Kerk als een tegendraadse oefenplaats? Herman Paul en Bart Wallet

Kwam een leuk nieuw boekje tegen. De inleiding pakte gelijk: een zoektocht naar kerk en geloven wat ‘verschil’ maakt / wat ergens toe dient / wat er toe doet: dagelijks / in de buurt / maatschappelijk / de toekomst van de aarde. Kerken als oefenplaatsen in tegendraads gelovig leven.  Negen tegendraads theologen passeren de revue. Maar alleen al deze inleiding deed mijn hart opengaan. Eindelijk weer kerk en politiek in een adem… (W.T. Cavanaugh). Hoe lang is dat geleden….? Dat er zelfs een theoloog als Tim Keller in stond vergroot alleen maar mijn plezier want het maakt mij nieuwsgierig. Ik zal elk interview langs gaan en door de (lees)tijd heen reageren. De beide schrijvers hebben een link naar het tijdschrift Wapenveld. Enkele portretten stonden daar al in. Kijken of ze me raken. Woorden die mij in ieder geval niet aanspreken zijn ‘morele vorming’ en ‘zelfverloochening’. Het laatste en het eerste zijn geen doel: het gaat er, m.i., om dat we ons laten raken door het appel wat aan ons voorligt en gaan handelen/geven uit die betrokkenheid. Het delen en geven van ons leven omdat we ander zien, horen en voelen. Liefde als offergave; opdat het goed wordt. (de rest van de inleiding is een irritant voorsorteren op vragen van de makers; alsof ik zelf niet kan lezen en bedenken…).

1. Richard B. Hayes Centraal thema van deze ontmoeting is de postliberale (Postliberal Theology) bijbeluitleg. Hoe lees je de bijbel zo dat je niet in de valkuil van het sterk historisch en kritisch lezen of van het letterlijk lezen. Dit vraagt een verbeeldende en narratieve lezing(= figuratief?) waarin de eigen werkelijkheid wordt wordt begrepen vanuit de werkelijkheid in het bijbel verhaal(Viervoudig schriftzin). Daarbij moet men wel het verhaal lezen in de context van heel het boek en de andere bijbelboeken. De ijkpunten die hij noemt zijn het Kruis, gemeenschap en nieuwe schepping(37). Waar ‘ik’ blijf in deze benadering zie ik niet? Ik mis de dialoof/interactie…

2. Stanley Hauerwas “Ik wijdde op 15-jarige leeftijd mijn leven aan de dienst van God, vanuit de gedachte dat als God mij niet wilde redden, ik Hem onder druk kon zetten door dominee te worden“43 Alleen al van zo’n zin wordt ik vrolijk van; een oprecht mens. En even verder..“Ik schaam me naar voor de manier waarop het evangelie (in de VS) wordt misbruikt  voor een programma van patriottisme en individualisme.” Onder invloed van Barth, Yoder en Jezus komt hij tot een radicaal pacifisme. In zijn benadering kwam de kerk als politieke gemeenschap van God met centraal daarin de eucharistie centraal. Een gemeenschap waarin naar alternatieven wordt gezocht voor euthanasie, abortus en oorlog. En niet de seculiere overheid al te zeer naar het zin willen maken. In mijn oren neigt hij nogal naar een ‘superieure’ positie van de gemeente t.o.v. de wereld maar is daar zelf heel dubbel in door zelf geen echt deel uit te maken van een gemeente…… In de rij van God, schrift, gemeente, liturgie en subject is het voor mij niet duidelijk waar hij de ‘autoriteit’ legt…

3. Samuel Wells Een man met het hart van een pastor, een geraakt zijn door de armoede en een goed stel hersenen die hij voor beide wil inzetten. .. een van de armste wijken… 15 betrokken volwassenen …. lag wakker .. foto van de mensen in de wijk in de kerk… het werd een verhaal met God in de hoofdrol.. zoals in de bijbel..60 Voor hem spelen zijn preken een heel belangrijke verbindende rol. Maar naar aanleiding van de keren in de VS zegt hij ook: Het is prachtig iedere zondag voor 1.200 mensen te preken maar je liegt tegen jezelf als je denkt dat het Koningkrijk van God dichterbij is omdat er meer mensen voor je zitten”62. Werkelijke beslissingen over het leven in deze wereld zijn ingebed in een leven van navolging, waarin het karakter wordt gevormd en gekneed”65. Zijn focus is dus de morele karaktervorming in de christelijke gemeente. De kern zit in het handelen en niet in de intellectuele doordenking. In werkelijke handelingen van compassie. Niet het woord maar het leven; sacramenteel handelen. Een ‘dramatisch’ gebeuren noemt hij dat. Een leven dat de ‘verbeelding’ prikkelt en waar ‘verzoening’ gebeurd.

