Thomas Merton: uit zijn dagboeken 1

Een van de meest bekende teksten van Thomas Merton is zijn ‘Louisville‘ ervaring.  Maar lezend in zijn dagboek kwam ik nog een paar teksten van hem tegen, uit dezelfde tijd (1958), die ook iets weergeven van de fundamentele doorbraak naar heel nieuwe perspectieven in zijn theologie. Deze teksten geven blijk van een, voor mij, heel ‘andere’ kijk op God, onszelf en de wereld om ons heen. Voor mij werkt deze wijze van theologiseren genadevol verbindend en dynamiserend. Ik heb ze vertaald. Vertalen is overigens een prachtige vorm van geestelijke lezing.

De illustraties heb ik er zelf bij gevonden. De foto komt uit het genoemde boek.
In de onderstaande tekst raakt mij de genadevolle en  inclusieve wijze van kijken. Wij zijn allemaal herschapen ‘in Christus’. Voor mij een mystieke wijze van zien. (zie ook zijn Sophia)

19 maart 1958; Feest van de heilige Jozef

Fantastische boeken voor weinig geld — inclusief ‘The Family of Manvoor 50 cent. Al die fantastische foto’s. Nadere toelichting of uitleg is niet nodig! Sommige mensen zullen gechoqueerd zijn als ik ze zou vertellen dat dit hele boek, voor mij, een foto van Christus is. En toch is dat de waarheid. Daar, daar is Christus ‘in my own Kind’, my own Kind – Kind, waarmeegelijkendbedoeld wordt en wat ook “liefde” betekent en wat “kind” betekent. Mankind. (het lukt mij niet om zijn woordspel met de meerdere betekenissen van ‘Kind’ = soort & aardig & kind in een Nederlands equivalent te vertalen dus heb ik het laten staan) Wij zijn elkaars gelijke, een lieve “Kind” van zondaren verenigd en omarmd in maar één hart, maar één Liefdevolle vriendelijkheid; het Hart en de Liefde van Christus. Ik zoek niet naar de zonde in je, Mankind/mensheid. Ik zie geen zonde meer in je vandaag (hoewel wij allemaal zondaars zin). Er is iets dat oneindig veel meer  werkelijkheid is, om zonde nog langer belangrijk te laten lijken; de schijn van bestaan toe te schrijven. Want zij is verzwolgen, het is vernietigd, het bestaat niet meer en er is alleen het grote geheim dat wij allen één gemeenschap van Gelijken zijn. Wat er toe doet is niet wat de een of die andere in zijn hart gedaan heeft, los van de anderen, maar de liefde die hem terugbrengt bij al die anderen in één Christus. Deze liefde is niet onze liefde maar die van de Hemelse Bruidegom. Het is de Goddelijke Overmacht en de Heilige Vreugde’. God is zichtbaar en openbaart Zichzelf als mensheid, dat wil zeggen, in ons, en er geen andere hoop om wijsheid te vinden dan in God-menszijn: ons eigen menszijn omgevormd in God!

Zie ook Deel 2 & Deel 3

Brian Mclaren; en een beetje ‘beter weten’

Brian D. Mclaren is een ondernemend ‘evangelisch’ theoloog. Hij schrijft veel en geeft lezingen over heel de wereld. En hij deelt veel van zijn inzichten gratis. Hetgeen ik heel sympathiek vind. Drie boeken van hem gelezen. Waarvan 1 in 1 adem. Vanwege mijn eigen evangelische wortels ben ik best wel een beetje geboeid door ‘bekeerde’ evangelische theologen. Post-evangelisch wordt hij wel genoemd en hij wordt gerekend tot de wereld van de Emerging Church. In deze blog van hem zegt hij een paar voor mij herkenbare en aansprekende dingen. Hij geeft hier antwoord op een aan hem gestelde vraag.

—-

“Ik houd van deze vraag – in het bijzonder de volgende woorden: “… het begrijpen van de ware aard en het zijn van God zelf.”..   Ze herinneren mij eraan hoeveel gevoel voor humor er voor nodig is, als ‘kleine mensen’ een poging doen om over God te spreken!…

…. G. K. Chesterton verwoorde dit prachtig in zijn boek Orthodoxy:

Poetry is sane because it floats easily in an infinite sea; reason seeks to cross the infinite seam and so make it finite. The result is mental exhaustion, like the physical exhaustion of Mr. Holbein. To accept everything is an exercise, to understand everything a strain. The poet only desires exaltation and expansion, a world to stretch himself in. The poet only asks to get his head into the heavens. It is the logician who seeks to get heaven into his head. And it is his head that splits.

Dus… als wij ten poging doen grip te krijgen op “de ware aard en en het zijn van God zelf” dan moeten we dat doen als een dichter; ootmoedig en vol ontzag – vooral niet arrogant en als een alles bepalende logisticus.”

En op de vraag naar pan-en-theisme antwoord hij..

