Het contemplatieve leven als een profetische roeping
(The Springs of Contemplation)
“Ik wil het hier hebben over het profetische aspect van onze roeping. Zoals ik dat hier zal behandelen is nooit zo door iemand anders gezegd. In een bepaald opzicht is dit geen mainstream positie; het is radicaal en persoonlijk. Ik voeg mij daarbij bij nogal wat mensen die zich normaal gesproken buiten de structuren van de Kerk bevinden en die door nogal wat jongeren nagevolgd worden.
Alle zogenaamde profetische bewegingen van tegenwoordig falen omdat zij, op de een of andere wijze, toch weer ‘passen’ binnen onze samenleving. Het gigantische probleem waarvoor we staan is het verschijnsel dat we in een maatschappij leven die het afwijkende in haar systeem weet te integreren. De stelling achter dit standpunt is, met andere woorden, dat we in een totalitaire maatschappij leven. In de politieke zin is zij niet fascistisch maar op een bepaalde manier is zij wel in de economische zin zo georganiseerd. Het draait allemaal om winst en marketing. Binnen dat systeem is er geen vrijheid. Je hebt alleen maar keuze uit gimmicks, je merk TV, jouw opties van de auto. Maar je bent niet vrij om geen auto te hebben. Met andere woorden, het leven is voor iedereen vastgelegd. Zelfs de hippies met hun alternatieve levensstijl leven in een voorgeprogrammeerd alternatief. Hoewel ze een serieuze poging doen om zich daaraan te onttrekken. Ze stichten onrust, ze doen wat stof opwaaien, iedereen is redelijk geschokt en aangedaan en er zelfs en beetje door opgewonden. Maar na drie jaar is de hele zaak over en komt er de volgende mode voorbij. Het stelt allemaal niets voor.
Wij religieuzen vallen onder dezelfde categorie. Ook wij zijn goed voor een bepaalde hoeveelheid nieuwsitems. Het Vaticaans Concilie zorg voor meerdere columns en nonnen zorgen voor enkele veranderingen. En daarna is alles weer voorbij. We worden meegenomen in een levensstijl waarin alles gereduceerd wordt tot een bepaalde onverschilligheid; het maakt allemaal niets uit. Op pagina een staat een non met een nieuw habijt en op pagina twee staat een striptease danseres -de nieuwswaarde voor beiden is even groot. Er is geen enkele aanwijzing dat het een belangrijker zou zijn dan het andere. Er is alleen verschil in hoeveelheid. Een bericht is zo-en-zo veel ruimte en tijd waard op televisie. De mensen die ik ken en die betrokken zijn bij het maken van televisie zeggen dat ze onder de indruk zijn van de technische expertise die erachter schuilgaat. Wat er voor de camera verschijnt is onbelangrijk. Het belangrijkste is wat er allemaal mogelijk is met al deze technieken en niet wat erdoor gecommuniceerd wordt. Dit is het ‘systeem’ wat ons uitdaagt tot een profetisch antwoord.
Wat gaan we doen? Wat moet de profetische persoon doen? Het oude conservatie antwoord van afscheiding – mensen eenvoudigweg achter tralies zetten – heeft hierop natuurlijk geen enkel effect. Kijk naar de geschiedenis van profetie in het Eerste Testament. Een van de kernpunten van wat er tegen de profeet Abraham werd gezegd was: “Verlaat de mensen om je heen”. De profeet moest een bepaald soort samenleving en maatschappelijke structuur achter zich laten. Om profeet te zijn moet je jezelf in de hand van God leggen en vandaar verder trekken. Mozes en het uitverkoren volk moesten het systeem van Egypte verlaten. Er wordt niets gezegd over de mogelijke immoraliteit van Egypte. Het was noodzakelijkerwijs niet echt slechter dan welk ander land. Maar de mensen moesten eruit wegtrekken omdat ze niet vrij waren; omdat iemand anders hen vertelde wat ze moesten doen. Iemand anders bepaalde hun hele leven voor hen.
