘Gd’ | Rinie Altena

  6. Pingback: Humanisten en Spiritualiteit | Rinie Altena

  7. Pingback: En toen was er het pensioen… | Rinie Altena

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s