Ik hou niet van ‘succes’verhalen en ‘genezingen’

Een paar (recente) observaties die met elkaar conflicteerden..

1. In Trouw een artikel over Mathieu van der Steen; ‘geef je helemaal over aan god en het komt helemaal goed’…
2. Een opmerking van een non in de film ‘No Greater Love’ over haar ervaring met ‘de donkere nacht van de ziel’: “Vreselijk”… Een anderen non in dezelfde film: “18 jaar heeft die nacht geduurd…”.
3. In mij persoonlijk omgeving, al veel langer geleden, het overlijden van een jongen van 6 jaar aan een hersentumor (gebedsdienst voor genezing..) en in een ander geval een huwelijk wat na vele ‘genezing’ nog steeds een ramp is… En wat te zeggen van de levens van de ‘heiligen’ Etty Hillesum, Dietrich Bonhoeffer en Titus Brandsma?

Het gaat in al die ervaringen om de vraag naar de relatie tussen een geloofsleven en succes/geluk… Die positieve relatie tussen een christenleven en succes en genezing ervaar ik als een een bedrieglijke reclame.. Vooral in evangelische kringen hebben ze daar een handje van… Een volksverlakkerij… Ik herinner mij nog het verhaal van een evangelist(moet ik de naam noemen?) uit een evangelische gemeente(moet ik de naam noemen?) die zei dat als je aan een aantal (7-10?) principes van de bijbel zou houden dat dan de zegen gegarandeerd zou zijn. Binnen een jaar was hij zwaar overspannen en werd hij nog weer later uit de gemeente gezet… Als we de werkelijke successcore van de christenlevens op een rij zouden zetten zou niemand meer op basis daarvan christen worden!

Ik zou graag ingeschakeld willen worden in de vorming van jonge bekeerlingen die van plan zijn op weg te gaan als expliciet gelovige. Ik zou ze waarschuwen voor de weg van ‘loutering’ en de nacht van de afbraak van allerlei illusie over jezelf, het leven en God. De twee/drie benen van spiritualiteit. Die afbraak/kruis/dood/einde/verlies van en die van opbouw/bevestiging/zegen/geluk/opstandig. Soms duurt zo’n duisternis een leven lang (Moeder Theresa). Slechts bij momenten komt het tot een ‘dans’.. ‘Zien soms even’…

Een paar titels wil ik hier zeker noemen:
Gerald G. May: ‘The dark night of the soul’
Kathleen Norris: ‘Acedia & me’
John Tarrant: ‘The light inside the dark’ Dit is een prachtig boek van een Zen man.Ik zal later zeker nog een keer iets zeggen over de spiritualiteit van de ‘imperfectie’/de gebrokenheid/de losers en sukkels…. Waar ik persoonlijk veel meer mee op heb.

God.. Ja ‘God’ is ‘mijn ding’….

Mijn ziekte zijt Gij (Huub Oosterhuis)

Het oudste en het langste blok van mij boeken kast gaat over God/god/. Whatever that may be… Ik kan me niet herinneren of ik was daar mee bezig. Maar dan wel als een vanzelfsprekende aan/afwezigheid. De eerste jaren een Lastpak van hier tot Tokio. Een bijzonder angstaanjagende, veeleisende, egocentrische en onaangename seigneur..; zonder humor. Met was geen leven; zonder was de hel…. Ik was mij bewust van het levensbelang maar er iets mee kunnen? En dan de corrumpering daarvan door mijn karakter/ opvoeding/ genen/ cultuur/…. Angst… ‘Verwerping’. Ik las Kohlbrugge, Karl Barth, Miskotte en luisterde naar ds. Kool; de laatste hielp echt. Ik las alles van de evangelischen maar het hielp niet echt. ‘Niets hielp op langere termijn’. Het moest anders zijn dan ik dacht. Leerde iets van Job, Jakob, de godsverlatenheid van Jezus; het niet gered worden! Voor mij is door de tijd heen het geloof in God iets geworden van een gevecht om.. / tegen beter weten in… Het me niet neerleggen bij de ‘feiten’ van… Maar ook van niets hebben / niets weten / niets kunnen..

Pas veel later kreeg het trekken van tederheid en liefde . Is die ‘God’ nu hiermee alleen maar iets tobberigs? Nee, daar is wel iets in veranderd; vooral door Merton.  Nu lees ik het liefst iets van/over Eckart, Zen, Julian van Norwich (ligt klaar om te lezen); de ‘Wolk van niet weten…’ Een theologie van niet weten en toch! En hopelijk ook een beetje humor.

Deze teksten van Huub Oosterhuis gaven mij lucht in die tijd; hier leefde ik van…. Soms dachk ik van: ‘kom ik ooit verder dan dit?’ Maar ze raken me in essentie nog steeds!

Om antwoord

Ik zal mijn mond niet houden tegen u
– waarom zou ik?
Onrustig, droef,  opstandig, schamper
is mijn hart in mij

Wie zijt gij dat ik u belangrijk vind
dat ik aan u denk iedere dag
dat ik mij toets aan u?

Draai toch eindelijk je ogen
van hem af, zeggen ze tegen mij
– maar dan heb ik geen antwoord

Nooit heb ik niets met u

Tegen bijna beter weten in
stel ik mijn hoop op u
Mijn lot is levenslang
wachten op u

Leven met een dode, zelfbedachte,
onzichtbare geliefde –
waarom zou ik
u niet opgeven?

Maar ik kan niet anders
dan roepen: heb mij lief

(Gebeden en Psalmen; 224)

Hebt mij lief

Hoelang nog?
Heb je mij uit je gedachten gebannen?
Je ontloopt. Doet niet open.