Het woord hiervoor is vervreemding, een woord dat door Marx en Freud veel gebruikt wordt. Ik ga nu even niet in op hun gebruik van dit woord door hen, maar de mensen van vandaag zijn vervreemd; bewust of onbewust. Hoe dan ook vertelt iemand anders hen wat ze moeten doen; iemand anders bepaalt hoe het leven geleefd moet worden. Als mensen slaven zijn is het overduidelijk dat iemand anders over hun leven beslist zonder dat hij bang hoeft te zijn voor straf. Maar ook in ons geval, bij het werken voor geld, wordt onze arbeid bepaald door de belangen van iemand anders; ons werk moet passen in hun systeem. Hoe meer mensen betrokken zijn bij iets wat door iemand anders is opgezet hoe minder zij vermoedelijk in staat zijn hun eigen leven in te richten en vorm te geven.
Onze samenleving is zo ingericht dat mensen daar gelukkig mee zijn. In een politie- of een totalitaire staat zou je willen ontsnappen. Onze maatschappij zorgt voor genoeg beloningen zodat je daar volledig mee kunt instemmen; op voorwaarde dat je je eigen auto, tv, huis, eten en drinken krijgt. En voldoende andere soorten van comfort/troost.
Hier stuiten we op een probleem als we hierover willen praten. We begeven ons namelijk op het gevaarlijke terrein van de oude conservatieve Katholieken die de wereld benaderen als zijnde boosaardig. En dat ons verlangen naar stoffelijke dingen slecht zou zijn. Het is alsof je aan een slinger draait: de wereld is slecht, zie af van plezierige dingen, geef je geld weg, verloochen je eigen wil, enz. Het probleem van het innemen van een kritische positie is dat de gemiddelde progressieve Katholiek onmiddellijk zal zeggen: “Daar heb je oude liedje weer…”.
Hoe kunnen wij kritisch staan t.o.v. de wereld? De wereld is goed. En dan krijgen we de nogal naïeve benadering die zegt: “Begin alsjeblieft niet over die zogenaamde vervreemding, wij zijn gelukkig. Dit is het echte leven. Het is mooi, het is geweldig”. Aan de andere kant zijn er mensen zoals Lewis Mumford, Jacques Ellul en Herbert Marcuse die zeggen dat dit vervreemde leven niet goed is. Dat het uiteindelijk een slechte zaak is omdat de uitkomsten hiervan niet echt zijn. Ze zijn van kwantitatieve aard en niet kwalitatief.
Wat gebeurde er in het Eerste Testament met de profeet Elia? Hij moest in zij eentje opboksen tegen het complete systeem. Op een gegeven moment heeft hij het hele leger van Jezebel achter zich aan en moet hij vluchten. Hij vlucht de woestijn in, in de richting van berg Sinaï en moet zich in een grot verbergen. Hij dreigt te sterven van de honger en de raven komen hem voedsel brengen. Hier bevinden wij ons in het hart van de profetische Carmel traditie. Iets vergelijkbaar gebeurt er met Sint Franciscus. Ook voor hem is er sprake van een radicale breuk met de wereld naar een profetisch en bevrijd leven waar hij zijn eigen keuzes kan maken. Hier gaat het om! Johannes de Doper is een ander voorbeeld. Iedere keer weer als jij keuzes maakt vanuit je diepste innerlijk wordt jij niet voorgeprogrammeerd door iemand anders.
Een van de kernvragen van het profetische leven is dat de persoon die mensen probeert wakker te schudden dat niet doet door tegen de mensen die slaaf zijn te zeggen dat ze zich moeten bevrijden maar mensen die de illusie hebben dat ze vrij zijn te vertellen dat ze slaaf zijn. Dat is geen aangename boodschap…. Het is geen echt nieuws als je tegen zwarten zegt dat ze een moeilijk leven hebben. Het profetische is als je tegen blanken mensen gaat zeggen dat ze de zwarten nodig hebben om bevrijd te worden zodat ze zelf bevrijd kunnen worden. Er zijn maar weinig mensen die dat zeggen. James Baldwin doet dat. Veel mensen denken dat er enkele blanken zijn die de zwarten iets willen geven en dat de zwarten de blanken een gunst bewijzen door dat in dank in ontvangst te nemen. En dat op die manier iedereen gelukkig zal worden. Wij moeten ons realiseren dat dit “progressieve” standpunt evengoed een valkuil kan zijn; net als al die andere.