Ik stop er mee. Het wordt teveel. Ik schrijf bij elke theoloog een leuk citaat en daar houd ik het bij. Er komen er nog een paar voorbij wier theologie gegrond is in echte existentiële lijdenservaringen. Het maakt dat het echt ergens om gaat! Van N.T. Wright en Tim Keller snap ik niet dat ze er bij staan? In de maatschappelijke zin absoluut niet inspirerend. Dan had ik Huub Oosterhuis leuker gevonden? Trouw: ‘Red hen’ Oosterhuis

Ik vind het voor een leek veel te moeilijk(vraagt veel kennis / veel onbekende namen en termen voor mij) maar als je daar overheen leest is het een fantastisch boekje wat kerkzijn weer bij/in de tijd wil brengen. En dat is veel meer dan ethiek. En waar dan de autoriteit ligt: God / Traditie / Politiek / Gemeente / Liturgie / Bijbel / Jezus / Geest / Sacramenten / de lijdende / mij? Als het zoden zet aan de dijk van Gods Koninkrijk ben ik blij… (ben wel benieuwd naar wat Frits en Bert hiervan vinden)

4. Oliver O’Donovan

“Je vertelt de ander niet wat jij denkt, maar vraagt hem hoe zij tegen de dingen aankijkt”

5. Bernd Wannenwetsch

“Ik denk dat we een soort seismografische gevoeligheid zouden moeten ontwikkelen, die ons leert in te zien wat in welke tijd de moeite van het signaleren, ontmaskeren of bestrijden waard is.”98

6. Brian Brock

“De vraag is dus niet hoe het met onze christelijke karakter eigenschappen staat, maar of we God ontmoeten, of we zijn stem horen, of we zijn verborgen omgang kennen. (o.a. in het zingen van de PsalmenAlleen zo’n leven de omgang met onze Schepper leert ons hoe te leven, wat voor relaties we kunnen aangaan, hoe we voor onze kinderen kunnen zorgen, welke producten we het best kunnen kopen en tegen welke slechte gewoonten we te strijden hebben.” 115

7. Miroslav Volf

“Het christelijk geloof is niet westers, Amerikaans, kroatisch of Nederlands. Als dit besef verdwijnt, dan wordt het tijd voor een verklaring als de Barmer Thesen – tegen het tribalisme, tegen elk groepsdenken dat zich tooit met christelijke frasen of symbolen.”127

“Instead of reflecting on the kind of society we ought to create in order to accommodate individual or communal heterogeneity, I will explore what kind of selves we need the be in order to live in harmony with others” 129

8. Tom Wright

“Ik raakte in het onderzoek gefascineerd door karaktervorming en transformatie. (zijn bestudering van Paulus) En daaruit kwam duidelijk naar voren dat je wordt wat je aanbidt.” ( zijn laatste twee boeken zijn wel een echte aanrader!)

9. Tim Keller

En ter relativering: ‘Als je het begrijpt, dan is het niet God’ (Augustinus)

Zie ook: Ronald van den Oever en Jos Douma maar bij hen mis ik volledig de politieke en maatschappelijke dimensie van de oefenplaats. Wat juist bij deze denkers heel centraal staat. Zij associëren het begrip oefenplaats met spiritualiteit en daarmee lijkt de maatschappelijke dimensie van het tegendraadse uit het beeld te verdwijnen..?

Hoe meer ik van hun leeswijze lees hoe geschokter ik ben. Maar mischien ben ik degene die de verkeerde bril op heb….? Eerst heet het ‘tegendraadse theologen over kerk en ethiek’ (ondertitel). In hun reactie pakken ze het woord oefenplaats en tegendraads en verbinden dat met spiritualiteit. Vervolgens gaat het helemaal niet meer over bijbeluitleg en de maatschappelijke werkelijkheid (zie Cavanaugh). Het woord spiritualiteit ben ik nauwelijks tegengekomen in het boek. Bijna manipulatie….?

Joke is overleden

Joke is overleden; 42 jaar. Een prachtige vrouw die nog geen 5 jaar geleden vol plannen aan een volgende fase van haar leven begon. Getrouwd, een verlangen naar kinderen en voor haarzelf begonnen als zzp’ster op het gebied van coachen. Kanker verwoestte alles… Een tijd hoopte ze nog op een vorm van blessuretijd. De een na de andere tegenvaller maakte daar een einde aan.