“Op het moment dat Jezus “het koninkrijk Gods” proclameert …… nodigt Hij ons uit om de werkelijkheid zo voor te stellen dat het God en de schepping met elkaar verbind in een geheel. “Het Koninkrijk Gods” verenigt God en scheppig … er is sprake van een relatie, integraal verbonden en interactief. De koning is aanwezig in het koninkrijk maar het koninkrijk is niet hetzelfde als de koning….

Dit ‘integrale beeld’ raakt de kern van onze gesprekken over pantheism, het traditionele dualistische theisme en pan-en-theisme. We doen een poging om de schepping in zijn verbondenheid met God te zien en niet als iets losstaand. We doen ten poging om – in de nadagen van, Grieks dualisme, modern consumisme en kolonialisme, reductionistisch rationalisme en nog veel meer; de poëzie van Genesis 1 te herwinnen: dat heel de schepping op de een of andere wijze een manifestatie is van God, een uiting van God, een beweging die is geboren uit Gods adem (en bedenk dat dit poëzie is!!)”

“Let there be light … and there was light.” We can’t get it into our heads, but maybe we can get our heads (Rinie: heart) into it?

—-

Om deze laatste zin gaat het mij! Wij moeten weer met ons hart en niet alleen met ons hoofd leren lezen. De bijbels verhalen zijn een poëtische/beeldende poging de Goddelijke en menselijk dynamiek, die ons dagelijks leven vervuld en tot leven wekt, te laten zien en voelen en ons mee te laten nemen. Het is vol leven om en door ons heen. Zie je het niet: sluit je aan en doe mee! Hier en daar; gebeurt iets! Die manier van ‘Theo’logie bedrijven spreekt mij aan. Een theologie waarin God en mens samen betrokken zijn op scheppen, verlossen en bevrijden. Tegen de verdrukking in…

Blijf niet staren op wat vroeger was
Sta niet stil in het verleden
Ik, zegt hij, ga iets nieuws beginnen
Het is al begonnen, merk je het niet?

Huub Oosterhuis

‘Most of the time’; Maar soms is er de wanhoop.

Most of the time
My head is on straight
Most of the time
I’m strong enough not to hate
I don’t build up illusion ’til it makes me sick
I ain’t afraid of confusion no matter how thick
I can smile in the face of mankind
Don’t even remember what her lips felt like on mine
Most of the time

Ja, meestal red ik me redelijk goed. Maar zoals vanochtend is het als een moeras waar ik me doorheen moet werken. Een ‘diepe’ wanhoop omklemt me. Om mezelf gerust te stellen gaan er allerlei diagnoses door mijn hoofd. Nee depressie was het dus niet; angststoornis.. Maar wie weet is het iets borderline-achtigs? Of toch licht bipolair? Soms denk ik aan en vorm van autisme? Een dagelijkse wanhopige ondergrond/afgrond onder me. ‘The blues’. Als ik weet wat het is dan…?

Zou dit hetzelfde zijn als de demonen van vroeger? De aanvechtingen van satan bij Luther? De vrouwen bij de pilaarheilige? Nou hebben ze bij mij niet de vorm van sex…  De ‘demonen van de namiddag’; acedia? Ik weet nog dat ik het boekje van Grun ‘Strijd tegen de demonen’ heel verhelderend vond. Meerdere keren gelezen. Ik blijf er over lezen. De moderne hersenpsychologie heeft ook weer nieuwe inzichten gegeven. Maar veel daarvan blijft toch dicht in de buurt van een fundamenteel ‘gevoel’ van paniek….

Een paar inzichten zijn mij door de tijd heen bijgebleven.

Er is geen ontkomen aan. Fundamenteel is de ‘wanhoop‘ een gegeven. Welke namen daaraan ook worden gegeven door filosofen en theologen als Kierkegaard en Merton. Vrees en beven, void/dread/despair/desolation, leegte. Iedereen wordt op een keer geconfronteerd met zijn ‘totalitaire’ machteloosheid, schuld, zinloosheid en vreselijke eenzaamheid. Er is geen ontkomen aan. Oké; er zijn heel veel vluchtroutes zoals een relatie, verdoving en afleiding. Maar dan worden we de volgende ochtend weer wakker: we vallen en er is geen bodem…

Er omheen is een illusie… Dus is er maar een weg? Er doorheen. Voor mij is dat dan ook vaak stap 1 in dit soort situaties.  Naar binnen gaan bij dit vreselijke beest. Nee, dit is geen ‘zwelgen in de wanhoop’ zoals ooit een vriend tegen mij zei. Integendeel. Het is: ‘houdt uw hart in de hel maar wanhoop niet’. Het is gaan zitten en de emotionele stormen over en door je heen laten gaan. Het is de ‘feitelijkheid’ in de ogen zien. Het is zoals het is; hier en nu. Ik denk dat dit ook de ongelooflijke waarde van veel goede zen literatuur is. Ik geloof dat daar, voor mij, onvoorstelbaar veel van te leren is. Voor mij als gelovige is het me laten dopen in de wanhoop van Jezus. Ervaren wat de verbijsterende machteloosheid en godverlatenheid is. Die voor iedereen onontkoombaar is. De nacht van de mystieken? Dan lijkt het me toch nog weer dat het iets ‘positief’ is; en dat wil ik niet. Ik wil het absoluut niet mooier maken als het is…

