Depressie 4

And if my thought-dreams could be seen
They’d probably put my head in a guillotine
But it’s alright, Ma, it’s life, and life only    Bob Dylan

Laat ik beginnen met te zeggen dat ik dit ‘proces’ met tegenzin afmaak. Maar ik wil een ‘eerlijke pentekening’ van mijn bestaan op deze website… Zo nu en dan kom ik hier, op deze plek van wanhoop, blijkbaar terug.

Het nieuwe medicijn werkte dus niet bij mij. Ik ben weer terug in het oerwoud waar ik, jarenlang heb ingezeten en waar, naar ik hoorde van mijn jongere broer en ook wel wist, mijn moeder veel aan leed…? Ze slikte een groot deel van haar leven rustgevende middelen. Nu ik er zelf weer in zit wil de ‘kleuren’/ingrediënten van deze werkelijkheid schetsen.

film-quasimodo12Quasimodo

Q. is voor mij het beeld van de gevoelige (muzikale) mens die zich heeft teruggetrokken omdat hij/zij denkt dat hij ‘lelijk’ is… Ik was diep onder de indruk van die film in mijn jeugd. Op de een of andere wijze eindigen veel van mijn interacties met mijn omgeving, dezer dagen, in een ‘gekwetste nederlaag’. Noem het ‘slachtoffer’, noem het ‘(aan)klager’; anyway je eindigt bloedend, verwond en met een gevoel van ‘er is iets mis met mij’ / ik ben niet geliefd… Natuurlijk weet ik dat dit niet zo is maar mijn optreden is vaak ook ‘net mis…’; soms ronduit ongelukkig. De vraag is zelfs in welke categorie dit blog valt… Dat heeft ook met een tweede punt te maken.

Deze tweede dimensie in mijn optreden heeft met een kenmerk van mijn persoonlijkheidsstructuur te maken: ik ben een ‘ambivert‘. Ik ben voor een flink deel extravert maar voor een even groot deel introvert. De depressieve ‘ontwikkelingen’ hebben daardoor van de ene kant het effect dat ik de neiging heb mijn lijden uit te venten en/of naar buitengerichte afleiding te zoeken maar er is evenzeer een behoefte om mij terug te trekken. Mijn broer trok zich helemaal terug op/in zichzelf en vereenzaamde. Gelukkig treed ik, hoe ingewikkeld ook, naar buiten. En dan bedoel ik niet eens zozeer dit/deze webblog. Het maakt dat ik onder de mensen blijf en redelijk tot normaal functioneer, in de maatschappelijk zin. Mijn werk is in deze zelfs een gezonde afleiding.

Het derde ingrediënt is de gegeneraliseerde angststoornis; de permanent aanwezige ‘paniek’. Hyperalert; maar dodelijk vermoeiend. Voortdurend een steen die op je borst drukt. Je lichaam en geest afwisselend in de Flight-Fight-Submit-Freeze modus. Zelfs mijn fysieke gang krijgt in deze tijd iets gebogens en kreupel… (zie: Q)

Deze ingrediënten vermalen zich in mijn hoofd tot een heen en weer golvend gepieker waarbij het grootste deel van de gedachten gaan over een vooronderstelde religieuze verlorenheid. Ik ben fundamenteel en totaal ‘niet OK‘. Uiteraard heeft mijn jeugdige kerkelijke achtergrond flink bijgedragen aan deze ‘vorm’ van innerlijke monoloog. Zo werkt het in ieder geval bij mij. Het lastige met dit soort ‘stoornissen’ is dat iedereen heeft te dealen met zijn of haar eigen ‘blend’. Waardoor het bij iemand anders net weer effen anders is… Geen lichaam en/of levensverhaal is hetzelfde…

(Ik weet niet eens meer of ik in mijn blogs wel een keer over mijn opvoeding heb gesproken. Ik had, vanwege de gezondheid van mijn moeder, niet geboren moeten/mogen worden (ze heeft drie maanden gehuild toen ze zwanger was van mij) en mijn vader zei rond mijn zeventiende dat hij nooit een dag plezier van mij had gehad. Ik was een levendig en temperamentvol kind die soms meerde keren per dag een pak slaag kreeg van zijn driftige vader. De boodschap aan mij was in ieder geval dat ik in en in slecht was en dat het nooit goed met mij zou komen.)

Het dagelijkse eindresultaat van dit proces is een gespannen en versomberd mens. Een stressmodus die maar niet op ‘uit’ wil gaan. En wat doe je ‘als niks werkt’? Troostend is het dat ik dit soort stemmingen en verwarringen lees van mensen als Guardini en Henri Nouwen. Ton Lathouwers en zijn Zen. Zij zijn mijn ‘bakens’ in de nacht… Zij brengen mij nergens; zij helpen mij daar te zijn waar ik nu ben.

En natuurlijk ben ik bezig om een nieuw medicijn uit te proberen. Maar voor dat je weet of dat wel of niet werkt ben je weer twee maanden verder…

Na een ontmoeting met een vriendin van ons kwam er nog een lastig aspect van dit soort stemmingen naar voren. Het meest gevaarlijke moment is dat je in je wanen gaat geloven.  Of in de zin van dat iedereen je in de steek laat en dat je het dus wel heel slecht heb getroffen met je omgeving of het moment waarop je in je ‘zelf-evaluaties’ gaat geloven… Of het moment waarop je jezelf met je ‘gedachten en gevoelens gaat identificeren; ‘Ik’ ben die gedachte/dat gevoel…

Now, little boy lost, he takes himself so seriously
He brags of his misery, he likes to live dangerously      Bob Dylan

O ja en muziek. Met een vette glimlach van zelfspot: ‘Nobody knows you when you’re down and out

Een echte depressie? (3)

Het zat eraan te komen? Twee vorige blogs waren al voorboden? De een heb ik onder privé moeten zetten en de andere gaf ook al commentaar; te persoonlijk (Monique Samuel over Facebook). Ik had de mensen uit mijn directe omgeving er herkenbaar in betrokken. Ik heb aan mijn ‘categorieën’ het fenomeen (te) persoonlijk toegevoegd. Dit alles in mijn zoektocht naar eerlijkheid en openheid. In dit blog schrijf ik hopelijk echt alleen over mijzelf…

Echt verdwaald ben ik nu. Het komt heel langzaam; bijna ongemerkt. Het is geen tsunami; hoewel het eindresultaat hetzelfde is. Nee het sluipt er langzaam in. Een soort kanker op het gebied van emoties. Emotionele wildgroei. Een groeiende ontstemming met, op den duur, overduidelijke effecten. Een mengeling van gedrag en emoties die ik in een paar alinea’s zal proberen te beschrijven.