Als wij willen voldoen aan onze profetische roeping, moeten we ons realiseren, of we nu revolutionair zijn of niet, dat we radicaal genoeg moeten zijn om ons los te kunnen maken uit dat wat ten diepste een totalitaire maatschappij is. En wij maken daar deel van uit. Het is niet een maatschappij die er aankomt, zij is er nu. Wij moet dus echt alert zijn op sommige van de mensen die ik net noemde. Hoewel ze soms als pessimist worden gezien. We moeten ook onze aandacht vestigen op de profeten in de Bijbel die uit hun volk werden weggeroepen om zich opnieuw ergens te vestigen waar zij vrij voor het aangezicht van God keuzes kunnen maken zonder dat zij voorgeprogrammeerd worden door de maatschappij waarin zij leven.
We moeten onder ogen zien dat ons contemplatieve leven zoals wij dat nu vormgeven niet alleen niet-profetisch is maar dat het zelfs anti-profetisch is. Het is ontworpen om zelfs maar de kleinste vorm van profetische reactie te blokkeren. Als iemand van ons hier iets profetisch zou doen zou het de hele gemeenschap shockeren. We kunnen er niet mee omgaan. We proberen de zaak zelfs systematisch aan te passen door iets te realiseren waarin iedereen veel vrije tijd heeft, een minimum aan werk en met niemand op zijn nek. Dat is een prettig leven maar het heeft niets te maken met een contemplatief leven.
Ik denk dat we het beter kunnen doen dat dat. Niet alleen individuen maar de hele gemeenschap zelf zou profetisch moeten zijn. Dat is een ideaal natuurlijk. Maar dat is onze taak: niet om profetische individuen voort te brengen die ons alleen maar hoofdpijn zullen bezorgen, maar wij willen een profetische gemeenschap zijn.
Wij moeten ons dus niet identificeren met de mensen in onze tijd?
Ja en nee. Wij moeten voor hen een teken van tegenspraak zijn wat hen herinnert aan een vrijheid die ze zelf overboord hebben gegooid. Maar dat betekent dat wijzelf die vrijheid verworven dienen te hebben of in ieder geval daarnaar moeten zoeken als we die nog niet hebben. Ik denk dat we kunnen leren van diegenen in deze wereld die hier iets van begrijpen. Ping Ferry (Wilber Hugh Ferry) is iemand in dit land die een diepe verbondenheid heeft met de seculiere profetische dimensie, zowel voor de zwarte als de witte mens. De zwarte gemeenschap als geheel heeft de neiging om profetisch te zijn. Bepaalde zwarte avantgarde jazz bijvoorbeeld, is echte protestmuziek. Het is bijna onvoorstelbaar, maar als je ernaar luistert, zul je daar een geweldige diepgang in vinden. Een deel daarvan is het erg onrustbarende, angstaanjagende geluid van blaasinstrumenten. De soulmuziek is de expressie van woede en pijn en nog veel meer. Het is onvergelijkbaar met het onschuldige, in de witte samenleving geaccepteerde, muzikale behang; het is zelfs het volledig tegenovergestelde.