De tweede dimensie heb ik in het bijzonder van Cynthia Bourgheault geleerd. Zij spreekt dan over ‘verwelkomen‘ een ‘befriending’ zoals ik het zelf zou noemen. Wij hebben het hier over de wereld van ‘centering prayer‘. Zij ziet drie stappen(143):
1. Focus and Sink in
2. Welcome
3. Let Go
Bij  mij heeft dat het karakter gekregen van een ‘begroetingsritueel’ naar mijn stemming. Een afdaling in een diepe gewaarwording/awareness. Diepe ademhaling(en) en zien en voelen dat wat er is aan gedachten/ herinneringen/ angsten en gevoelens in/aan mijn lichaam. Een vriendelijke ontvangst, verwelkoming en aanvaarding van ‘dat wat is’. Bij elkaar op de koffie gaan.. Luisteren en na een groet verder (laten) gaan. Deze wijze van er mee omgaan herken in de compassionate mindfulness; wat gezien de wortels daarvan (in Zen), niet zo verwonderlijk is.

Als je rust wil; aanvaard dan de onrust.
Als je zonder angst wil leven; omarm dan de angst
Als je overvloed wil; wordt dan een vriend van de armoede
Als je vrij wil zijn; verwelkom dan de onvrijheid
Als je vrede wil; aanvaard dan de ‘strijd’
Als je zonder wanhoop wil zijn; ga dan wonen in de wanhoop
Als je alles wil; leer dan in vrede leven met niets
Als je gelukkig wil zijn; sluit dan vriendschap met het ongeluk
Als je wil leven met God; durf dan te leven zonder Hem           (Bron ?)

Haal ik hiermee de angel uit deze werkelijkheid? Dat is in ieder geval niet mijn bedoeling. Dit wil geen ‘oplossing’ en/of ‘genezing’ zijn. Zelfs de beweging rondom de mindfulness maakt er soms toch weer een weg naar geluk van. Nee er is geen ontkomen aan de wanhoop. Maar het heeft ook geen laatste woord…. Je gaat er doorheen en je kunt soms weer gewoon aan het werk.. Hou je er iets goeds aan over? Mooi voor je. Hou je er niets aan over? Beter…. Voor mij heet dat laatste ‘geloven’. Gewoon serieus nemen dat wat is… Wil je iets ontvangen? Wees dan tevreden met niks.

Erik Borgman; een relevante en inspirerend theoloog!

Ik noem J.J. Suurmond steeds als een, voor mij, inspirerende theoloog maar dan moet ik Erik Borgman ook noemen. Hij is een ‘leerling‘ van Edward Schillebeeckxs. Wat Jean Jacques is op het gebied van spiritualiteit is Erik Borgman voor mij op het gebeid van maatschappelijk relevante spiritualiteit. Vandaag ook weer in Trouw (Het kwaad). Een prachtig interview door Wilfred van der Poll (doet leuke dingen!) Een mooi citaat:
“Maar als ik in die verontwaardiging (over seksueel misbruik in de kerk) blijf hangen, kan dat ook een manier zijn om mijzelf buiten schot te houden. Want ik die verontwaardigd ben, ik hoor natuurlijk aan de goede kant. Ik splits de mensen op in kwaden en in goeden, en houd het probleem van me af. Het kwaad is elders en goddank niet in mij. Daarmee zou ik, paradoxaal genoeg, een patroon voortzetten dat nu juist zo problematisch is gebleken.”

Het kwaad moet niet alleen aan de ander worden toegeschreven maar slaat ook altijd op mijzelf terug. Moet mij aan het denken zetten over (bijvoorbeeld) datgene waar ik deel aan hen en/of wat ik verborgen houd en niet aan het licht breng bij mezelf.

Ik heb twee boeken van hem die ik nog steeds moet lezen. Een prachtig en inspirerend ‘voorgerecht’ van zijn wijze van inspireren vond ik in deze toespraak voor het Christelijke Sociaal Congres van 2010. (Boekbespreking Metamorfosen) Hier een prachtig interview met hem in ‘Het Vermoeden‘. ‘Wij hoeven niet sterk te zijn..’

Twee citaten uit een andere bespreking in Trouw:

“In het publieke debat vragen sommigen of je religie niet zou moeten afschaffen. Maar dat is de vraag niet. Je kunt religie niet afschaffen. Religie is ook niet een probleem. Het verschaft hartstocht om ons in te zetten voor het goede leven…… Het christendom leert ons de wereld te zien als een gave. Het kan ons zo helpen, een stuk minder bang te zijn. Dan komt er ruimte voor het ontvangen van mogelijkheden die toekomst schenken.”

En drie citaten uit een gesprek met hem in Beweging 1 uit 2005. Ik schreef ze toen al op!