>>>

Een belangrijk aspect is de mengeling van verlangen naar contact en een overduidelijke destructieve neiging tot isolement. Ik denk vaak aan mijn (mogelijke) vrienden en volgens mij geef ik signalen in de vorm van een uitnodiging.. Maar ze reageren niet. Ik weet echter niet eens of ik wel een duidelijk appel doe op mijn omgeving. Ik ‘zie’ mezelf eerder iets doen wat de omgeving afschrikt? Het is in ieder geval heel ingewikkeld. Het beeld wat in mijn hoofd naar voren komt is ‘melaatsheid’. Je wordt onaanraakbaar. Gevaarlijk? Besmettelijk? Schrikdraad? Het is overduidelijk dat ik mij terugtrek en dat mijn omgeving niet graag doorzet als het gaat om toenadering. Met als eindresultaat een vereenzaming vol zelf beklag: niemand zoekt mij op / niemand wil mij… Ik vermoed zelfs irritatie in mijn omgeving.

Ik denk zelfs dat er sprake is van een ‘blend’ van angst voor mezelf en zelfhaat; van ‘agressie’ tegen mezelf. Ik weet ook niet precies waarom woorden als ‘beterschap’ en ‘sterkte’ niet aan mijn behoefte voldoen. Een ‘line’ van Dylan schiet dan door mij heen; maar of dat terecht is?

Can’t recall a useful thing you ever did for me
’Cept pat me on the back one time when I was on my knees

>>>

En dan is er het dagelijkse gedrag. Een fysieke zwaarte komt over je. Moe opstaan en zo vroeg mogelijk naar bed gaan; en dat terwijl je zo’n 10 uur geslapen hebt. Je niet kunnen concentreren. Niet kunnen lezen; en dat is heel erg voor mij!!! Niet gaan sporten… Het vermijden van alles wat je ‘moet doen’.

Alles wordt geïnfecteerd; je denken, je voelen, je willen, je doen en zelfs je lichaam. Het is alsof er door/in alle dimensies van mijn zijn een vergiftiging/vernietiging sluipt. Een verzuurde stroperigheid die zich in alles wortelt en heel gestaag je hele gestel van zijn innerlijk vormgevende structuren berooft. Niets blijft hetzelfde. Tijd voor nieuwe medicijnen?

>>>

Cover 1In de waan laten

Hij was gedwongen opgenomen. Omdat hij psychotisch zou zijn. Terwijl hij zo helder was als maar kon en op schitterende ideeën was gekomen. Maar hij stuitte op onbegrip. Hij had zich tegen het onrecht van opname en de diagnose verzet. Uren had hij gepraat om de arts en de verpleegkundigen tot ander inzicht te brengen. Maar hij geeft het op: ‘Ik laat ze nu maar in de waan.’  

(Uit: ‘Maar mensen gaan voorbij’ van Hans Mondeel / Een absolute aanrader..)

Dit is misschien wel het moeilijkste aspect van een stemmingsstoornis. Is er een ruimte in jezelf die de dagelijkse waan overstijgt? Is er een zuiver denken/voelen/willen die er wel kan en mag zijn? Ja, er is een Zelf wat niet alleen van mezelf is, maar hoe kan ik in verbinding komen met die ruimte/openheid.

Natuurlijk weet ik van en heb ik ervaring met het gebruik van medicijnen. Ik weet nog dat ik na een paar weken Buspar voor het eerst de verkleurende bomen zag en niet meer aan het denken was.. Nu heb ik nieuwe medicijnen nodig omdat de vorige zijn uitgewerkt is alles van zijn plek. Ik kan de verbindingen niet meer vinden. Alle wegen van mijn hersenen zijn ‘van het pad’. Ik kan de plek niet meer vinden…

tumblr_lpise3gLaL1qfvq9bo1_r1_1280Het is voor jezelf bijna onmogelijk die ‘grensovergangen’ tussen depressie, ‘werkelijkheid’ en de alles dragende en doordesemende leefruimte van de ziel te blijven onderscheiden. En dan heb ik het er nog niet eens over hoe moeilijk het vervolgens is naar de juiste plekken toe te gaan. De woorden, verhalen en beelden in God die de nacht leefbaar maken.mertons_cross_lg   Thomas Merton is voor mij zo’n ingang. Mijn lieve vrouw heeft dit beeld ooit voor mij geschilderd in de vorm van een groot donker veld met daarin twee ‘scheuren’ in de vorm van een kruis. Het kreeg de titel ‘ het duister is mij licht genoeg’. Indrukwekkend.

In ieder geval ga ik voorlopig op zoek naar de juiste medicijnen. En mijn cadeau voor mijn verjaardag weet ik nu ook. Het bronzen kruis van Thomas Merton.

Herinnering, Johanna ter Steege en vergeving

Het is een verhaal wat mij altijd is bijgebleven; een herinnering… Ik denk dat ik dit verhaal wel meer dan zestig keer heb verteld en met ‘succes’.

Ik moet 22 zijn geweest. Ik was een van de leiders van een jeugdkamp van ‘Het Clubhuis’ in Rijssen. De leeftijd was van 13 tot 15 jaar. Woensdagnacht wordt ik door een meisje uit de groep geroepen; ‘Johanna ligt te huilen’. Ik ga naar haar toe op de slaapzaal en zie dat ze erg overstuur is. Ik neem haar mee; ze is intens verdrietig. Huilend, hortend en stotend vertelt ze het verhaal wat in mijn herinnering ongeveer als volgt klonk.

“Opa, waar ze thuis op de boerderij heel veel mee speelde, was ineens dood neergevallen (waar ze bij was?)…. En de achterbuurman was overleden. Deze achterbuurman had een zoon. Aan deze zoon werd nu echter een vreselijk geheim verteld… Zijn vader, die was overleden, was zijn vader niet maar zijn opa. En zijn moeder was zijn moeder niet maar zijn oma. Zijn veel oudere zus was zijn echte moeder… Zijn echte vader was er toentertijd vandoor gegaan…..”