In ons georganiseerde religieuze leven zijn er structuren die ons zelfbewustzijn blokkeren en vervangen met rituelen die werken als een symbolische façade of ‘plaatje’. Ze zijn te vergelijken met een geschreven instructie of recept: Opstaan om twee uur in de ochtend, nooit naar huis schrijven, nooit vlees eten, mis nooit het koorgebed. Je schrijft zo’n lijst uit en dat doe je dan. Je kan staande slapend het koorgebed doen; en dat is dan okay. We hebben beloofd dat we dat zouden doen en dat hebben we gedaan! Dit is het waar we ons tegen verzetten. Het doen van deze dingen geeft een gevoel van zekerheid. Het is iets wat we kunnen voelen, zien en aanraken; een nieuw materialisme. Het is geruststellend. Haal deze structuren weg en sommigen zullen zichzelf niet meer herkennen. Wat houdt dit in? Het betekent dat we volledig vervreemde mensen kunnen zijn; dat onze identiteit is opgelost in een systeem dat ontworpen is voor en door iemand anders. Als we in die structuren functioneren voelen we ons veilig; als we daarbuiten terecht komen bestaan we niet meer.
Voordat we dus profetisch kunnen worden moeten we authentieke mensen zijn; mensen die zonder structuren kunnen leven. Mensen die hun eigen bestaan kunnen scheppen. Die in zichzelf de bronnen hebben om hun eigen identiteit en eigen vrijheid te bevestigen in welke situatie dan ook waarin zij zich bevinden. Dat betekent dat we mensen zijn die in staat zijn voor zichzelf een leven creëren; mensen die niet bepaald worden door structuren.
Helaas is het mogelijk om te veranderen en toch hetzelfde weer te doen in een andere context. Iedereen kan zien hoe dwaas het is om twee uur in de ochtend het koorgebed te doen terwijl je op je laatste benen loopt maar niet zien dat het samen whisky drinken om twee uur in de nacht hetzelfde omgekeerde conformisme is; een andere manier van doen welke geaccepteerd of goedgekeurd wordt. Het is het andere eender.
Wij worden aangemoedigd ons te identificeren met een seculiere cultuur die op zijn eigen manier een vorm van zekerheid en veiligheid biedt. Maar die, in feite, onze vrijheid verslindt omdat het een totalitair systeem is. We hebben het hier over het probleem waar Marcuse en mensen zoals hij het over hebben.
Mensen die betrokken raken bij dit progressieve gedoe kunnen heel cynisch worden.
Dat is zeker mogelijk. Er is zeker een bepaalde mate van vrijheid in onze samenleving maar die is voor een groot deel illusoir. Nog een keer, wij zijn vrij om onze producten te kiezen maar we zijn niet vrij om het zonder te doen. Je moet een consument zijn en je identiteit wordt voor een groot deel bepaald door de keuzes die je maakt, die weer voor een groot deel bepaald worden door de reclame. Identiteit wordt door advertenties geschapen. Je kiest je merk whisky omdat jij je identificeert met het imago dat bij dat merk hoort. Het is heel verhelderend om de advertenties te bestuderen. We zouden in staat moeten zijn om dat kritisch te doen; mensen die door de advertenties gedomineerd worden lezen die niet zozeer maar reageren op deze boodschappen op een instinctieve manier. Hun bewustzijn is maar voor de helft actief. Je kunt ze leven omdat je ze niet serieus neemt. Ik zou de ‘Peck & Peck’ advertenties leuk kunnen vinden omdat ze het soort meisje laten zien wat ik wel had willen trouwen.
Echt slim en hij houdt van de juiste dingen!
Kijk; nu hebben we het ergens over… En zo krijg je non-conformisten.
Zie jij non-conformisme als een basaal element van de monastieke roeping, dat dit een kenmerk is van de ware contemplatief?
Oh, zeker.
Ik denk dat psychologen dat ontdekt hebben naar aanleiding van het testen van aangepaste contemplatieven.