“Augustinus zei het al: ik zoek God en in dat zoeken is God al aanwezig. En Paulus zegt hetzelfde: God werkt het willen en werken. God is de dragende grond van ons bestaan. Ook in de totstandkoming is religie niet van zichzelf”

“De echte vraag is: hoe bljven we antwoorden op Gods presentie? Niet wat is het antwoord? Religie is omgang; omgang met het heilige,omgang met God-de-gevende, de genadige God. Religie is een toegang tot de ontologie.”

“Genade is de ultieme omgeving van het menselijke bestaan. Alles is in Christus geschapen. De schepping is genade.”

Als ik dit soort dingen lees kan ik weer ademhalen en geïnspireerd de klas ingaan. Het heeft allemaal echt zin!!! Ik ben gered / We zijn gered. Ik heb er weer zin in…

Gerben Heitink; Golfslag van de tijd

Gelezen. Dit stond er in een persbericht over dit boek:

Golfslag van de tijd is een boek over de religieuze wortels van onze (post)moderne samenleving. Mensen zijn op zoek naar hun wortels en vragen zich af: Hoe komt het dat wij denken zoals wij denken, leven zoals wij leven en geloven zoals wij (al dan niet) geloven? Kan dat nog wel, gelovig zijn in een postmoderne cultuur? Wat hebben gelovigen en niet (meer) gelovigen elkaar te zeggen? Dit boek kiest voor een historische interpretatie, die past bij geestesweten-schappen als de theologie en de filosofie. Wat het laatste betreft oriënteert de schrijver zich op het werk van de filosoof Charles Taylor. Wie wij mensen zijn, met onze West-Europese identiteit en hoe wij zo geworden zijn, hangt samen met de cultuur waarin we geworteld zijn. De bronnen zijn te vinden in de klassieke oudheid, het christendom en het humanisme.

Het boek wil een bijdrage leveren aan het levensbeschouwelijk gesprek tussen christenen en andersdenkenden, tussen gelovigen en niet (meer) gelovigen binnen de huidige (post)moderne samenleving.”

Boeiend om te lezen; hoewel ik ook paragrafen oversloeg omdat die al te bekend waren. Er zaten in ieder geval een paar paragrafen bij die ik gemarkeerd heb. Het zette me ook vaak aan het denken over hoe ik dat dan zelf zag. Ja het raakte me omdat het over dat gaat waar ik mij ook bezig hou: leven in God in deze wereld. Zeker een leuk boek om samen te lezen. Maar net als zijn vorige boek inspireerde het mij niet. Het bleef te veel hangen op het niveau van de beschrijving en de analyse. Het is een boeiende beschrijving van de veranderde werkelijkheid van onszelf, God en de wereld op Europees niveau. Maar warm werd ik er niet van. Ik moest denken aan het boekje van Feitse Boerwinkel en later de boekjes van Bernard Rootmensen. Ze verhelderen maar ‘beklijven’ niet? Ze verbinden niet met het hart van de spiritualiteit? De geleefde spiritualiteit en God? Het bied geen nieuw/oud perspectief op de ‘werkelijkheid’ van God, ons zelf en de wereld.

Ik kan dat illusteren aan een belangrijk begrip wat hij gebruik ‘verlangen naar God’ en de metafoor van Psalm 1 in zijn ‘Balans’.

Het begrip ‘verlangen’ is voor mij teveel een woord wat van mij ‘uitgaat’ naar (‘Verlangen voedt zichzelf met zijn eigen honger’, schrijft Emmanuel Levinas (1906-1995) in Ethics and Infinity). Met deze ‘antropologie’ blijven we wat mij betreft gevangen in ons zelf. Zelfs mijn ‘verlangen naar God’ loopt het gevaar daarmee in zichzelf gevangen te blijven; immanent. Voor mij is de visie op wie ‘ik ben’ in de gedachten van Meester Eckhart en het denken van Thomas Merton veel meer immanent en transcendent. Mijn zijn is in God en naar God toe en daarin in en naar deze wereld gericht. In deze kijk op mezelf en de wereld ben ik met al mijn vezels betrokken in de beweging van God (zie ook Ingnace Verhack).

Een tweede moment waarop hij zijn eigen ideeën expliciet inbrengt is het gebruik van het beeld van Psalm 1 waarin hij de boom laat wortelen in de grond. Ook die boom blijft, in mijn beleving, in zichzelf gevangen. En dat terwijl de Psalm de metafoor van ‘stromend water’ inbrengt. Een veel gebruikt woord voor de levengevende werkelijkheid van de Geest-Ziel. Een gemiste kans om ook weer om zijn boom in een veel grotere, dragende, stromende en voedende werkelijkheid te bedden. (ook deze wijze van kijken ontleen ik aan Ignace Verhack)

Die andere wijze van kijken geeft mij de beleving van de verliefde geraaktheid waarmee ik in deze wereld mag leven. Haalt mij uit mijn isolement. Een beeld/werkelijkheid waarin ik me en-theousiast mee mag laten nemen in deze wereld en door mag geven wie en wat ‘ik ben’.

Deze wijze van theologiseren zie ik op dit moment in Nederland eigenlijk alleen bij J.J. Suurmond?