137704_300Ik was pas bekeerd en zeer veel bezig met geloof. De meeste kinderen uit Rijssen en omgeving kwamen uit actief gelovige en kerkelijke gezinnen… We hebben het over 1974… Dus vroeg ik haar of ze geloofde..”ja”. Dus ging ik met haar bidden; voor Opa, zijn familie en voor het ingrijpende verhaal van de achterbuurman rondom zijn (klein)zoon en de moeders. Ze was inmiddels rustig geworden en ik bracht haar naar bed. Na een half uur ging ik even bij haar kijken of het nu echt goed was. Niet helemaal dus. Ze lag te piekeren over die man die was weggelopen, de inmiddels echte vader, of God hem wilde vergeven…. Of ik daar ook nog voor wilde bidden met haar. Ik was perplex; een kind van 13 wat zo met het leven, schuld en God bezig was…

Nu was ik pedagoog in opleiding en herinnerde me een verhaal van de pedagoog Langeveld die elke handeling van een volwassene t.o.v. een kind vertaalde in de al-of-niet uitnodiging tot de weg naar ”zelfverantwoordelijke zelfbepaling”. Ik zei tegen haar dat ze zelf ook kon/mocht bidden. En ik beloofde haar dat als zij nu zelf zou gaan bidden daarvoor dat ik naar buiten zou gaan en hetzelfde zou doen. En dat heb ik gedaan. Buiten gekomen schoot me het verhaal van Jezus te binnen over gebed dat hij ‘illustreerde’ met de vergelijking met een kind wat aan de vader om brood vraagt dat hij dan toch geen steen zal geven? ” Als u, die slecht bent, uw kinderen dan goede gaven weet te geven, hoeveel te meer zal uw Vader, Die in de hemelen is, goede gaven geven aan hen die tot Hem bidden.”(Mattheus 7: 11) Ik wist het; dit gebed zou verhoord worden! Ik ging nog even terug naar de slaapzaal en vroeg aan Johanna ‘Ben je een kind van God?’; ze zei ja. En vertelde haar dat God haar haar vraag niet zou weigeren en dat haar gebed verhoord was en ging weg. De volgende morgen kwam ze naar me toe en vertelde dat ze pas kon slapen nadat ik haar dat verteld had… De zekerheid van vergeving voor die man…

Wat heb ik het vaak verteld… En welke wedergeboortes heeft mijn geloof ondergaan…

Het bleef mij bij, dit verhaal, als een prikkelende herinnering. Johanna ter Steege; zo heette ze. Tot ik vele jaren later ik haar naam weer tegenkwam in de krant. Een Johanna ter Steege kreeg lovende kritieken voor haar rol in de film Guernsey. Een lichte huiver ging door mij heen.. zou zij….? Nee, dat kon niet. Dat zou te toevallig zijn. Maar de nieuwsgierigheid bleef. Ik Googlede om een mailadres te kunnen vinden. Ik schakelde mijn zoon in. Geen link naar haar persoonlijk te vinden. 497Ik gaf het op. Tot mijn vrouw mij op mijn verjaardag  kaartjes cadeau deed voor de voorstelling ‘Hiroshima mon amour’. Een aangrijpende en ontroerende voorstelling over liefde, vreselijke herinneringen en de zoektocht naar..? Zou het vergeving zijn? Een van de beelden die mij raakte was het vele ‘water’ wat ze dronk om iets weg te spoelen? En het water waarmee ze zich aan het eind probeerde te wassen? Was het gieten van het water over zich heen een vorm van doop? Geen idee; als het mijn inlegkunde is dan vind ik dat een heel mooie vertaling… En het met gespreide armen gaan liggen op haar stervende geliefde… Was dat het overschaduwen van de stervende met de lijdende Christus…?

266px-Johanna_ter_SteegeNa afloop van de voorstelling sprak ik haar aan in de foyer. Stelde me voor als Rinie Altena. Het zei haar wel iets maar ze wist niet wat. Ik vertelde haar van een jeugdkamp / Rijssen / huilen / Opa… Ja dat herinnerde ze zich zeker; vooral het huilen. Ze corrigeerde mijn historische/geheugen vertekeningen tot het juiste verhaal. Bij het thema van het hartstochtelijke verlangen naar vergeving werd ze helemaal wakker. Haar regisseuse Karina Kroft, die naast haar stond, zei ‘dat is een thema van je; wat apart!’. En zij beaamde dat. De rest greep me teveel aan me daar nog veel van te kunnen herinneren. Ik meen me te herinneren dat Karina het verhaal een juweeltje of zoiets noemde.. Zij was het! En het hart van het jonge kind was met het ouder worden niet verkalkt! Nog steeds was ze een en al empathie/compassie/geraaktheid. Verlangen naar vergeving en verzoening? Voor alles en iedereen? Anders kun je dit toch niet zo spelen?

Ik weet het niet; natuurlijk overdrijf ik zoals altijd. Ik ben alleen dankbaar dat ik haar twee keer heb mogen meemaken en ik denk dat God haar nog steeds verhoord… Gebeurt verzoening dan nu alleen nog in theater? Ik kom deze geraaktheid en gevecht om verzoening en liefde in de kerk helaas nog maar bij een enkeling tegen…

“and these visions of Johanna are now all that remain”

Lost; verdwaald (2)

I’m lost; naar mijn mening zong ik dat in een prachtige ‘blues’. Het was het einde van een zeer heftige droom waarin ik volledig verdwaald was geraakt temidden van carnaval vierende mensen. Toen ik tenslotte weer verenigd was met mijn ‘Bijvrouwen’ familie(ik was daar met hen op vakantie), inclusief de neven en nichten en hun partners, werd ik, terwijl ik dit ‘I’m Lost’ uit volle borst zong, ontmaskerd door een nieuwe aangespoelde neef. Hij keek mij doordringend aan en begon te vertellen over allerlei zeer gevaarlijke en ernstig gestoorde mannen; de associaties waren niet zozeer trefzeker maar wel zeer duidelijk met een bedoeling iets over mij te zeggen. Ik werd wakker gemaakt door mijn vrouw.

