Dietrich Bonhoeffer; een blijvend verbijsterende tekst….

Ik weet niet meer wanneer ik onderstaande tekst van Bonhoeffer voor het eerst tegenkwam. Het zal wel een keer besproken of geciteerd zijn… Ergens in het begin van de negentiger jaren van de ‘vorige eeuw’. Maar hij blijft mij bij. Recent weer teruggevonden in ‘De Biografie’ van Bethe. De tekst bevrijdt mij van de ijdele hoop op ‘wonderen‘ en geeft mij de vrijheid om te doen wat mijn hand vindt om te doen. Een volwassenwording die ik veel later ook in Thomas Merton en Zen vond. In het radicale geloof dat God zich in die dagelijkse werkelijkheid op een radicale weerloze en kwetsbare wijze incarneert/realiseert/schept: Genesis (Sophia). Maar ook voor nu; de zoektocht naar een vertaling en verwoording waarin God in hedendaagse mensenwoorden en daden te horen en te zien is.

16 juli 1944 / Verzet en Overgave)

We kunnen niet redelijk zijn, als we niet erkennen dat we in de wereld moeten leven, ‘etsi deus non daretur’. En dat erkennen wij voor God! God zelf dwingt ons dit te erkennen. Zo brengt onze mondigheid ons tot de waarachtige kennis van onze situatie tegenover God. God doet ons weten dat wij moeten leven als diegenen die hun leven inrichten zonder God. De God die met ons is, is de God die ons verlaat! De God die ons in de wereld doet leven zonder de werkhypothese God, is de god voor wiens aanschijn wij staan. Voor en met God leven wij zonder God. God laat zich uit de wereld terugdringen tot op het kruis, god is zwak en machteloos in de wereld en juist zo en alleen zo is Hij met ons en helpt hij ons. (…)
Hier ligt het wezenlijke verschil met alle religies. De bijbel verwijst de mens naar Gods onmacht en lijden; alleen de lijdende God kan helpen. In zoverre kan men zeggen dat de geschetste ontwikkeling tot mondigheid, die afrekent met een verkeerde voorstelling van God, de blik vrijmaakt voor de God van de bijbel, die door zijn machteloosheid in de wereld macht en ruimte krijgt.

18 juli

De mens wordt opgeroepen Gods lijden aan de goddeloze wereld mee te lijden. (…) Je wordt geen christen door religieus te handelen, maar door, levend in de wereld, te delen in Gods lijden.

Op de blog van Frits de Lange zijn er veel teksten van hem over Bonhoeffer te vinden. Zelfs complete boeken van hem over Bonhoeffer.

Ik hou niet van ‘succes’verhalen en ‘genezingen’

Een paar (recente) observaties die met elkaar conflicteerden..

1. In Trouw een artikel over Mathieu van der Steen; ‘geef je helemaal over aan god en het komt helemaal goed’…
2. Een opmerking van een non in de film ‘No Greater Love’ over haar ervaring met ‘de donkere nacht van de ziel’: “Vreselijk”… Een anderen non in dezelfde film: “18 jaar heeft die nacht geduurd…”.
3. In mij persoonlijk omgeving, al veel langer geleden, het overlijden van een jongen van 6 jaar aan een hersentumor (gebedsdienst voor genezing..) en in een ander geval een huwelijk wat na vele ‘genezing’ nog steeds een ramp is… En wat te zeggen van de levens van de ‘heiligen’ Etty Hillesum, Dietrich Bonhoeffer en Titus Brandsma?

Het gaat in al die ervaringen om de vraag naar de relatie tussen een geloofsleven en succes/geluk… Die positieve relatie tussen een christenleven en succes en genezing ervaar ik als een een bedrieglijke reclame.. Vooral in evangelische kringen hebben ze daar een handje van… Een volksverlakkerij… Ik herinner mij nog het verhaal van een evangelist(moet ik de naam noemen?) uit een evangelische gemeente(moet ik de naam noemen?) die zei dat als je aan een aantal (7-10?) principes van de bijbel zou houden dat dan de zegen gegarandeerd zou zijn. Binnen een jaar was hij zwaar overspannen en werd hij nog weer later uit de gemeente gezet… Als we de werkelijke successcore van de christenlevens op een rij zouden zetten zou niemand meer op basis daarvan christen worden!