Ik leerde haar 10 jaar geleden kennen op een schilderretraite in Frankrijk. Een oprechte, gelovige en betrokken vrouw vol van verlangen om echt iets van haar leven te maken. Op zoek naar betekenisvol leven voor zichzelf en anderen. Ja ook een verlangen naar een tot dan toe niet gevonden reisgenoot… Ze werd een geliefd medewerkster van de Spil en een lieve vriendin van… Waarom was ik zo onder de indruk van haar? Was het omdat haar presentie in gezelschap niets teveel had maar ook niets te weinig? Was het de lieve vanzelfsprekendheid van het gewicht van haar bijdrage aan elke ontmoeting? Was het het open vizier waarmee ze de wereld tegemoet trad? Deze tekst op haar website maakte ze helemaal waar:

Overigens, ik raad u aan altijd een oriënterend gesprek aan te vragen, ‘elkaar zien’ zegt in dit vak vaak meer dan geschreven tekst is mijn ervaring.

Niet de methode telt in dit vak maar de persoon! Ik denk niet dat er teleurgestelde klanten waren.

Op haar begrafenis, die een zeer mooi vormgegeven Oud Katholieke liturgie had, geen woord van protest… Geen klacht… Geen schreeuw van wanhoop en boosheid…

Dylan Thomas: “Do not go gentle into that good night, rage, rage against the dying of the light.” 

Leeft er iemand een leven wat/dat er werkelijk ‘toe wil doen’…. De dood; de ergste vijand….

Joke… A Dieu

Vergeving en Offer

Meerdere vrienden, familieleden en internet contacten reageerden.. Een enkeling wilde zijn reactie niet online… (webschuw of te onaf..). Ik wil het niet weer beter weten, maar wel zeggen wat het met me heeft gedaan. De reacties zijn mij nu ook weer, na herlezen, zeer dierbaar. Dankbaar dat ze wilden reageren. En het persoonlijke en ‘onaffe’ spreekt mij nog meer aan! Zo hoort het te zijn: bescheiden maar toch recht uit het hart gegrepen!

Eigenlijk heb ik maar 1 reactie gehad die zich nog volluit aan het schuld/bloedoffer wil verbinden. Op deze ‘reformatorische’ visie zal ik later apart ingaan. Een ander vertelde dat hij in het pastoraat bij zeer ernstige schuldgevoelens de waarde ervoer van het ‘liefdevolle plaatsvervangende schuldoffer’ van Jezus. De rest had overduidelijk afstand genomen van deze theologisering  van Anselmus zoals je kunt lezen.. Vooral op persoonlijk niveau hadden deze mensen niets met deze kijk. Soms worden daarbij Wiersinga en andere theologen genoemd. Al vroeg in hun opleiding werden ze niet door deze offertheologie geraakt. Zoals je kunt lezen is een enkeling daar zelfs heel uitgesproken in. Maar niemand doet dat op een triomfantelijke manier…

Ik voel daar wel een een bevestiging in van mijn eigen ervaringen maar vraag me dan wel af waarom daarover in de prediking zo weinig expliciet wordt gepraat? Ik ervaar geen stelligheden in de benadering. Dat spreekt mij zeker aan. En ik weet ook van de gevoeligheid van dit onderwerp. Toch hebben volgens mij velen er behoefte aan dat er openlijk over wordt gesproken (of heb ik daar alleen behoefte aan?). Of durft niemand die gedachte openlijk aan?

Dat brengt me bij de tweede gedachte die een van de mensen heel expliciet aangaf: citaat: “weet niet precies wat er voor in de plaats is gekomen. Dat christenen een gekruisigd mens als God aanbidden – daar zit ‘m het Geheim, dat is zo godsongehoord,…”. Men neemt afscheid van een bepaalde theologie maar men is soms expliciet in andere uitleg en een enkeling weet het nog niet. Niemand gooit zomaar iets weg maar bevraagt de bronnen. Ik verheug me op de studie van degene die ik hier citeerde. Wat dan wel? Wat hebben zij toen geloofd; in die tijd..? En wat mogen wij daarin in deze tijd voor onszelf en onze werkelijkheid lezen?

Prachtig om de zoektocht van de verschillende reacties te lezen.. Maar zette het me echt in brand…? Ja ik beschouw mijzelf zeer nadrukkelijk een volgeling van en gelovige in ‘Jezus Christus en die gekruisigd’. Maar wat zegt dat mij? In mijn dagelijkse en existentiële werkelijkheid? Een van hen zei het zo:
“Wat ik hiermee wil zeggen is dat Pasen als drama, theater, liturgie mij op een heel diepe manier aanspreekt, maar al het geredeneer erover bevredigt mij niet.”
Hier hoor ik het zoeken naar ‘beelden die spreken’; dat spreekt me aan maar ik wil toch ook wel theologiseren / uitleg. Uitleg van het leven en sterven van Jezus in relatie tot mijn eigen en ons aller leven. Wie weet zou het mooi zijn als we eens echt met elkaar in gesprek gaan aan ‘de tafel des Heren’. Staande in onze dagelijkse werkelijkheid & in het gevecht tegen de ‘machten’. Om dat ‘ene’. Het Goddelijke Rijk van liefde.