Ik ben een week geleden, na een bezoek aan mijn psychiater, overgestapt op een ander medicijn (Cymbalta -> Lyrica). Er waren allerlei aanwijzingen, de laatste tijd, dat mijn gebruikelijke angsten/stemmingen blijvend de kop op staken. Mijn vrouw ziet dat heel scherp en zegt dan na verloop van tijd: “zijn de medicijnen niet uitgewerkt?”. Natuurlijk vind ik dat een laffe reactie en een vorm van ‘niet nabij willen/kunnen zijn’ aan/in mijn angsten en depressies. Zij noemt zo’n tijd ‘op eieren lopen’. Ik ben dan zeer kwetsbaar en niet makkelijk benaderbaar en zij vind het bedreigend en geeft het na 1 vraag al op. Zij: ‘zoek het dan ook maar lekker zelf uit met je zure gedrag’. Ik: ‘lekker makkelijk; na 1 poging al opgeven..; ben ik niet meer waard?’. Passief/aggressief zou je mijn gedrag kunnen noemen: vol verwijt… Nee, we gedragen ons zeer fatsoenlijk naar elkaar maar het is wel een ijstijd. En dat niet voor het eerst

Bob-Dylan-The-Times-They-Ar-579933It’s a restless hungry feeling
That don’t mean no one no good
When ev’rything I’m a-sayin’
You can say it just as good.
You’re right from your side
I’m right from mine
We’re both just one too many mornings
An’ a thousand miles behind                    

One too many mornings; Bob Dylan

Een systeem van ‘wanen’ noemt mijn psychiater het; mijn angsten en gedachten van verdoeming. Een monoliet van piekergedachten die niet uit te zetten zijn en een volledig eigen leven zijn gaan leiden. Stemmingstoornis (GAS) noemt hij dat. Maar er is, in zo’n tijd waarin die stemming weer gaan domineren zoals nu, voor mij geen duidelijke grensovergang meer tussen mijn ‘waanideeën’ en de werkelijkheid. Voor mij zijn het werkelijke zelfevaluaties die zelfs bepalend (zouden kunnen zijn) voor mijn handelingen. Ik heb het van nabij meegemaakt, wel 8 keer denk ik, in de vorm van bipolariteit. In zijn innerlijke en uiterlijke ‘werkelijkheid’ kreeg hij eindelijk de kans om zijn droom(kasteel) te realiseren. Voor zijn nabije omgeving was het enthousiasme. Volgens mij was hij gek… Volgens hem was ik jaloers.. Het gaat mij hier niet om hem maar om die waanzinnig moeilijk te bepalen grens tussen ‘waan’ en werkelijkheid… Als ik mijzelf evalueer in zo’n stemming blijft er niets van mijzelf over; ben ik alles kwijt.. En geloof me, dat kan voor je-zelf heel overtuigend zijn!de-ziekte-tot-de-dood-s-kierkegaard-9789085066101-voorkant

(Intussen heb ik wel het initiatief genomen om te gaan promoveren… Of zou dat ook een de waan ingegeven handeling zijn. Het onderwerp is: ‘Wanhoop en Spiritualiteit‘.)

Nu gebruik ik dat nieuwe medicijn. Fascinerend! Binnen een halve dag waren die ‘gedachten’ verdwenen. De stemming gehalveerd… En vooral mijn gedrag veranderd. Er komt energie los. Er gaat weer iets stromen. In eerste instantie Boosheid en Expliciet verwijt? en zoek ik de confrontatie die ik maandenlang heb vermeden. Het passieve ben ik kwijt; ruimte voor agressief verwijt… Er gaat weer iets stromen… Volgens mij zijn er geen medicijnen die moord of zelfmoord als bijwerking hebben maar er komen er wel erg veel soorten emoties los in die omslagtijd. Neigingen tot doortastend, ‘te’ rigoureus en desastreus optreden. Ik had bijna heel mijn blog verwijderd en vernietigd. Volgens mij speelt dit vooral als ze werken! Psychiaters en doktoren moeten daar op bedacht zijn.

Terug naar ons nachtelijk ‘Auping overleg’; “Je bent je liefde voor mij wel helemaal kwijtgeraakt de afgelopen tijd..”, constateerde en vroeg ik. Het bleef pijnlijk stil. Eigenlijk wist ik het antwoord wel. Ik zou haar niet gelooft hebben als het antwoord anders zou zijn. Na enige tijd herhaalde ik de vraag. Ik wist het wel maar wilde het uit haar mond weten. Na een herhaalde aarzeling zei ze: “Het is goed dat ik je al zolang ken…”. IMG_Gerda

Wat ben ik trots op haar en op ons. Wat hebben we allemaal wel niet bereikt. Geduld… Wat ben ik haar dankbaar dat zij het met mij uithoud…

(Een eerder blog gaf, achteraf gezien, al aanwijzingen in deze richting…)

lg80130En om nog even in de ‘Blues’ te blijven: ‘Nobody loves you when you’re down and out‘ (en Janis Joplin en deze en deze versie). Maar snappen kan ik dat ook weer wel. We zijn geen aantrekkelijke mensen; de sacherijnige zeurkousen. Die Founding Fathers of the Grumpy old men society.

Eenzaamheid, wanhoop en Identiteit; Paul Verhaeghe

Dit boek, Identiteit, kwam ik tegen; de achterflap en de inhoud waaraan ik even gesnuffeld heb intrigeerde mijn. Ik kwam beschrijvingen tegen die ik zo bij Thomas Merton zou kunnen lezen over de vervreemding: onze marktconforme lege identiteit. Bij nader inzien bleek ik zijn vorige boek ook al te hebben. Paul Verhaeghe is een Belg en een analytisch geschoolde psychiater, die een sterk pleidooi houdt voor een heel andere benadering van veel psychisch leed. Het interview met hem over zijn nieuwste boek door Wim Brands vond ik een verademing (Paul Verhaeghe; 15 min doorspelen  / en hier + Recensie Identiteit). Een paar van zijn inzichten zet ik hier op een rij. Het is natuurlijk onmogelijk om twee boeken in een blog samen te vatten (Interview / Het Einde van de Psychotherapie). Ze lezen als spannende detectives waarbij de ontknoping niet te filmen voor de hand ligt. Maar die eenvoud is absoluut niet ‘simpel’. Ze zijn de essenties van het leven. Ik zie ook wel verbanden met mijn andere blog over het Zelf.