Gelukkig de mens
die niet meegaat met wie kwaad doen,
die de weg van zondaars niet betreedt,
bij spotters niet aan tafel zit,
maar vreugde vindt in de wet van de HEER
en zich verdiept in zijn wet, dag en nacht.

Hij zal zijn als een boom,
geplant aan stromend water.
Op tijd draagt hij vrucht,
zijn bladeren verdorren niet.
Alles wat hij doet komt tot bloei.

Over de dood 3 en Bob Dylan

Not Dark Yet

Shadows are falling and I’ve been here all day
It’s too hot to sleep, time is running away
Feel like my soul has turned into steel
I’ve still got the scars that the sun didn’t heal
There’s not even room enough to be anywhere
It’s not dark yet, but it’s getting there

I was born here and I’ll die here against my will
I know it looks like I’m moving, but I’m standing still
Every nerve in my body is so vacant and numb
I can’t even remember what it was I came here to get away from
Don’t even hear a murmur of a prayer
It’s not dark yet, but it’s getting there

Dit jaar wordt ik 60…. Toch wel een schokkende ervaring. Ik nader grensovergangen in mijn bestaan. Mijn vader was op deze leeftijd bijna met pensioen. De dingen waar ik op mijn werk mee bezig ben hebben meestal een conceptie, ontwikkel en implementatietijd van zo’n vijf jaar. Mijn zoektocht naar spiritualiteit en onderwijs is dus mijn laatste project op school…? En dan? Natuurlijk vind ik een weg…, maar toch. Niet meer tot de bouwers van deze wereld behoren..

Ik zie mezelf terug in de jonge honden op school; zo was ik 30 jaar geleden. En zij kijken tegen mij aan als ik toen keek naar de ‘oude mannen’…. Ik vind het een lastige ervaring. Over vijf jaar niet meer te mogen werken.. Beginnen aan de laatste fasen van mijn aards bestaan. Inderdaad een bepaald soort donkerheid dringt zich aan mij op. Ik vind mezelf nog volop in de running en ik ben niet cynisch geworden; maar toch.. Alles krijgt een perspectief van ‘eindig’.

Ik zal mezelf dus voor de zoveelste keer opnieuw moeten uitvinden. Die einder in mijn levensloop/’carrière’ en die eindigheid in mijn lichaam en een ‘God in mijn dood’; ik zal een weg daarin moeten zien te vinden. Dit is m.i. de essentie van spiritualiteit: een weg om te gaan vinden. Leefbaarheid op de oudere dag. Iets waar Frits de Lange prachtig over schrijft. Een leefbare dood.

Mississipi
But my heart is not weary, it’s light and it’s free
I’ve got nothin’ but affection for all those who’ve sailed with me

En toch heeft mijn leven inderdaad iets ‘lichts’ gekregen. In de eerste plaats ben ik niet bang meer voor het oordeel van anderen. Wel gevoelig/kwetsbaar maar niet meer bang. Dat heeft mij vrijgemaakt om die dingen te doen waar ik in geloof. Is dat iets van leeftijd? Ik durf te kiezen voor wat ik nog wel doe en wie niet… Pijnlijk maar het geeft wel een goed gevoel van een volwassen focus.

Daarnaast is mijn vertrouwen in God toegenomen. Hoe dat kan weet ik ook niet. Ik heb geen voorstelling van de ‘Highlands’ en toch een gevoel dat ik er met een been in ben. Ik ben niet meer bang voor de dood? Ook dat maakt mijn leven lichter.

En Bob Dylan? Die verwoord dit soort gevoelens prachtig. Steeds als dit soort gedachten rondom ‘eindigheid en hoop door mijn hoofd spelen denk ik aan deze teksten en liedjes… En natuurlijk weet ik dat hij dit niet niet bedoeld heeft. Maar daarom is het ook poëzie. Zij teksten spreken veel meer uit dan ze zeggen.

Highlands

Every day is the same thing out the door
Feel further away then ever before
Some things in life, it gets too late to learn
Well, I’m lost somewhere
I must have made a few bad turns

I see people in the park forgetting their troubles and woes
They’re drinking and dancing, wearing bright-colored clothes
All the young men with their young women looking so good
Well, I’d trade places with any of them
In a minute, if I could

The sun is beginning to shine on me
But it’s not like the sun that used to be
The party’s over and there’s less and less to say
I got new eyes
Everything looks far away

Well, my heart’s in the Highlands at the break of day
Over the hills and far away
There’s a way to get there and I’ll figure it out somehow
But I’m already there in my mind
And that’s good enough for now

Welmoed Vlieger en Meester Eckhart

Deze alinea kwam ik tegen in een prachtig artikel van Welmoed Vlieger over Meester Eckhart. Deze vond ik zo mooi dat ik hem hier wilde inlijsten. Ik herken de spiritualiteit van Thomas Merton hierin. Als dit smaakt naar meer dan moet je het hele artikel lezen…

Nu is er wel iets bijzonders met die mystieke eenwording bij Eckhart, namelijk dat deze onmogelijk door een mens gevonden of bereikt kan worden om de eenvoudige reden dat God en mens in de kern nooit van elkaar gescheiden zijn geweest en ook nooit zullen zijn. God is zo ontzaglijk nabij, dat de mens, in zijn diepste grond of wezen, zelfs volledig met hem samenvalt. Eckharts mystiek draait dus niet zozeer om eenwording ( in de zin van ‘ver-eniging’ van wat daarvoor nog gescheiden was) maar om eenheid, oftewel: om wat ís. En hier blinkt Eckhart uit in eenvoud: we hoeven helemaal nergens naartoe, er valt niets te bereiken, want we zijn er al. En je kunt nu eenmaal niet bereiken wat er al is.