Moet dat nog lang,
die tweespalt in mijn ziel:
ooit nog-nee nooit-of toch?

En die me kennen,
en zelfs mijn vrienden,zeggen:
ach hij met zijn god.

Maar van jou geen woord.
En dan
komt de dag:

over mij heengelopen
zal die ene staan,
de doodsvijand. Ik zal

zijn adem voelen in mijn gezicht,
en nog net hoor ik hem zeggen:
eindelijk.

Dan nog klamp ik mij vast aan jou,
of je wil of niet,
op ongenade of genade.

Ik zal ‘red mij’ roepen
of zoiets als
heb mij lief.

(Gebeden en Psalmen; 225)

Mijn spirituele bibliografie

Op hoofdlijnen mijn spirituele bibliografie af. Wat was dat leuk om te doen. De meeste boekjes die mij echt raakten zijn wel langs gekomen. Lang niet alles wat ik gelezen heb staat erin maar toch? Ja; een beetje trots ben ik wel op mijn boekenverzameling.

In ieder geval zijn de meeste thema’s nu wel aan bod gekomen. Ook de lijnen door de tijd heen al zal er zeker wat vergeten zijn. Wie weet ga ik mijn dagboeken ook zo nog eens doorlopen…

Wat ook leuk was om gaandeweg allerlei dwarslijn te trekken tussen de verschillende pagina’s. Ik weet uiteraard niet of de links voor de lezer leuk zijn?

Ja en hoe verder; de kwestie God blijft mij natuurlijk bezighouden. Daar wordt de laatste tijd ook weer vel over geschreven; pro, contra en verhelderend. Een boeiende schrijfster in die zin is natuurlijk Karen Armstrong; met veel plezier haar ‘kwestie’ gelezen.

Een andere vraag die er bij mij ligt is de verhouding tussen de verschillende godsdiensten. Hoe God daarin te denken… en wat betekent dat voor die exclusieve claims van mijn jeugd. Nee dat geloof ik niet meer maar dan wel?

Een vraag die mij de komende jaren gaat bezighouden is de relatie tussen onderwijs/ondernemen en spiritualiteit. Op school stellen we zelfs daar een lector over aan. Maar de zoektocht naar een ‘gezonde christelijke spiritualiteit’ voor mezelf en anderen is nog steeds mijn diepste drijfveer..

Kortom er blijft genoeg stof tot nadenken.

‘God is geen christen’

Aan deze uitdagende titel van een boek (was de titel van een toespraak van hem) van Desmond Tutu moest ik denken toen een vriendin reageerde op deze website. Ze vond hem wel leuk ….. Deel twee van opmerking kwam er naar veel aarzeling uit… maar wel erg christelijk.. Zij had meer met energie..e.d. Ja; vind je het gek. Opgegroeid in een reformatorisch nest, evangelisch bekeerd, ouderling in de PKN en altijd met christelijke spiritualiteit bezig geweest..  Dat maakt dat ik het grootste deel van mijn spel op deze site in dat taalveld speel. Ik hoop later een meer universeel woordenspel te spelen maar of mij dat zal lukken? Het ‘mijne’ is in ieder geval niet normatief bedoeld!! Hiermee is gelijk het probleem van het gesprek over spiritualiteit getekend. Twee personale werkelijkheden die elkaar ontmoeten. Minstens zo problematisch als een interreligieuze dialoog. En dat meen ik. Probleem van taal en levensweg vooral. Zelf zoek ik juist naar taal en vormen die ons in ontmoetingen in een dialogisch spel brengen van ontmoeten en verstaan.

Een spiritualiteit van vlees en bloed!

Een prachtig boek gelezen afgelopen twee weken.: Soulful Spirituality van David G. Benner (psychotherapeut en geestelijk begeleider) . Het is een beschrijving van een christelijke spiritualiteit die ‘heel de mens’ en ‘fully alive’  ten dienste wil staan. Hij beschrijft eerst de vaak vervreemdende / vergiftigende werking van spiritualiteit: van het lichaam / van seksualiteit / van gevoelsleven / van jezelf / van de aarde. Hij stelt daar een heel andere spiritualiteit tegenover. Een die in de eerste plaats ‘aards’ is en begint ‘waar en wie je bent’ en waarin je vervolgens mag ‘worden’ wie je ten diepste bent. Maar dit op een zeer open, gezond makende  en authentieke wijze(hij verbind psychologie met christellijke spiritualiteit). Een creatieve verbinding tussen ‘soul’/aarde en ‘spirit'(transcendente). In het laatste deel probeert hij dan de praktijk van deze spiritualiteit uit te werken aan de hand van een aantal sleutelwoorden zoals bewustwording / Hier-en-nu / loslaten.

Maar waarom spreekt mij dit nu zo aan? Vooral de geboden ruimte, levensechtheid, nabijheid en authenticiteit. Het is een spiritualiteit waarin ik de volle ruimte krijgt mijn ‘eigen-zinnig-heid’ te zijn. Maar ook een die dicht op en onder de huid zit. Alles hoort er bij. Er ontbreekt een ‘sjabloon’ christen; en dat is voor een man die uit een evangelisch nest stamt een hele prestatie.

Het mooiste verhaal vind ik wel dat van zijn zoon die eerst zegt dat hij niet meer ‘zo in God gelooft’ en nog weer later zichzelf geen ‘christen’ meer noemt. Toch beschrijft hij hem juist als een voorbeeld van authentieke spiritualiteit.

Een boek met een zeer wijde en inspirerende blik.  Een must voor elke geestelijk begeleider vanwege zijn zeer ‘onderscheidende’ kijk op authentieke en vitale christelijke spiritualiteit.