Ik zou graag ingeschakeld willen worden in de vorming van jonge bekeerlingen die van plan zijn op weg te gaan als expliciet gelovige. Ik zou ze waarschuwen voor de weg van ‘loutering’ en de nacht van de afbraak van allerlei illusie over jezelf, het leven en God. De twee/drie benen van spiritualiteit. Die afbraak/kruis/dood/einde/verlies van en die van opbouw/bevestiging/zegen/geluk/opstandig. Soms duurt zo’n duisternis een leven lang (Moeder Theresa). Slechts bij momenten komt het tot een ‘dans’.. ‘Zien soms even’…

Een paar titels wil ik hier zeker noemen:
Gerald G. May: ‘The dark night of the soul’
Kathleen Norris: ‘Acedia & me’
John Tarrant: ‘The light inside the dark’ Dit is een prachtig boek van een Zen man.Ik zal later zeker nog een keer iets zeggen over de spiritualiteit van de ‘imperfectie’/de gebrokenheid/de losers en sukkels…. Waar ik persoonlijk veel meer mee op heb.

God.. Ja ‘God’ is ‘mijn ding’….

Mijn ziekte zijt Gij (Huub Oosterhuis)

Het oudste en het langste blok van mij boeken kast gaat over God/god/. Whatever that may be… Ik kan me niet herinneren of ik was daar mee bezig. Maar dan wel als een vanzelfsprekende aan/afwezigheid. De eerste jaren een Lastpak van hier tot Tokio. Een bijzonder angstaanjagende, veeleisende, egocentrische en onaangename seigneur..; zonder humor. Met was geen leven; zonder was de hel…. Ik was mij bewust van het levensbelang maar er iets mee kunnen? En dan de corrumpering daarvan door mijn karakter/ opvoeding/ genen/ cultuur/…. Angst… ‘Verwerping’. Ik las Kohlbrugge, Karl Barth, Miskotte en luisterde naar ds. Kool; de laatste hielp echt. Ik las alles van de evangelischen maar het hielp niet echt. ‘Niets hielp op langere termijn’. Het moest anders zijn dan ik dacht. Leerde iets van Job, Jakob, de godsverlatenheid van Jezus; het niet gered worden! Voor mij is door de tijd heen het geloof in God iets geworden van een gevecht om.. / tegen beter weten in… Het me niet neerleggen bij de ‘feiten’ van… Maar ook van niets hebben / niets weten / niets kunnen..

Pas veel later kreeg het trekken van tederheid en liefde . Is die ‘God’ nu hiermee alleen maar iets tobberigs? Nee, daar is wel iets in veranderd; vooral door Merton.  Nu lees ik het liefst iets van/over Eckart, Zen, Julian van Norwich (ligt klaar om te lezen); de ‘Wolk van niet weten…’ Een theologie van niet weten en toch! En hopelijk ook een beetje humor.

Deze teksten van Huub Oosterhuis gaven mij lucht in die tijd; hier leefde ik van…. Soms dachk ik van: ‘kom ik ooit verder dan dit?’ Maar ze raken me in essentie nog steeds!

Om antwoord

Ik zal mijn mond niet houden tegen u
– waarom zou ik?
Onrustig, droef,  opstandig, schamper
is mijn hart in mij

Wie zijt gij dat ik u belangrijk vind
dat ik aan u denk iedere dag
dat ik mij toets aan u?

Draai toch eindelijk je ogen
van hem af, zeggen ze tegen mij
– maar dan heb ik geen antwoord

Nooit heb ik niets met u

Tegen bijna beter weten in
stel ik mijn hoop op u
Mijn lot is levenslang
wachten op u

Leven met een dode, zelfbedachte,
onzichtbare geliefde –
waarom zou ik
u niet opgeven?

Maar ik kan niet anders
dan roepen: heb mij lief

(Gebeden en Psalmen; 224)

Hebt mij lief

Hoelang nog?
Heb je mij uit je gedachten gebannen?
Je ontloopt. Doet niet open.

Moet dat nog lang,
die tweespalt in mijn ziel:
ooit nog-nee nooit-of toch?

En die me kennen,
en zelfs mijn vrienden,zeggen:
ach hij met zijn god.

Maar van jou geen woord.
En dan
komt de dag:

over mij heengelopen
zal die ene staan,
de doodsvijand. Ik zal

zijn adem voelen in mijn gezicht,
en nog net hoor ik hem zeggen:
eindelijk.

Dan nog klamp ik mij vast aan jou,
of je wil of niet,
op ongenade of genade.

Ik zal ‘red mij’ roepen
of zoiets als
heb mij lief.

(Gebeden en Psalmen; 225)

Spannend…

Een blog beginnen is al lastig. Het volhouden een klus. Maar er iets zinnigs van maken lijkt mij helemaal moeilijk. Ik heb al langer de behoefte aan een zeepkist in de hoop maatjes te vinden die zelf zich hier ook mee bezig houden.

Ik merkte dat ik mijn Facebook daar een beetje voor gebruikte. Volgens mijn zoon Ruben zou dit beter passen. Ben benieuwd.

Ik zie wel….