4 x kerk van de Toekomst; Joep de Hart

Mijn eerste ervaring was van een paar maand geleden. We hadden een gemeentevergadering over de toekomst van onze gemeente (Gereformeerd/PKN). Ik denk dat er toch wel een 200 gemeenteleden aanwezig waren en de boodschap was dat we binnen tien jaar 2o% minder inkomsten zouden hebben. Toen ik om mij heen keek dacht ik… Whoow… dat zal precies andersom zijn: we hebben dan nog 20% van deze mensen over en de rest zal uitgestorven zijn. Ik denk dat de gemiddelde leeftijd van de aanwezigen boven de 70 lag?

Lijkt er op

De tweede ervaring was een Vrije Evangeliegemeente waar in een sporthal wel 1500 jongeren en ouderen aanwezig waren. Een preek van een zekere ‘Achter de Molen’ waar ik als vrij zinnige gelovige me erg in kon vonden. Ik vond het zowaar leuk. Een stevige band en makkelijke meezingers waarin ‘God op de troon’ werd gezet. En we moesten zo zingen dat God zich welkom voelde… Het was rond Sinterklaas dus je kan mijn associatie raden…

De derde ervaring was een bezoek aan een predikant van volgens mij  ‘confessioneel/evangelisch’ signatuur. Zij ‘actuele’ toepassing van de uitleg van het begin van het Johannes evangelie was een opwekking van een paar honderd jaar geleden. Niets over het rapport over het seksuele misbruik in de Katholieke kerk of de storm in de Pilipijnen. Verder een taalgebruik van 45 jaar terug. Zelfs de bijbellezing was uit de NBG vertaling (wat klonk dat ineens als de Statenvertaling). Een appel om bekering zonder dat er iemand reageerde… Alsof het om een hypothetische vraag ging.

1. een uitstervende kerk?

2. ‘booming business’

3. een enclave van rust (nee het was geen Urk!)

En dan de inaugurele rede (Maak het nieuw) van Joep de Hart van het SCP: Kerken moeten, zegt hij, durven experimenteren met nieuwe vormen, bijvoorbeeld op internet of bijeenkomsten met kunst, sketches, muziek en debat. “De wereld van moderne Nederlanders is zoveel groter en rijker geschakeerd dan het kerkplein of de activiteitenkalender van de buurtvereniging. Het is een dynamische wereld, waar dingen voortdurend in beweging zijn.” De voorbeelden die hij geeft spreken mij aan maar zullen in weinig van de gemeentes worden toegepast. O ja wel in de evangelische kerken; daar zie je veel theater en ook veel internet. Maar kunst en debat zie je daar dan weer niet. Veel van de (oude) vormen hebben soms zelfs een ‘heilig’ karakter zoals bij de Bonders en de ‘Hoog-Liturgen’. Een heel sympathieke rede en al eerder een goed boek. Het boekje ‘Maak het nieuw’ is een prachtig godsdienstsociologisch essay wat zeer prettig leest en wat je een briljant overzicht geeft van de ‘stand van zaken’. Zoals ik het begrijp (en zelf ervaar) moeten we de toekomst van de kerkvorming zoeken in losse netwerken van geïnspireerden die een tijdje samen optrekken: en ‘nomadische spiritualiteit’.

Zelf voel ik nog het meest voor een pluriform aanbod van traditioneel, evangelisch, liturgisch en de basisgemeente in elke plaats. De PKN structuur leent zich m.i. daarvoor. (Niet zoeken naar de ‘gemene deler mix’ maar een aanbod in de volle breedte, met ruimte voor creativiteit. Die gemeene deler dienst ‘voor iedereen’ herinner ik mij uit een Samen Op Weg gemeente: ‘de gemeenschap van grijze muizen’.) En dan twee keer per jaar een gemeenschappelijk ‘festival’. Zelf zal dan denk ik kiezen voor de basisgemeente variant.