Zijn missie

In de eerste plaats verzet hij zich tegen de mainstream psychotherapeuten die oorzaak van veel van ons moderne lijden, zoals depressies, ADHD e.d., eetstoornissen, fobieën en die in het autistische spectrum, bij het individu en dan nog het meest in de hersenen zoeken. De DSM en de symptoom bestrijding met medicijnen zijn leidend in de ‘korte termijn psychotherapie’. Zijn profetie is dat zij op den duur niets anders bestrijden/onderdrukken dan de uiterlijke conversie verschijnselen. Op basis van zijn jarenlange ervaring, zijn psychoanalytisch perspectief en reflectie, zoekt hij de diagnose en daarmee ook de therapie in een heel andere richting.

Zijn visie

Dat heeft alles te maken met zijn ‘antropologie’. In zijn visie vormt onze ‘identiteit’, ons-zelf-zijn, zich in een dynamische wisselwerking tussen ons lichamelijk-zijn, met zijn driften en affecten, en de directe omgeving/Ander. Dat zijn de opvoeders, de maatschappij en de verdere ‘materiele’ omgeving. Door de tijd heen schrijven wij het verhaal van wie en hoe wij moeten, willen en kunnen zijn. En dat wordt een al of niet leefbaar kunstwerkje; de identiteit. In dat kunstwerk zit een zeer kwetsbare dualiteit/polariteit verweven. Een zeer dynamisch en complex heen en weer tussen verbondenheid / identificatie/ solidariteit met de Ander en die van het Zelf/ autonomie/ individualisering / separatie / vrijheid en op jezelf zijn. Nog een keer; deze ‘identiteit’ heeft alles met mijn eigen lichamelijkheid en contextualiteit te maken. Inclusief de daarin centrale ‘driftregulering‘. Dit voortgaande verhaal kan ‘goed genoeg’ lukken of ernstig vastlopen/mislukken zoals ik al zei.

Zijn diagnose

Zijn stelling is nu dat in onze tijd dat evenwicht verloren is gegaan als gevolg een ontwrichtende maatschappelijke / collectieve ontwikkeling waarin de verbinding/solidariteit geen bedding meer vind en waarin de autonomie is verdampt/gecorrumpeerd/ingepikt door collectivisering in mode en trends. De ‘ultieme vervreemding’ zou Thomas Merton dit noemen. De symptomen van deze ‘verloren identiteit’ zijn een diepe wanhoop, eenzaamheid en angst. We weten niet wie we zijn en waartoe wij dienen. Een diep existentiële crisis. Hij noemt het de ‘actuaalneurose’. We zijn de dialoog tussen innerlijk (ons lichaam) en uiterlijk (de omgeving) kwijtgeraakt; of nog erger wij zijn nooit echt aan dat ‘gesprek’/ die verwoording en verbeelding begonnen. Al die moderne psychische ziekten zijn een symptoom van de diepe existentiële wanhoop, angst en eenzaamheid.

De therapie

Zoals ik het zie en lees wordt de therapie hiermee niet een corrigerende emotionele setting die zich focust op trauma’s zoals vroeger, maar een liefdevolle en gezagvolle ‘spiegelende’ relatie waarin de mensvorming vanuit de eigen diepte misschien wel voor het eerst kan gaan plaatsvinden. Authentieke identiteitsvorming. Wie ben ik, wie mag ik zijn en wie wil/kan ik worden. Hij ziet hierin nieuwe eisen aan de politiek, samenleving, opvoeding, onderwijs en management.

Is dit nieuw? Nee ik herken hier Terruwe, Hermans, mindfulness en de narratieve psychologie in. Een boek waar ik lezend, vaak aan moest denken, was dat van Mark Epstein, Gedachten zonder denker, wat ook ‘het afwezige zelf’ in de moderne westerse mens als kernprobleem definieerde. Dus niet een teveel aan zelfliefde maar een diep ‘tekort’; een diepe onmacht om zich tot zichzelf en de wereld te verhouden. Een identiteitsvorming die al zeer snel de weg is kwijtgeraakt. Dit boek heb ik wel drie keer gelezen. Ook omdat hij hierin een relatie legt met Zen. En ook over de illusies over wie wij zelf zijn. Blijkbaar blijft de vraag naar wie wij zelf zijn, mogen zijn, moeten zijn de/een kern. Maar die kern ontdekken wij alleen in een voortgaande dialoog/gesprek met ons Zelf en de Ander die een ‘spiegel’ voor ons wil zijn. Liefdevol maar wel met gezag (Brinkgreven en Dwang). Goede geestelijke begeleiding kan en moet dit zijn. De bron hervinden van wie je mag zijn…

Daarmee bezig zijn is dan dus iets meer dan een hobby. Deze website is misschien wel een lange poging om mijn eigen innerlijke en maatschappelijke weg te vinden in deze soms schijnbaar waanzinnige werkelijkheid. Mijn spirituele en existentiële topografie / biografie / identiteit. Mijn ‘Talking/Writing cure’. En als dit blog niet uitnodigt de interviews te bekijken, de recensies te lezen en/of een van de boeken te gaan lezen heb ik mijn werk niet goed gedaan.

Mystieke / Contemplatieve antropologie 2

“De omgeving waarin het monastieke gebed gedijt is de woestijn waar de menselijk troost afwezig is en waar de veiligheidsroutines van de menselijke stad geen soulaas bieden….” (Contemplative Prayer, 1)

Direct nadat ik het vorige blog had gemaakt werd ik al onrustig. Dit soort benaderingen wekken de verwachting van vrede, schoonheid en ‘alles is goed’ op. Alsof mystiek iets moois is. Zo mooi is het allemaal niet. Er is ondraaglijk lijden, lelijkheid en kwaad. Een oude man van 94 die zijn dagen slijt in het verzorgingstehuis zonder enige blijk van waardigheid (ik was gisteren bij hem). De dagelijkse wanhopig makende uitzichtloosheid van het Palestijnse volk… De barbarij rondom voetbalvelden… Nee ik ga niet zeggen dat dat er niet bij hoort. Het is alles inclusief of het wordt een vervreemdende spiritualiteit / mystiek. Ja dit is mijn stokpaardje: het Koninkrijk Gods is midden onder ons of het is nergens. In deze wanhoop, in deze puinhoop; Irrsal und Wirrsal.