Dit ene

Dit ene heb ik jou gevraagd:
dat ik mag zijn met jou.

Als jij mijn licht bent vrees ik niemand
als jij mijn rots bent sta ik sterk.

Dit ene heb ik jou gevraagd:
dat ik mag zijn van jou.

[naar Psalm 27]

Egypte; ‘Angstland’

Het begon met een kort commentaar van mij op Facebook:

Jesaja 36:6;
6 Zie, gij vertrouwt op die geknakte rietstaf, op Egypte, die, als iemand daarop steunt, hem in de hand dringt en ze doorboort: zó is Farao, de koning van Egypte, voor allen die op hem vertrouwen.

Toen het CDA en de VVD met Geert Wilders in zee gingen moest ik al denken aan deze tekst van Jesaja; jammer dat ik dat toen niet gezegd heb. Ik hou niet zo van onheilsprofeten; daarom. Maar als ze nu geschokt zijn door het optreden van Geert dan schokt mij dat weer. Alleen nu omdat zijn onberekenbare gedrag hun raakt? Toen het de Polen, de Islam en de Turken betrof was het geen probleem? Hoe heet dat ook al weer….

Een lieve, zeer wijze en oprechte vriendin reageerde vervolgens in drie berichtjes:

Diana Immerzeel: Ja, dit is wel heel toepasselijk. Ik begrijp wel dat je de tekst toen niet gezegd hebt, want achteraf is het altijd makkelijk praten. Als burger laten ze mij toch verward achter (niet alleen vandaag hoor). Ik vind het moeilijk om positief te blijven over politici en niet in de valkuil van ‘het zijn allemaal oplichters’ te trappen. Waar is de integriteit gebleven in de politiek. Gisterenavond wisten diverse politici de campgne al te starten, waarbij ik de zorg (échte zorg) om de burger mis.

En dan te bedenken dat Egypte zoiets als ‘Angstland’ betekent. We worden al een hele tijd geregeerd vanuit de angst: angst voor de ‘vreemdeling’, angst voor ons pensioen, angst voor onze veiligheid, enz.

En natuurlijk reageren ze geschokt. Stel je voor dat ze zeiden, dat het gedrag van Geert Wilders in de lijn van de verwachtingen lag. Nu kunnen ze hem de schuld geven en zelf hun handen in onschuld wassen. Bij de (bijna zekere) verkiezingen kunnnen wij ons tegengeluid laten horen.

Diana for president!!!!

Heeft God een offer nodig voor zijn vergeving?

Nu wil ik het wel eens weten van mijn theologische familie, vrienden en kennissen… Hoe lezen zij inmiddels, heel persoonlijk, het Paas evangelie? Dit zit me, als gelovige, al heel lang dwars. Ik ben er onrustig over. En toen een zeer goede vriend van mij reageerde op een facebook bericht van mij, op 6 april, over mijn ‘lijden’ op Goede Vrijdag was de beer los. Ik wil het weten.

Ik ‘bekeerde’ mij in de studententijd m.b.v. van de ‘brug illustratie’. Dankzij het sterven van Jezus voor mijn/onze zonden kon ik weer met God verzoend worden. Door Jezus aan te nemen als mijn Redder en Verlosser werd ik verlost. Ik was opgegroeid in de Gereformeerde Bond van de Hervormde Kerk dus was mijn geloofsbelijdenis een logisch vervolg.  Het antwoord op de belijdenis vragen was dan ook ‘Ja’; uiteraard vol aarzeling. Nu, lezend wat toen de vragen waren, kan ik eigenlijk niet vinden dat ik mij hierover (dat offerverhaal) moest uitspreken. Ik verbond mij wel met het belijden van de kerk. En daar was dat offerverhaal wel heel sterk aanwezig via de catechismus (1563).

Zondag 1
Vraag 1: Wat is uw enige troost in leven en sterven?
Antwoord:
Dat ik met lichaam en ziel, in leven en sterven1, het eigendom ben, niet van mijzelf2, maar van mijn trouwe Heiland Jezus Christus3. Want Hij heeft met zijn kostbaar bloed voor al mijn zonden volkomen betaald…..

Ik was gedoopt, opgevoed, gepokt en gemazeld en doordrenkt van deze offer- en bloed-theologie. Maar echt aansprekend vond ik dat niet. Natuurlijk hoorde ik wel van Herman Wiersinga en later Kuitert maar die gingen in hun ‘vrijzinnigheid’ iets te ver voor mij. Maar de twijfel / ambivalentie bleef… Van binnen stond me die ‘God der wrake’ tegen. Maar was dat  de ‘ergernis’ van het Kruis? Er kwamen vragen zoals:

> Die ‘schuldoffercultus’ spreekt die mij aan? Inspireert dat mij?
> ‘Moest’ hij betalen aan God voor mijn/ons leven; wilde God een offer?
> Zo erg waren die zonden toch ook weer niet van mij? Zijn dat doodstraf-zonden?
> Wil/Moet God bloed zien? Wil hij zijn eigen zoon offeren? Heeft Hij dat nodig om mij te vergeven? Hij is toch geen Baal?
> Heb ik dan te weinig zondebesef?