Zeker. Het gaan leven in de woestijn was een keuze van non-conformisten, het was een protest. Het is een cliché om dat tegenwoordig te zeggen maar een Protestant zoals Harnack (Adolf von Harnack 1851-1930) was onder degenen die dat al zeiden. De woestijnmonniken protesteerden tegen de mainstream Kerk van die dagen en het rijk onder Constantijn. Toen de Kerk tot de gerespecteerde establishment ging behoren trokken mensen de woestijn in. Omdat er geen martelaarschap meer mogelijk was zochten ze naar een andere mogelijkheid om te lijden. Maar ze wilden vooral weg omdat ze dachten dat er geen authentiek leven meer was. Ze wilden absoluut wegkomen van bisschoppen hoewel dat in de propaganda nooit toegegeven werd. Athanasius raakte betrokken bij deze monniken en ze werden weer het systeem binnen gelokt om de Arianen te bestrijden. En zo hoorden ze weer bij het establishment. Ook de Egyptische monniken raakten in de ‘politiek’ betrokken, samen met Origenes, waardoor het plaatje er nog slechter ging uitzien.
Maar de Syrische monniken bleven buiten dit alles net als vele groepen die niet zoveel met de Kerk te maken hadden. Natuurlijk kleineren historici het belang van deze fenomenen. Het hele plaatje werd daardoor het omgekeerde. Monniken zouden de grote supporters zijn van de orthodoxie. Waar wij voor uit moeten kijken het feit dat wij in een gevangen maatschappij leven.
Deze maatschappij blokkeert kwalitatieve veranderingen terwijl het kwantitatieve veranderingen aanmoedigt. Nieuwe producten, nieuwe attracties zijn overal te vinden. We kunnen meer en verschillende dingen kopen en vervangen omdat ze zo snel verouderen. De menselijke soort is nog nooit zo gestandaardiseerd en zo vooraf vastgelegd geweest als heden ten dage.
Als we het over de middeleeuwen hebben doen we dat alsof dat de eeuwen zijn van onvrijheid. Maar als je iets meer over geschiedenis zou lezen zul je ontdekken hoeveel mensen in werkelijkheid zelf konden uitkiezen. Zeker, de levensfilosofie was er een van voorbestemming. Maar er was veel wat je kon doen. Mensen, zoals Sint-Bernardus bijvoorbeeld, waren zeer onafhankelijk en trokken vrijelijk rond. Je krijgt soms het gevoel dat mensen erg plaatsgebonden leefden maar in werkelijkheid erg mobiel waren.
De wereld van vandaag geeft ruimte aan verandering, maar het neutraliseert protest en verteert veel daarvan. De inzet voor vrede, hoezeer ze de zaken ook wakker schudden, zal niets veranderen. De mensen beginnen dat door te krijgen en worden wanhopig omdat het een verschrikkelijke situatie is (= o.a. de oorlog in Vietnam in die tijd; notitie van de vertaler). Als je je hiervan bewust bent, zie je hoe hulpeloos we zijn. In ons geval zitten wij dus in een spagaat omdat wij ons niet alleen verzetten tegen eigen conservatieve innerlijke structuren maar, als we ons daar dan al uit kunnen bevrijden, we nog steeds gevangen zitten in een context die niet echt vrij is. We zullen dus moeten uitzoeken in hoeverre we ons eigen leven kunnen leiden.
En ook dat kan dan weer een zaak van privileges zijn. Neem bijvoorbeeld ons solitaire leven. Ik geef mijn eigen leven vorm zoveel als wie dan ook in dit land. Maar deze eenzaamheid is een luxe. Alleen een paar miljonairs kennen dat solitaire leven – en een paar zwervers. Natuurlijk is er meer aan de hand als het gaat om zwervers; veel van hen kiezen ervoor. Het is een ingrijpende keuze maar sommigen van het willen dat vanwege de vrijheid die het geeft. Niet dat ze ook niet in een val zijn gelopen, maar het geeft ze een zekere bewegingsvrijheid. Maar ze betalen daarvoor wel een prijs: het is een smerig, onveilig en deprimerend leven. Denk je eens in hoe het is om je leven lang aan de onderkant van de piramide te moeten verblijven. Iemand zoals Benedictus Jozef Labre koos voor dat leven. Het heeft een monastieke karakteristiek omdat een vorm van afzondering is; een manier waarin je zegt: “Ik hoef geen gerespecteerd persoon te zijn. Ik hoef die waarden niet te aanvaarden waarvan iedereen zegt dat ik zou dat ik zou moeten.”