Om dat een beetje duidelijk te maken ben ik te rade gegaan bij twee boeken van Thomas Merton. Ik weet niet of ik deze zaak in het kort duidelijk kan maken maar ik kwam er ooit op toen ik de vernieuwde vertaling van Contemplatief gebed tegenkwam. In de toelichting zette de vertaler zijn keus uiteen van de vertaling van het woord ‘dread’. Hij kiest voor de ‘vreze des Heren’ wat m.i. een foute keuze is. Heel de spiritualiteit van Merton uit die tijd en in die twee werkjes is doordrongen van de existentiële ervaring zoals die verwoord wordt in Zen en het Existentialisme van Niets, Angst en Leegte. Ik heb daarvoor zelfs de woorden geteld die verwant zijn die ervaring in beide boeken. Deze ervaring is uitermate pijnlijk en ontluisterend. Als hij al verbanden legt dan is dat met het Kruis en de ‘spirituele dood’; de wanhoop van de godverlatenheid. Wij hoeven deze ervaring niet op te zoeken; zij is er. Maar we moeten er niet te snel aan voorbij willen gaan. Zoals volgens mij zeer vaak in spiritualiteit gebeurd. Maar zij is geen doel of eindpunt. We worden niet ‘verzopen’ in de dood van Christus; maar gedoopt…! En die ‘vreze des Heren’ komt veel later pas. De vertaler gaat me te snel.

“Nu snappen we dus dat de doorleefde volwassenheid van het spirituele leven langs geen andere weg bereikt kan worden dan via de verschrikkingen, kwellingen, moeiten en angst die noodzakelijkerwijs de innerlijke crises van de ‘spirituele dood’ vergezellen. Het is de crises waarin we tenslotte onze gehechtheid aan ons uiterlijke zelf achter ons laten en ons volledig toevertrouwen aan Christus. …..

Het doel van de ‘donkere nacht’, zoals Johannes van het Kruis aantoont, is niet simpelweg het hart van de mens te straffen en onrustig te maken, maar is bedoeld om te bevrijden, te louteren en te verlichten in de pure Liefde. Deze weg die door verschrikkingen voert eindigt niet in de wanhoop maar in de volmaakte vreugde. Niet in de hel maar in de hemel.” (CP 88 of 110)

In de geest van Thomas Merton zijn dit geen ervaringen van ‘eens en voor altijd’ maar is dit een voortgaand proces van ervaring die pas in de dood hun (voorlopige?) vervolmaking vinden. Het is de oefening van in elk moment en in elke plaats op de verpletterende werkelijkheid ingaan in een ‘naakt’ geloof.

De ware en heilige benadering van het leven is op geen enkele manier een ontsnapping aan de ‘nietsheid’ die ons overmeesterd als wij aan ons zelf zijn overgeleverd. Integendeel, zij gaat bij die duisternis en dat ‘niets’ naar binnen, dringt daarin door, wetend dat de genade van God onze desolate leegheid heeft getransformeerd tot Zijn tempel. En we geloven dat Zijn licht zich verborgen heeft in onze duisternis. Vandaar dat die heilige grondhouding er een is die niet geschrokken terugdeinst voor onze eigen leegheid maar veelmeer met eerbied en ontzag daar naar binnen gaat in het bewustzijn van dat geheim. (Inner Experience, 53 Vervolg)

Volgens mij gaat het er in deze contemplatieve zijnswijze dus om onze verbijsterende en verpletterende (ervaring van de) ‘werkelijkheid’ binnen te gaan in een vertrouwen op ‘Gods’ verborgen scheppende intimiteit in dit alles. Ook in die werkelijkheid van ons eigen zelf…  Zonder dat wij daarbij ook maar enige ‘grip’ krijgen op deze werkelijkheid. Maar wij kunnen haar dan wel in alle vrijheid binnen optreden. Dat is m.i. de essentie van geestelijke oefeningen en deze grondhouding wordt gaandeweg zich eigen gemaakt. In het begin met veel aarzeling en scepsis. Zien soms even. Het schept op den duur wie weet een bepaalde mate van onverschrokkenheid? Lukt mij dat? Door dit soort literatuur te blijven lezen en niet RTL1/2/3/4/5/6/7/8 te kijken en te geloven; zo nu en dan een klein beetje…

Ja het is een drieluik geworden; deze serie over mystieke antropologie. Over de Bron (+), ons zelf (+) en de wereld(+).

Thomas Merton over Contemplatie

Ik lees op dit moment het boekje van Thomas Merton met zijn toespraken voor abdissen van contemplatieve kloosters. Toespraken uit 1967 en ’68. Ik zal hieruit meer teksten vertalen. Er wordt hem een vraag gesteld:

“De mensen komen naar ons toe en vragen ons hen onderricht te geven over contemplatief gebed. En dat terwijl het al moeilijk is er iets over te zeggen. Wat zijn jouw ideeën hierover wat we hen zouden kunnen meegeven?

Dat zou helemaal een Zen-achtige aanpak moeten zijn! Als jij aan een Zenmeester vraagt, “Wat is de essentie van Zen?”, kun je een klap voor je kop krijgen, of zoiets. En hij zou je daarna aan je lot overlaten om daar een tijdje over na te denken. Onder geen enkele voorwaarde zal hij je een uiteenzetting geven over Zen. Over iets anders misschien, maar niet over Zen.

Die Sufi vriend, waarover ik je vertelde, was hier op bezoek en we hadden een paar bijeenkomsten met hem. Hij is een echte mysticus en heel erg met beide benen op de grond. Een van onze meest serieuze monniken stelde hem de vraag, “Hoe bereik jij de eenheid met God?”. Wat zijn de hulpmiddelen, hoe doe je dat, wat is het systeem? De Sufi lachte alleen maar en zei, “Wij geven geen antwoord op dit soort vragen.” Hij serveerde het af; wilde er niets mee te maken hebben. Je geeft geen antwoord op zulke vragen omdat er maar een antwoord is. En dat is de dynamische eenheid met God.

Zen mensen leggen grote nadruk op het feit dat jij, als je niet zo’n ongelooflijke domoor zou zijn, zou weten dat je verenigd bent met God; dat God allang zo dichtbij is. Oké; iemand komt bij je en vraagt je naar contemplatief gebed. Wat je dan op de een of andere manier moet doen is hem in een positie brengen waarin hij in staat zal kunnen zijn zich bewust te worden hoe dichtbij God is. Daarbij rekening houdend met zijn persoon en zijn achtergrond. Boeddhistisch onderricht zegt dat de enige blokkade hiertoe onwetendheid is. Maar die onwetendheid zit echter wel verweven in alles.