> is God dus voor de doodstraf?

In mij zijn deze vragen nog steeds niet bevredigend beantwoord. In de kerk zijn er nog zo ontzettend veel liederen, gebeden en preken die ‘impliciet’ of expliciet dit zo vertellen. In ieder geval heeft de PKN in zijn belijden hier nooit afstand van genomen? De evangelisch theoloog Brian Mclaren heeft er wel flink afstand van genomen. En ik? Deze vragen zijn mijn emotionele verwarringen als ik naar God kijk. Wie is hij, hoe kijkt hij naar ons? Wat wil hij van mij? Dat beeld van die God die een mensenoffer eist verward mij. Ik durf niet te kiezen. Er zijn zoveel teksten in de bijbel (OT / Paulus / Hebreen) die deze wijze van kijken ‘bevestigen’ en er zijn zo weinig theologen die deze wijze van kijken expliciet afwijzen. Ik merk dat ik blij zou zijn als het zou blijken een ketterij te zijn…. Ik durf mij voor het eerst zo duidelijk uit te spreken; het beangstigt mij.. Ik wil toch wel heel graag een bijbels / orthodox gelovige zijn… De woorden als schuld/ straf / betaling /  bloed / verzoening / zoenoffer / vergelding / satisfactie / plaatsbekleding gieren door m’n hoofd(= Anselmus?).

Ja; ik wil antwoorden van die vrienden van mij… Maar dan moeten het wel in de eerste plaats existentiële/personale antwoorden zijn. Daarna mogen ze in gesprek gaan met hun eigen gemeenschap / traditie en tenslotte mogen ze ook nog theologen zijn. Ik ben benieuwd. Ik heb ze gevraagd de omvang van een blog aan te houden. En liefst met illustraties.

Reacties: Gerrit / Jeronimo / Ruben / Gerhard / Wim / Harry / Bert / Arend

Meister Theoderich von Prag 1360-1381

Vreemdeling…; Vreemdland Festival in de Keizersgrachtkerk

Een lieve vriend (Gerhard Scholte) van mij en mijn zoon en zijn vriendin hadden iets te maken met dit festival; dus gingen we. Op facebook hadden we al begrepen dat je je moest opgeven om niet in een irritante en ingewikkelde procedure terecht te komen. Wij kregen (ook konden ze onze naam niet vinden) zonder problemen twee ‘paspoorten’ met met het programma erin. Een zeer uitgebreid programma dat in 4 zalen tegelijk speelde en om het uur wisselde van inhoud.

We waren op tijd om het eerste programmaonderdeel te kunnen meemaken. De aangrijpende en ingrijpende voorstelling ‘As I Left My Fathers House‘ van Bright O Richards. Een uur en een kwartier mijn adem ingehouden. Drie parallelle verhalen van een jood, een christen en een moslim. Verhalen van meedogenloos moordend geweld. Biddend tot De Eeuwige / God / De Barmhartige; aangrijpende joodse-, psalm- en islamitische smekingen. Afgewisseld met de gezongen Koran en Joodse liederen. Ik durfde niet eens te kijken…. Te heftig allemaal. Maar ook momenten van moed, hoop en verlangen om het niet op te geven (interview in Trouw).

In de workshops hoorde ik een hulpverlener van slachtoffers van mensenhandel en een advocate van asielzoekers.. Wederom aangrijpende verhalen die ik natuurlijk al, van bij ons thuis, aan tafel kende… De mensonterende toestanden in de uitzetcentra. Je wilt het gewoon niet weten dat dit in een zogenaamd beschaafd land gebeurt. Wij geven deze mensen extra trauma’s mee. Al die verhalen maakten me al heel snel erg zwaar. Het machteloze toezien, het praten ‘over’ en het er thuis middenin staan. Drie keer me vertillen aan….

Tenslotte heb ik nog twee ‘giganten’ mogen zien: Huub Oosterhuis en Ruud Lubbers. De laatste een lieve en charmante man die de sympathie van de zaal wist te winnen. Ik denk dat hij bij bijna elke zin wel even de arm van de mooie vrouw Abeltje Hoogenkamp aanraakte en, als dank en respect, na afloop liefdevol werd gekust door haar. Ik moest er erg om glimlachen. Ik herinner me hem nog uit de tijd van het IKV en de demonstranten die hem de rug toekeerden. Nu kreeg hij een dikke hug en dankbaar applaus; ook dat was ontroerend.