Een geestelijk gesprek tussen twee geloofswerelden

Onderstaande mailwisseling ontstond n.a.v. een uitspraak van mij over Boeddha en het lijden. Na afloop van de les kwam hij over ander ding naar mij toe maar vertelde ook dat hij mijn opmerking leuk had gevonden… Hij herkende iets van zijn eigen spiritualiteit erin… Tot mijn grote verbazing bleek dat hij zich in de gereformeerde gemeente thuis voelde en  zelfs dat hij Olde Eb kende.. Hij mailde de volgende dag…

Rinie Altena,

Zoals gezegd (afgelopen donderdagavond, na college) heb ik uw site bezocht en met stijgende interesse bekeken/gelezen.
U leest een repertoire boeken waar ik niet heel bekend mee ben.
U hebt iets van mijn achtergronden gehoord en ik vond het interessant om van u te horen dat u ook een tamelijk orthodoxe achtergrond hebt. Nog bedankt voor het gesprek.
Van uw site heb ik het volgende zinnetje gepikt:
“Ik ben op zoek naar een spiritualiteit waarin wij recht overeind worden gezet zonder ons te overvragen.”
Dat is uw zoektocht. Mooi. U vindt die spiritualiteit in het christelijk geloof en in de Bijbel, maar u kijkt daarbij heel breed en orienterend om u heen. Ik probeer die spiritualiteit ook te zoeken en te vinden, en dan wel (misschien tot uw verrassing) in de traditie van de Gereformeerde Gemeenten. Ik kijk daarbij minder breed en orienterend om me heen (wellicht uit vrucht van mijn opvoeding). De spiritualiteit die u bedoelt, is (naar mijn mening) te vinden voor het aangezicht van God. In mijn traditie (gereformeerde bevindelijkheid) is dat een persoonlijke ontmoeting met de Heere, onze Schepper. In de Bijbel heb ik gelezen dat we als mens God ontrouw zijn geworden en gevallen in onze ellendestaat. In onze traditie kennen we dan ook geen positief mensbeeld, alsof wij nog iets zouden kunnen betekenen voor God. Daartegenover staat een heerlijk Godsbeeld. Want God kwam ons toch opzoeken. Hij heeft de zonde en de schuld niet door de vingers gezien, maar heeft een heerlijker gerechtigheid aangebracht in het offer van Zijn Zoon. En in die gerechtigheid worden wij recht overeind gezet en worden wij niet meer overvraagd, maar leren we leven van en uit louter genade. Dat klinkt als een theologisch rechtzinnig verhaaltje, maar het wordt geleerd langs een weg van totale afbraak van al ons eigen kunnen en willen, een weg van loutering van leven en lijden; ja, de weg van de Heere Jezus (van kleiner en minder worden – door de crisis heen – naar de opstanding ten leven) moet worden ingeleefd in ons eigen leven. En de grote levens- en geloofsstrijd is (in mijn leven) om die gerechtigheid van Christus te mogen leren kennen en toegepast te krijgen voor mijn eigen hart en leven door het werk van Gods Geest. Herkent u die strijd en zoektocht? Gelovig aannemen en al Gods beloften mezelf toeeigenen is voor mij als gevallen Adamskind een onmogelijkheid. God als Zaligmaker openbaart Zich aan ons als we als een compleet ellendig mens bij Hem terecht komen voor redding. Alleen dan kan God waarde voor ons hebben (door de crisis heen). Dit is voor mij geen kloppend theologisch betoog, maar een levensstrijd: om mezelf aan de kant te zetten en zoekend te luisteren en te bidden om Gods komst in mijn hart en leven.

Ik dacht: u hebt duidelijk belangstelling voor spiritualiteit; misschien wilt u wat meer weten van de traditie van Gereformeerde bevindelijkheid. Bij deze.
Heeft u ook nog aanbevelingen qua literatuur voor mij? Ben benieuwd.

————

Beste ……,

Echte spiritualiteit herkent zich; zo ook in jouw benadering. Er zijn echter een paar woorden waar ik mij tegen ‘verzet:

En in die gerechtigheid worden wij recht overeind gezet en worden wij niet meer overvraagd, maar leren we leven van en uit louter genade. Dat klinkt als een theologisch rechtzinnig verhaaltje, maar het wordt geleerd langs een weg van totale afbraak (hier zou ik zeggen: falen..) van al ons eigen kunnen en willen, een weg van loutering van leven en lijden; ja, de weg van de Heere Jezus (van kleiner en minder worden – door de crisis heen – naar de opstanding ten leven) moet worden ingeleefd (mooi woord! wij worden in zijn leven lijden en opstanding ‘gedoopt’) in ons eigen leven.

En de grote levens- en geloofsstrijd is (in mijn leven) om die gerechtigheid van Christus te mogen leren kennen en toegepast te krijgen voor mijn eigen hart en leven door het werk van Gods Geest. Herkent u die strijd en zoektocht? Gelovig aannemen en al Gods beloften mezelf toeeigenen is voor mij als gevallen Adamskind een onmogelijkheid. 

Hier wil ik wel op reageren (die ‘toe-eigening’): Op deze wijze wordt ook de toe-eigening weer ons werk: hoeft niet! Het is ons gegeven; wij eigenen niet toe: wij ‘onderwerpen’ ons aan zijn werk:
> denk aan de psalm: van uwentwege zegt mijn hart: zoek zijn aangezicht
> en Paulus: Hij die het willen en het werken in ons werkt…

Johannes van het Kruis: Karmel

Dat zie ik in je schrijven!

en voor mij was dat de ervaring: wanhoop / wat doe je als niet werkt…

Maar dat is geen ervaring van gearriveerd zijn!