De oorzaak van deze onwetendheid is dat je jezelf te serieus neemt als individu. Je bent te veel bezig met overleven; leven en dood zij zo verschrikkelijk verschillend. Of je levend of dood bent is verschrikkelijk belangrijk omdat je als je als individu sterft alles afgelopen is. Er zijn geen individuen na de dood. Er zijn personen ja maar geen individuen. Ik denk dat dit een heel belangrijk punt is omdat wij Christenen niet geloven in een leven na de dood van het individu. We geloven in een leven na dit leven van de persoon, die vrij is, die allang in God is, die een is met God vanaf het begin. De persoon keert terug naar God en vindt zijn zelf in God op een veel dieper niveau dan een individu ooit zou kunnen. Omdat het individu zichzelf ziet als een kleine geïsoleerde entiteit waarvoor al het andere afgesloten is. Zolang wij individuen zijn kunnen wij nooit een zijn met elkaar. Natuurlijk moeten wij als individuen deze zaak uitwerken. Dus kunnen we indirect wel over de vereniging met God spreken maar er is geen antwoord op de vraag.

Probeer je dan een persoon meer bewust te maken?

The only known photograph of God; Thomas Merton

Bewust van iets wat er al die tijd al is. Natuurlijk, het is er en het is er niet. Het is zeer helder; als je je van “zijn” en “ik ben” gewaar bent en bewust wordt, ben je een ander mens; dat is een revolutie. En ja, dat is heel tegenstrijdig; je moet het op de een of andere wijze omschrijven. Maar als een persoon zich ervan bewust wordt dat God zo intiem is, zo dichtbij dat er geen tussenruimte is, maakt dat een essentieel verschil. Dat is ook zoals je je realiseert dat deze presentie niet afhangt van of je onberispelijk bent of iets wat daarop lijkt. Als het daarvan af zou hangen zouden we allemaal lang moeten wachten op die eenheid met God.” (pag. 114-116)

Ik heb ook een drieluik geschreven; een serie over mystieke antropologie. Over de Bron (+), ons zelf (+) en de wereld(+).

Mystieke / Contemplatieve antropologie 1

Vanaf mijn studententijd wil ik al weten hoe wij ‘in elkaar steken’. Filosofie, antropologie en psychologie waren mijn ‘hoofdvakken’. Ik wilde de structuur en dynamiek van ons ‘zijn’ in kaart hebben. Vandaar mijn poging om dat weer eens op een rij te zetten. Of ik daarbij met God begin of eindig maakt mij niet zoveel uit. Naar aanleiding van het prachtige boek ‘Dieper dan het diepste zelf’ en mijn verlangen om een serie lezingen over God en ons Zelf te organiseren (met de Hezenberg) ben ik gaan tekenen.

Laat ik beginnen met mijn Godsbeeld. In deze ‘topografie’ probeer ik 4 perspectieven op God in beeld te brengen. Het is vier keer hetzelfde zeggen. God als de scheppende, alles dragende en allesdoordringende liefdevolle werkelijkheid. Hagia Sophia (godheid bij Eckhart?) als oorsprong/bron. De dynamische, kenotische en scheppende werkelijkheid onderling wordt prachtig beschreven door Meister Eckhart:

Zijn is God. God en zijn, zijn het zelfde – of God heeft het zijn van een ander en is dus zelf niet God. Alles wat is, heeft het feit van zijn bestaan door te zijn en uit het zijn. Als daarom Zijn iets anders is dan God, ontleent een ding zijn bestaan aan iets anders dan God. Bovendien is er niets dat aan het zijn voorafgaat, want dat wat het zijn verleent, schept en is schepper. Scheppen is het zijn geven uit niets.

Het NU waarin God de eerste mens schiep en het NU waarin de laatste mens verdwijnt en het NU waarin ik spreek, zijn alle hetzelfde in God waarin alleen HET NU is…

“ What has no essence, does not exist. There is no creature that has essence, because the essence of all is in the presence of God. If God went out of the creatures even for a single moment, they would disappear into nothingness.”

En dan nu naar ons zelf. In allerlei tradities wordt een nadrukkelijk onderscheid gemaakt tussen ons ware en onechte zelf. Ik lees hierin twee ‘wijzen van zijn’ in deze wereld. Het valse zelf is daarbij een tegenstelling met het tweede in de zin dat zij niet ziet/weet wat het andere zelf wel ‘weet’. Het valse zelf leeft ‘zonder ziel’ en weet niet dat zij ‘hangt in God’ (Ruusbroek). Het ware zelf neemt de eerste werkelijkheid wel in zich op alleen op een heel andere wijze. Beide wijzen van zijn hebben wel gevolgen voor het dagelijkse leven. Je zou kunnen zeggen dat het tweede door en door aards is maar daar heel anders in leeft. Eigenlijk zou je kunnen zeggen dat de eerste wereldvreemd is omdat ze niet door heeft waar ze uit leeft en waar naartoe. Ook hier weer Meister Eckhart:

Fragment uit preek 4 van Meister Eckhart
Zo waar als de Vader in zijn enkelvoudige natuur zijn Zoon natuurlijk baart, zo waar baart hij hem in het binnenste van de geest, en dit is de innerlijke wereld. Hier is Gods grond mijn grond en mijn grond Gods grond. Hier leef ik uit mijn meest eigene, zoals God uit zijn meest eigene leeft. Wie ooit slechts een ogenblik lang in deze grond zou kijken, voor die mens zijn duizend marken rood geslagen goud evenveel als een valse penning. Vanuit deze binnenste grond moet je al je werken verrichten zonder waarom.

De mysticus leeft dus niet in een andere wereld maar beleeft haar volledig anders! Zij weet van haar ‘Grunt’ en hoeft zichzelf niet meer te redden. Zij weet dat ze ‘de geliefde zoon/dochter’ is en leeft dus rijk. Zij gaat zelfs actief deelhebben aan die kenotische en scheppende beweging. Als je dan denkt dat dat ‘geen kruis’ betekent dan heb ik het nog niet voldoende duidelijk gemaakt. In beelden:

Ruusbroek:

Het hoogste van de natuurlijke weg is het wezen van de ziel. Die hangt in God en rust in haar. Zij is hoger dan de hoogste hemel en dieper dan de bodem van de zee en wijdser dan heel de wereld met al haar elementen. (eigen vertaling pagina 114)

Die wezenlijk eenheid van onze geest met God bestaat niet in zichzelf maar zij verblijft in God, zij komt uit God voort, zij hangt in God en zij keert terug in God als haar eeuwig thuis. Zij raakt nooit afgescheiden en blijft trouw aan haar oorsprong. … En deze eenheid is boven tijd en plaats verheven en is een voortdurende scheppend werken van God. (118)

Je hier aan toevertrouwen, dit weten; dan is je leven toch een goddelijk kunstwerk in wording?