Het was zeer levendig, druk en er waren heel veel kleuren uit de wereldsamenleving. Absoluut voor herhaling vatbaar.

Er was echter ook een wrange ervaring. Ik was er vooraf al bang voor. De organisatoren hadden iets spannends bedacht door de toegang niet vanzelfsprekend te laten zijn. Je had een paspoort nodig dat alleen verkrijgbaar was als je je had opgegeven via facebook. Zo niet, dan kon je een voorlopige verblijfsvergunning krijgen (wel invullen en een nader verhoor) en als je twee activiteiten had bijgewoond, was je voldoende geïntegreerd en kreeg je een paspoort. Het was heel pijnlijk om te zien. De meesten die zo’n procedure moesten volgen waren degenen die zelf dat ooit hadden meegemaakt…. Het werd daardoor, voor mij, geen leuke grap. Toen ik dit doorkreeg heb ik mijn paspoort aan iemand gegeven die met een een voorlopig verblijf in zijn hand liep. Ik had ook hiervan het idee dat hij de ironie daarvan niet doorzag. Het maakte me nog somberder. Ik heb zijn ‘voorlopig verblijf’ op mijn kamer.

Nee, het was geen smet op het geheel; maar toch… Het was een fantastisch en indrukwekkend festival. Ik ga volgend jaar weer…

We blijven nog heel lang vreemden…?

Het lied waar Gerhard, de predikant van de Keizersgrachtkerk, meerdere keren aan refereerde:

Uit honderd huizen

Wij willen bij elkander schuilen,
verdriet alleen is vaak te groot;
een schouder om op uit te huilen,
een hand die droeve tranen droogt,
een hand die droeve tranen droogt;
zo leren wij elkaar weer zingen
getroost met wat het leven biedt.
Kom laat ons weer opnieuw beginnen
op hoop van zegen: zing een lied,
op hoop van zegen, op hoop van zegen
zing een lied

Want hier en alom in den lande
gaan mensen vaak en fel te keer
ze maken vuisten van hun handen
en nodeloos doen wij ons zeer
en nodeloos doen wij ons zeer;
baan liever wegen uit dit heden
geloof in wat je nog niet ziet
en sluit je aan bij onze beden
op hoop van zegen: zing een lied,
op hoop van zegen, op hoop van zegen
zing een lied

Bob Dylan en ’11 uitgetekende grafschriften’

Hoe maak je het!? Er klonk een flinke bezorgdheid in haar stem… Lief dat zij mij belde..

De aanleiding was een blog over een heftige vloed van wanhoop. Zij dacht dat ik ‘het slecht maakte’..? Het herinnerde mij aan een gedicht van Bob Dylan bijna 50 jaar geleden; ’11 Outlined Epitaphs’. Opgezocht; gevonden(11 Outlined Epitaphs) en ik blijk nog hele delen daarvan in de diepere lagen van mijn emotionele aanwezig te hebben. Ze blijven me diep raken…

In dit deel gaat het over een vraag aan hem(Dylan) over de veronderstelde somberheid die aanwezig zou zijn in zijn gedichten

Al’s wife claimed I cant be happy
as the New Jersey night ran backwards
an vanished behind our rollin ear
“I dig the colors outside, an I’m happy”
“but you sing such depressin songs”
“but you say so on your terms”
“but my terms arent so unreal”
“yes but they’re still your terms”
“but what about others that think
in those same terms”
“Lenny Bruce says they’re no dirty
words…just dirty minds an I say they’re
no depressed words just depressed minds”
“but how’re you happy an when’re you happy”
“Im happy now”
“why?”
“cause I’m calmly lookin outside an watchin
the night unwind”
“what’d yuh mean ‘unwind’?”
“I mean somethin like there’s no end t it
an its so big
that every time I see it it’s like seein
for the first time”
“so what?”
“so anything that ain’t got no end’s
just gotta be poetry in one
way or another”
“yeah but…”
“an poetry makes me feel good”
“but…”
“an it makes me feel happy”
“ok but…”
“for lack of a better word”
“but what about the songs you sing on stage?”
“they’re nothin but the unwindin of
my happiness”

En weer grijpt het me aan, net als andere ‘lines’ zoals deze:

ah where are those forces of yesteryear?
why didn’t they meet me here
an greet me here?

Maar terug naar de vraag, en inherent daaraan, het probleem. Hoe geef je een reëel beeld van jezelf in zo’n website als deze. Hoe doe je verslag van de reële dynamiek in je leven? Een eerlijk en oprecht verhaal van lief en leed, van mislukking en kleine succesjes. Van schuld en lieve momenten. Van wanhoop en iets van vreugde daar doorheen… Ik wil vooral geen schijnvertoning. Maar ik ben absoluut geen zielig mens; integendeel! Ik hoop juist iets weer te geven van een levensadem door alles heen waar ik echter geen vat op heb! En dat dat voor iedereen geld!!