In onze maatschappij zitten een paar dictaten gebakken. Je moet dit doen en je moet dat doen. Als je deze dingen doet ben je gelukkig. Als je dat niet doet ben je ongelukkig, een mislukking, slecht, een outcast. Nooit tevoren was dat zo gesystematiseerd. De zwervers zeggen: “Als je dit doet en dat doet dan ben je niet gelukkig. Je zegt alleen maar dat je dat bent. Ik ga iets doen wat al die dingen niet in zich heeft. En ik zal gelukkig zijn.”
Dat is het wat wij hier doen. Er is iets in ons wat ons nooit rust zal geven als wij niet dat doen. Maar dan komt de Kerk erbij en die zegt: “Als jij dit doet zul je gelukkig zijn, dan zul je God behagen, dan zul je een goede religieuze zijn, dan zul een heilige zijn. Vervolgens zegt iets in ons: “Dat is niet waar. Om gelukkig te zijn en een heilige te zijn moet ik mijn geweten volgen, moet ik de Heilige Geest volgen”. Dit is de bron van onze profetische roeping. We moeten dat in dit licht zien. Niemand, dan alleen God, ons geweten en onze broeders en zusters, gaat ons vertellen wat wij moeten doen. Niemand gaat ons leven bepalen.
Maar symbolisch protest is niet genoeg. We moeten het echt leven. En dat zou best wel eens veel minder spectaculair kunnen zijn dan protesteren. Het zou wel eens kunnen zijn dat het niemand opvalt. Maar we weten zelf wat we aan het doen zijn.
Iedereen van ons moet dat in overeenstemming brengen met zijn eigen roeping; we moeten onszelf zijn. We hoeven ons niet te meten aan het programma van een klooster of een orde, maar we moeten ons eigen leven leiden. Als we dat niet doen zijn we voor niemand van nut. Het doel van het verhaal van vandaag is ons te realiseren dat niemand ons leven in plaats van ons kan leven. Er is geen progressief of conservatief programma, geen krant of magazine, geen NCR (= National Catholic Reporter) of Osservatore Romano dat ons kan vertellen hoe wij moeten leven.
In zekere zin weten we wat we moeten doen. Veel daarvan is doen wat we eigenlijk al willen. We lopen geen fantasieën achterna; we zijn bereid te vechten voor ons recht om te doen wat we willen. We besluiten dat niet in ons eentje; we onderzoeken dat samen met andere mensen. We helpen elkaar om dit te doen. We leven in een gemeenschap en die is er dus bij betrokken. Een ontmoeten zoals deze, zonder dat we daarbij ons hele leven herzien, helpt ons daarbij. Wat we dus willen is meer dat alleen maar strikt persoonlijk.
De vraag is dus: Wat willen jullie realiseren in jullie gemeenschappen. Stem dat af op wat redelijkerwijs mogelijk is en doe dat. We zullen dan niet op een dwaalspoor worden gebracht door misleidende beloftes van iemand anders. Kijk wat je kunt doen met wat je hebt en wat voor jou bereikbaar is. Er kan veel gebeuren als gevolg daarvan. Mijn eigen probleem is om te doorzien hoe ik jullie kan helpen zonder daarbij betrokken te raken in een circuit van lezingen of iets wat daarop lijkt.
Laten we bidden: In de naam vand e Vader en de Zoon en de Heilige Geest. Amen. Eeuwige, begenadig ons met uw licht en de steun van uw Heilige Geest om onze roeping te volgen zoals u dat van ons zou willen; en schenk ons de genade om de problemen van die roeping te verstaan in het licht van uw wil voor onze tijd. Door Christus onze Heer.
Amen
The Springs of Contemplation, pag. 129-142