Een schrijver die je zou kunnen aanspreken is Arie de Reuver: Bedelen bij de Bron en Verborgen omgang

Met een hartelijke groet, Rinie

———–

Rinie,

Dank voor uw reactie.

Arie de Reuver is inderdaad een goeie aanrader voor me, goeie inschatting. Ik ken zijn werk.

Ondertussen ben ik druk doende om u in een theologisch vakje te plaatsen; dat lukt nog niet echt……………

Wellicht is dat precies uw bedoeling… Theologie en spiritualiteit is er ook niet voor bedoeld om elkaar in hokjes en vakjes te plaatsen. Spirituele herkenning stapt daar overheen. Ik ben wel erg benieuwd naar uw visie op de Bijbel, geloof, hoop en liefde.

Ik wilde u nog wel Wulfert Floor aanbevelen – zware, doch eenvoudige kost.

Het zou misschien een goeie herorientatie zijn op uw roots……., of een thuiskomst (Henri Nouwen).

Oke, ik hou uw site belangstellend in de gaten.

Groeten,

————

Beste ……,

Ik zou graag dit ‘geestelijke gesprek’ met jou op mijn website willlen zetten (of mag ik dat proberen?)

Ik beschouw mezelf als radicaal orthodox & iemand die niets weet/heeft/kan/is en toch lekker mag aanklooien…

En het boek van Henri Nouwen is een meesterwerk wat ik drie keer heb gelezen. Het boekje van Anselm Grun: spiritualiteit van beneden is ook heel mooi. En het volledige werk van Thomas Merton (lees zijn: ‘Brief van een contemplatief’ op mijn website.

Met een vriendelijke groet, Rinie

——–

Rinie,

kHeb er geen bezwaar tegen dat je het op je site publiceert. Het staat er letterlijk op zoals we het hebben becommuniceerd.
Ga je Wulfert Floor lezen?
Dan ga ik Merton lezen.

Vr.gr.

——

……,

‘ Don’t push the limit.’

Ga zeker navraag doen….

En Merton hoef je niet te lezen. Wie weet moet je het zelfs niet doen. Je hebt een goede koers en bent fijnbesnaard genoeg om te onderscheiden.

Rinie Altena

Humanisten en Spiritualiteit

‘Daar hebben humanisten het niet zo over’

Eindelijk heb ik het boek van Suzette van IJssel te pakken. Een proefschrift waar lovend over geschreven werd in 2007 maar wat ik toch te duur vond. Regelmatig ‘Boekwinkeltjes’  bezoeken en ja hoor ik kwam het tegen. Ik was heel benieuwd hoe zij als humanist dit ‘verschijnsel’ zou bespreken. Een paar van haar uitspraken en haar omschrijving van het fenomeen wil ik proberen zo letterlijk mogelijk weer te geven.

> Spiritualiteit heeft betrekking op een dieptedimensie in het menselijke bestaan die enerzijds spontaan kan worden ervaren en anderzijds bewust kan worden opgezocht (75)

> het is de geleefde existentiele, fundamentele en centrale of basale  dimensie in alle werkelijkheid die alle andere (somatisch / psychisch / sociaal / moreel) in zich meedraagt (22)

Spiritualiteit als geleefde werkelijkheid wordt getekend a.d.h.v. een aantal kenmerken (hoofdstuk 3)

> Het is een bijzondere werkelijkheidservaring van
– verbondenheid en eenheid
– relativering van het ‘ik’
– gratuït / niet organiseerbaar
– van transcendentie / openbrekend
– transformatief
– zin en geluk
– overstijgen van tijd en ruimte

> Spiritualiteit is een dynamisch omvorminsproces

> Spiritualiteit staat open voor nieuwe interpretaties van de werkelijkheid (zelf / wereld / leven / lijden / dood)

> Het is een levenshouding met een aantal kenmerken
– onvoorwaardelijke openheid
– levensbeamend
– onthecht / gedecentreerd
– aandachtig en open voor transcendentie

> een verzameling van praktijken; praxis die bovenstaande werkelijkheidservaring dichterbij brengt
– rituelen
– symbooltaal
– oefeningen (mantra / gebed / meditatie / dans); focus op:
> lichaam > gevoel > denken

Wat mij nu zo veraste was de overeenkomst met mijn eigen invulling. Zij ziet het dan ook als een universeel fenomeen waar de humistische begeleider om mee te dealen heeft bij de mensen die hij ontmoet. Zij defineert spiritualiteit daarbij als een fenomeen wat midden in het leven/lijden staat waarbij de raadsvrouw die de ander helpt hun gebrokenheid zozeer te beleven dat zich daardoorheen een andere – hele of geheelde – werkelijkheids- en zelfbeleving aan kan dienen. (24) Wie mij een beetje kent weet dat dit op mijn lijf geschreven is!

Daarnaast is het eerste deel gewoon een heel mooie overzichtsstudie van spiritualiteit. Dat er nooit een handelsuitgave is verschenen?