Ja het is een drieluik geworden; deze serie over mystieke antropologie. Over de Bron (+), ons zelf (+) en de wereld(+).

Joke is overleden

Joke is overleden; 42 jaar. Een prachtige vrouw die nog geen 5 jaar geleden vol plannen aan een volgende fase van haar leven begon. Getrouwd, een verlangen naar kinderen en voor haarzelf begonnen als zzp’ster op het gebied van coachen. Kanker verwoestte alles… Een tijd hoopte ze nog op een vorm van blessuretijd. De een na de andere tegenvaller maakte daar een einde aan.

Ik leerde haar 10 jaar geleden kennen op een schilderretraite in Frankrijk. Een oprechte, gelovige en betrokken vrouw vol van verlangen om echt iets van haar leven te maken. Op zoek naar betekenisvol leven voor zichzelf en anderen. Ja ook een verlangen naar een tot dan toe niet gevonden reisgenoot… Ze werd een geliefd medewerkster van de Spil en een lieve vriendin van… Waarom was ik zo onder de indruk van haar? Was het omdat haar presentie in gezelschap niets teveel had maar ook niets te weinig? Was het de lieve vanzelfsprekendheid van het gewicht van haar bijdrage aan elke ontmoeting? Was het het open vizier waarmee ze de wereld tegemoet trad? Deze tekst op haar website maakte ze helemaal waar:

Overigens, ik raad u aan altijd een oriënterend gesprek aan te vragen, ‘elkaar zien’ zegt in dit vak vaak meer dan geschreven tekst is mijn ervaring.

Niet de methode telt in dit vak maar de persoon! Ik denk niet dat er teleurgestelde klanten waren.

Op haar begrafenis, die een zeer mooi vormgegeven Oud Katholieke liturgie had, geen woord van protest… Geen klacht… Geen schreeuw van wanhoop en boosheid…

Dylan Thomas: “Do not go gentle into that good night, rage, rage against the dying of the light.” 

Leeft er iemand een leven wat/dat er werkelijk ‘toe wil doen’…. De dood; de ergste vijand….

Joke… A Dieu

Vergeving en Offer

Meerdere vrienden, familieleden en internet contacten reageerden.. Een enkeling wilde zijn reactie niet online… (webschuw of te onaf..). Ik wil het niet weer beter weten, maar wel zeggen wat het met me heeft gedaan. De reacties zijn mij nu ook weer, na herlezen, zeer dierbaar. Dankbaar dat ze wilden reageren. En het persoonlijke en ‘onaffe’ spreekt mij nog meer aan! Zo hoort het te zijn: bescheiden maar toch recht uit het hart gegrepen!

Eigenlijk heb ik maar 1 reactie gehad die zich nog volluit aan het schuld/bloedoffer wil verbinden. Op deze ‘reformatorische’ visie zal ik later apart ingaan. Een ander vertelde dat hij in het pastoraat bij zeer ernstige schuldgevoelens de waarde ervoer van het ‘liefdevolle plaatsvervangende schuldoffer’ van Jezus. De rest had overduidelijk afstand genomen van deze theologisering  van Anselmus zoals je kunt lezen.. Vooral op persoonlijk niveau hadden deze mensen niets met deze kijk. Soms worden daarbij Wiersinga en andere theologen genoemd. Al vroeg in hun opleiding werden ze niet door deze offertheologie geraakt. Zoals je kunt lezen is een enkeling daar zelfs heel uitgesproken in. Maar niemand doet dat op een triomfantelijke manier…

Ik voel daar wel een een bevestiging in van mijn eigen ervaringen maar vraag me dan wel af waarom daarover in de prediking zo weinig expliciet wordt gepraat? Ik ervaar geen stelligheden in de benadering. Dat spreekt mij zeker aan. En ik weet ook van de gevoeligheid van dit onderwerp. Toch hebben volgens mij velen er behoefte aan dat er openlijk over wordt gesproken (of heb ik daar alleen behoefte aan?). Of durft niemand die gedachte openlijk aan?

Dat brengt me bij de tweede gedachte die een van de mensen heel expliciet aangaf: citaat: “weet niet precies wat er voor in de plaats is gekomen. Dat christenen een gekruisigd mens als God aanbidden – daar zit ‘m het Geheim, dat is zo godsongehoord,…”. Men neemt afscheid van een bepaalde theologie maar men is soms expliciet in andere uitleg en een enkeling weet het nog niet. Niemand gooit zomaar iets weg maar bevraagt de bronnen. Ik verheug me op de studie van degene die ik hier citeerde. Wat dan wel? Wat hebben zij toen geloofd; in die tijd..? En wat mogen wij daarin in deze tijd voor onszelf en onze werkelijkheid lezen?

Prachtig om de zoektocht van de verschillende reacties te lezen.. Maar zette het me echt in brand…? Ja ik beschouw mijzelf zeer nadrukkelijk een volgeling van en gelovige in ‘Jezus Christus en die gekruisigd’. Maar wat zegt dat mij? In mijn dagelijkse en existentiële werkelijkheid? Een van hen zei het zo:
“Wat ik hiermee wil zeggen is dat Pasen als drama, theater, liturgie mij op een heel diepe manier aanspreekt, maar al het geredeneer erover bevredigt mij niet.”
Hier hoor ik het zoeken naar ‘beelden die spreken’; dat spreekt me aan maar ik wil toch ook wel theologiseren / uitleg. Uitleg van het leven en sterven van Jezus in relatie tot mijn eigen en ons aller leven. Wie weet zou het mooi zijn als we eens echt met elkaar in gesprek gaan aan ‘de tafel des Heren’. Staande in onze dagelijkse werkelijkheid & in het gevecht tegen de ‘machten’. Om dat ‘ene’. Het Goddelijke Rijk van liefde.

Dit ene

Dit ene heb ik jou gevraagd:
dat ik mag zijn met jou.

Als jij mijn licht bent vrees ik niemand
als jij mijn rots bent sta ik sterk.

Dit ene heb ik jou gevraagd:
dat ik mag zijn van jou.

[naar Psalm 27]