Wie weet is het ‘ernst’ en is mijn ernst wel mijn diepste vreugde!? En lach ik dus ook zoveel…

 

Dietrich Bonhoeffer / Een god die er niet is…..; Paastijd

Eerst was er een aangrijpende ontmoeting; de zwarte ziekte.

Het tweede verhaal was een mail van een goede kennis. De zoveelste nederlaag in haar strijd tegen kanker. Een ongelijke strijd die nu al zo’n drie jaar duurt. Een lieve, mooie en vrome vrouw die, op latere leeftijd, net de liefde van haar leven had gevonden.

Een derde verhaal is dat van een bijbelkringgenoot uit mijn studententijd. Hoe aardig en vriendelijk kan iemand zijn? Een slopende MS en de vermoeidheid van zijn vrouw heeft ertoe geleid dat hij tijdelijk in een verpleeghuis zit. Ik denk dat hij wel vier keer ‘genezen’ is; o.a. door Martie Haaijer.

Drie lange nachten van godverlatenheid…. (Voorlopig?) zonder goede afloop. Net als psalm 88. En de laatste woorden van Jezus bij Marcus.. Sterven in de godverlatenheid…

Ik vind dat hier in de kerken veel te weinig bij wordt stilgestaan; de godverlatenheid, de nederlaag, de ervaringen die zonder troost zijn. Maar die ondanks zichzelf wel verbonden zijn ‘in Christus en die gekruisigd’. Waarom; omdat we daar bang voor zijn? Omdat ze cognitief dissonant zijn? Onze mooie verhalen dan niet meer kloppend zijn? Omdat je hiermee geen aanhangers krijgt? Durven wij deze teksten van Dietrich Bonhoeffer (bron) nog steends niet aan?

Uit een brief van 16 juli 1944

“… We kunnen niet redelijk zijn, als we niet erkennen dat we in de wereld moeten leven, ‘etsi deus non daretur’. En dat erkennen wij voor God! God zelf dwingt ons dit te erkennen. Zo brengt onze mondigheid ons tot de waarachtige kennis van onze situatie tegenover God. God doet ons weten dat wij moeten leven als diegenen, die hun leven inrichten zonder God. De God, die met ons is, is de God die ons verlaat (Mc 15,34 )! De God die ons in de wereld doet leven zonder de werkhypothese God, is de God voor wiens aanschijn wij staan. Voor en met God leven wij zonder God. God laat zich uit de wereld terugdringen tot op het kruis, God is zwak en machteloos in de wereld en juist zo en alleen zo is Hij met ons en helpt Hij ons. In Mt 8,17 staat overduidelijk dat Christus ons niet helpt krachtens zijn almacht, maar krachtens zijn zwakheid, zijn lijden!
Hier ligt het wezenlijke verschil met alle religies. Het religieuze in de mens verwijst hem in zijn nood naar Gods macht in de wereld, God is de deus ex machina. De bijbel verwijst de mens naar Gods onmacht en lijden; alleen de lijdende God kan helpen. In zoverre kan men zeggen dat de geschetste ontwikkeling tot mondigheid, die afrekent met een verkeerde voorstelling van God, de blik vrijmaakt voor de God van de bijbel, die door zijn machteloosheid in de wereld macht en ruimte krijgt.”

Brief van 21 juli 1944

“Beste Eberhard,

Ik moet denken aan een gesprek met een jonge Franse predikant, dertien jaar geleden in Amerika. We hadden ons eenvoudig de vraag gesteld wat we eigenlijk wilden met ons leven. Hij zei: ik zou een heilige willen worden (en ik acht het niet onmogelijk dat hij het geworden is). Dat maakte indruk op me. Toch kwam ik met een andere mening en zei ongeveer: ik zou willen leren geloven. Lange tijd heb ik niet beseft hoe diep deze tegenstelling is.
Mijn ‘Navolging’ schreef ik als afsluiting van die periode. Ik zie op dit ogenblik duidelijk de gevaren van dat boek, maar blijf er desondanks achterstaan.
Later heb ik ervaren en ik ervaar het tot op dit moment, dat je pas leert geloven als je midden in de aardsheid van dit leven staat; (…) als je aards leeft, dus met alle taken en problemen, successen en mislukkingen, met alle ervaringen en twijfels; want dan geef je je helemaal over aan God, dan neem je niet meer je eigen lijden, maar Gods lijden in de wereld au sérieux, dan waak je met Christus in Ghetsemane. Dat is, meen ik, geloof ik, dat is ‘metanoia’; zo word je een mens, een christen.

Je Dietrich”

Eenzaam, alleen en individualiteit; Paastijd

Geeft me iets om voor te sterven‐!
     Die Mauern stehen
     sprachlos und kalt, die Fahnen
     klirren im Winde.
Niet dit maakt de eenzaamheid tot een kwelling:
dat er niemand is die mijn last deelt,
maar dit:
dat ik alleen mijn eigen last te dragen heb.             Dag H.

Niet eens zo lang geleden zei een vriend van mij: ‘wij staan er er helemaal alleen voor; het is ieder voor zich’. In zijn schets hoorde ik een bedreigende vorm van eenzaamheid… Het beangstigde mij. Zo ‘verschrikkelijk’ op eigen benen moeten staan vond ik geen aantrekkelijk mensbeeld (eenzaamlijden). Ben ik niet meer van de ‘verbinding’; het samen ergens voor gaan? In een huwelijk, woongroep of vriendschap? Mij beangstigd die eenzaamheid die ik ook bij Dag Hammarskjold lees..

Een centraal thema uit het werk van Thomas Merton, maar meer nog in dat van Henri Nouwen, is dat subtiele verschil tussen eenzaamheid (loneleyness) en alleen (alone) zijn. Je kunt alleen zijn zonder eenzaam te te zijn (en omgekeerd natuurlijk). Ik vind dit ook terug in de brieven van Dietrich Bonhoeffer. Zijn hartstochtelijk pleidooi, in de gevangenis, voor een volwassen christendom heeft hele scherpe analyses opgeleverd. Die ‘individualiteit’ zie ik ook het boek van Dag Hammarskjold. Zou het zo kunnen zijn dat lijden en verzet/inzet je loutert tot op je ware zelf / je ware individualiteit? Maar dat blijkt dan tegelijkertijd de plaats te zijn van de ware verbondenheid met allen/alles/de werkelijkheid.

Die dubbelzinnigheid herken ik bij hen ook in het thema van de stilte en het zwijgen. De stilte die op een prachtige wijze doorwrocht is in het briljante boek over de stilte van Sara Maitland. Ook hierin weer dat loslaten en alleen zijn die uitgroet tot verbondenheid. Hoe meer Thomas Merton zijn hermitage vond hoe dieper zijn verbondenheid over alle grenzen zich ontwikkelde.

Is dit de overgaven aan de ver-niet-iging? Kenosis? De durf om alles te verliezen? Niets te zoeken, niets te willen? En langs die weg vinden/gevonden worden? Als dat zo is vind ik dat niet makkelijk…; zacht uitgedrukt. Dromen, vrienden, doelen en zelfbeelden verliezen is dat de weg die er ook gegaan moet worden? Of is dit een typische oude mannen blues?

De ‘mystieke ervaring’. Altijd ‐ hier en nu ‐ in de vrijheid
die één is met distantie, in de stilte die geboren wordt
uit zwijgen. Maar ‐ deze vrijheid is een vrijheid in daden,
deze stilte een stilte onder mensen. Voor hem die, in de
wereld staande, vrij is van zichzelf, is het mysterie
voortdurende werkelijkheid, een werkelijkheid in de
rustige rijpheid die geschonken wordt door de
ontvankelijke opmerkzaamheid van de aanvaarding.
De weg naar heiliging gaat in onze dagen noodzakelijk
via daden.
Men moet alles voor alles geven.                  

Dag H.

Jean Jacques Suurmond; God, werkelijkheid en nog veel meer

Een overdenking bij een column JJS

Dinsdag; een beetje opwinding…. Hij (J.J.S.) staat er weer in. Nou ja; een keer in de veertien dagen. Natuurlijk is het niet altijd ‘mijn ding’, maar vanmorgen was het weer helemaal raak. Ik durf het niet helemaal over te nemen maar een paar zinnen wel:

… God is geen toevoeging maar het hart van de wereld. 
… Hij is er al, zowel bij gelovigen als ongelovigen. 
… Eckhart zegt: “Echt, wanneer je meent in diepe overgave, vrome stemming, zoete extase en wonderlijke ervaringen meer van God te krijgen dan bij de tv of in de garage, dan doe je niets anders dan God nemen, een krant om zijn hoofd wikkelen en onder de sofa schuiven”. Als we hem tot bijzondere ervaringen beperken, raakt hij uit het zicht. God wordt irrelevant voor het gewone leven – een mogelijke toevoeging of hypothese.

Nee… (en deze tekst weer ‘van mij’)

God is de werkelijkheid

God is de innerlijke bron van alle werkelijkheid

God is zwanger van onze werkelijkheid

Als kind zei ik dan: ontelbaar keer ontelbaar… Ja hoe maak je oneindig keer oneindig duidelijk? Hoe werkelijk is werkelijk…. Gewoon lezen die column. En die van Jan Greven trouwens ook..